*

 

’De overmacht was simpelweg te groot’

Gert Jan Rohmensen − 22/08/08, 00:00

Russische soldaten komen een Georgische basis in Senaki binnen. Bij het zien van de kazernes en de uitrusting van de Georgische militairen reageren ze verbaasd. „Kijk eens hoe die hufters woonden. Zij hadden alles, wij niets. Wij wonen als daklozen”, zeggen ze. Het is een scène uit een kennelijk door een Russische militair gemaakt filmpje, vertoond op de Georgische tv.

Het Georgische leger is de afgelopen jaren flink gegroeid, gereorganiseerd en gemoderniseerd, een kostbare operatie. Werd er in 2004 nog ruim 170 miljoen lari (81 miljoen euro) besteed aan defensie, vorig jaar was dat al toegenomen tot 710 miljoen euro. Het aandeel van het defensiebudget in de totale begroting nam toe van 10 procent tot 33 procent. Dit jaar is het budget nog altijd een kwart van het staatsbudget. Georgië telt 27.000 militairen op een inwonertal van 5 miljoen.

Bijna alle gevechtseenheden hebben hun opleiding gekregen van Amerikaanse instructeurs die in 2002 (na de aanslagen van 11 september 2001) actief werden in Georgië. De nadruk lag op terrorismebestrijding, niet zozeer op opbouw van offensieve kracht. Ook andere westerse landen waren betrokken. Frankrijk bijvoorbeeld, trainde de bergtroepen, en Nederland hielp bij het reorganiseren van de budgettering en het personeelsbeleid.

Oud sovjetmaterieel en wapensystemen werden flink gemoderniseerd of nieuw aangeschaft, zeker toen de internationale markt voor geavanceerde wapens een jaar geleden openging voor Georgië. Zo kochten ze hypermoderne onbemande spionagevliegtuigjes. „Daarvoor wilde niemand Georgië ook maar een kalasjnikov verkopen, vanwege de binnenlandse conflicten”, zegt Koba Liklikadze, Georgisch defensiespecialist en medewerker van Radio Free Europe.

De vraag is daarom waarom het Georgische leger zich al binnen enkele dagen na de aanval op de pro-Russische provincie Zuid-Ossetië, halsoverkop moest terugtrekken. De aftocht verliep chaotisch en dramatisch. De door etnische Georgiërs bewoonde dorpen in de omgeving konden niet verdedigd worden tegen de snel oprukkende Russen, evenals de 25 kilometer zuidelijker gelegen stad Gori.

„De Georgische troepen hebben zich nauwelijks verdedigd”, zegt de Russische sergeant Sasja, die met zijn tanks uit Tsjetsjenië kwam en vrijwel ongehinderd kon doorrijden naar Gori. De Georgische troepen die de eerste slag uitdeelden in Zuid-Ossetië verzuimden namelijk Ruslands enige toegang tot het gebied – de Roki-tunnel die Zuid- met Noord-Ossetië verbindt – grondig af te sluiten.

„Ze boden vrijwel geen tegenstand, ze vluchtten meteen”, aldus de Russische onderofficier over zijn Georgische tegenstanders. „Ze hebben wel 100 tanks en voertuigen achtergelaten, en die nemen wij mee naar Rusland.”

Koba Liklikadze zat toen vlakbij Gori en zag die terugtocht. „Het moreel was volledig weg, en er was veel paniek. Het was ineens een ander leger geworden. Niemand heeft me nog kunnen uitleggen waarom.”

Russische soldaten zijn goed getraind, zegt David, een korporaal van de Georgische militaire politie, die dertig kilometer buiten Tbilisi langs de verlaten snelweg naar Gori kampeert met collega’s. „En er spelen mentaliteitsverschillen mee”, denkt de Georgische onderofficier. „Russische soldaten kennen geen emotie en zijn verre van beschaafd.”

De overmacht was simpelweg te groot, zegt David Dartsjiasjvili, lid van het Georgische parlement voor de regeringspartij en specialist in civiel-militaire relaties. „Als het alleen de Zuid-Ossetische strijders waren geweest was het gelukt. Maar ze keken tegen een enorme dreiging aan. Dit was het Russische 58ste leger, compleet met tactische raketten. Doorgaan zou de totale vernietiging van het Georgische leger hebben betekend en het bombarderen van veel steden in Georgië.”

„Zelf de aanwezigheid van het 58ste is voor mij geen afdoende verklaring”, zegt Koba Liklikadze. „Als ze daar zo bang voor waren, waarom hebben ze dan sowieso besloten tot deze operatie.” Mogelijk speelde zelfoverschatting van de Georgische politici een rol. Liklikadze vindt het nog te vroeg om over de wederopbouw van het Georgische leger te praten. „Het eerste en belangrijkste is nu de terugtrekking. Mét de Russen nog hier kan er geen sprake zijn van wederopbouw, omdat ze dan alles zo weer kunnen vernietigen.”

mailIcon print |