Rusland won de oorlog om Zuid-Ossetië met gemak. Maar gerust zullen ze niet zijn in het Kremlin. Russisch materieel is verouderd. De Georgiërs op hun beurt hebben hun krachten zwaar overschat.
Ruslands blitzkrieg van de afgelopen weken heeft alles van een klinkende overwinning. In minder dan een week werd het Georgische leger opgerold in Zuid-Ossetië, bezetten de Russen strategische plekken in de rest van Georgië, en werd de Georgische marine praktisch vernietigd.
Het Russische leger lijkt lessen te hebben getrokken uit de eerdere oorlog met Tsjetsjenië, die zich jarenlang voortsleepte en nog steeds niet ten einde is. Zo werden er bijna uitsluitend gemotiveerde professionals naar Georgië gestuurd, in plaats van de onervaren dienstplichtigen die van het conflict in Tsjetsjenië zo’n rommeltje maakten.
Ook heeft Rusland goed gekeken naar operaties van de Navo. Net als in Servië schakelde het Russische leger in korte tijd alle militaire faciliteiten uit, zoals havens en vliegvelden.
„Ik ben ervan overtuigd dat deze goed uitgevoerde en effectieve operatie, met als doel de vrede te bewaren, een van de meest glorieuze bladzijden zal zijn in de geschiedenis van de Russische krijgsmacht”, zei president Medvedev in een toespraak in Noord-Ossetië.
Maar op de achtergrond zullen harde noten gekraakt worden in het Kremlin. Want de overwinning werd eerder ondanks dan dankzij de kwaliteit van de Russische krijgsmacht behaald. „Als ze met hun oude rommel over het Rode Plein willen paraderen, dan moeten ze dat vooral doen”, zei een Amerikaanse official in aanloop naar de jaarlijkse militaire parade op 9 mei, dit jaar uitgebreid met tanks en kernwapens.
Slechts eenvijfde van het Russische materieel is modern te noemen. Zo ontbeert het Russische leger nog steeds de technologie van precisiebombardementen, wat de kans op burgerslachtoffers vergroot, zoals in Gori, waar de Nederlandse cameraman Stan Storimans waarschijnlijk door een Russische clusterbom om het leven kwam. Veel Russische tanks gingen al stuk voordat zij het front hadden bereikt. In tegenstelling tot Georgische tanks waren zij niet uitgerust met nachtzicht apparatuur en hadden zij geen onbemande vliegtuigjes die de doelen konden afbakenen. Er is nog steeds geen Russisch satellietnavigatiesysteem.
Exemplarisch zijn de lotgevallen van generaal Anatoli Chroeljev, die aan het hoofd stond van het 58ste leger dat het leeuwendeel van de invasie verzorgde. Zonder verkenningen trok hij zonder luchtdekking de hoofdstad Tschinvali in, waar hij onder vuur kwam te liggen. Tot overmaat van ramp moest Chroeljev een satelliettelefoon van een Russische correspondent lenen om contact te leggen met de versterkingen. Chroeljev kwam weg met een schot in zijn been. Vooral de luchtmacht – die de Georgische bases en vliegvelden uiteindelijk toch een beslissende slag toebracht – moest het ontgelden bij officials en de pers. De slecht getrainde piloten leken compleet verrast te zijn door het moderne Georgische luchtdoelgeschut en Georgische straaljagers die waren uitgerust met de modernste Amerikaanse en Israëlische snufjes.
De boodschap is duidelijk in Moskou: er moet eindelijk eens werk worden gemaakt van de modernisering van het Russische leger. Begin deze maand werd nog een ambitieus militair plan gelanceerd voor de modernisering van het Russische leger voor het jaar 2030. Daar zal ongetwijfeld meer druk achter worden gezet.
Misschien nog wel alarmerender dan het Russische wapengekletter is het gebrek aan historisch besef. President Medvedev zei deze week: „We zijn altijd een vredelievend land geweest. Er is praktisch geen geval te noemen in de geschiedenis van Rusland of de Sovjet-Unie dat wij een militaire actie begonnen.” Geen wonder in een land waar velen, ook jongeren, ervan overtuigd zijn dat de Sovjet-Unie in 1968 Praag binnenviel op uitnodiging van de Tsjechen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.