*

 

Jubileum Wereldraad is een besloten feestje

Emiel Hakkenes − 22/08/08, 00:00

’Vrienden van de oecumene’ vieren vandaag met de koningin de verjaardag van de Wereldraad van Kerken.

Zure oude mannen? Albert van den Heuvel lacht om de suggestie. Oud, vooruit, maar verder moet je hem en de andere ’vrienden van de oecumene’ vooral zien als moedig. Moedig omdat zij hun bezorgdheid over de Wereldraad van Kerken – die vandaag zestig jaar geleden in Amsterdam werd opgericht – niet voor zich houden, maar vervat hebben in een boek dat zij vandaag presenteren.

De bundel ’The ecumenical movement at a Crossroads’ (’De oecumenische beweging op een kruispunt’) bevat opstellen over de vraag wat de uitgangspunten van de Wereldraad zestig jaar na zijn oprichting nog betekenen. Onder andere oud-premier Ruud Lubbers, voormalig minister Jan Pronk en dominee Carel ter Linden laten hun licht daarover schijnen. De bundel is samengesteld door Theo van Boven (1934) en Frans Bouwen (1954), die beiden aan de Wereldraad verbonden zijn geweest, en opgedragen aan Willem A. Visser ’t Hooft (1900-1985), de eerste secretaris-generaal van de Wereldraad. Koningin Beatrix neemt het eerste exemplaar in ontvangst.

Ook Albert van den Heuvel (1932, oud-secretaris-generaal van de Nederlandse Hervormde Kerk) was jarenlang werkzaam voor de Wereldraad. En hij maakt zich zorgen, zegt hij. Van den Heuvel ziet de rol van instituten als kerk en vakbond in de samenleving steeds kleiner worden, maar dat besef lijkt op de burelen van de Wereldraad van Kerken in Genève niet echt door te dringen.

„De manier van werken van de Wereldraad is niet veranderd sinds de tijd dat hij veel geld en aandacht kreeg”, zegt Van den Heuvel. „Wat meer bescheidenheid zou nu op zijn plaats zijn. Dat grote kantoor in Genève mag van mij wel gesloten worden. Een aantal kleinere kantoren in verschillende landen lijkt me wel zo efficiënt.”

Natuurlijk moet de Wereldraad zich blijven uitspreken over internationale aangelegenheden, zegt Van den Heuvel. „Maar op een nederige manier, niet met een opgeheven vingertje.”

„De rol van de Wereldraad van Kerken is niet meer van hetzelfde kwalitatief hoge niveau als vroeger”, vindt ook Frans Bouwen. „De tijden zijn veranderd sinds 1948. Daarom vragen wij ons af: kan de Wereldraad met nieuwe antwoorden komen op de vragen van deze tijd?”

Welke vragen dat zijn? Albert van den Heuvel: „De verhouding met andere godsdiensten lijkt onderaan het lijstje prioriteiten van de Wereldraad te staan. Dat moet naar boven. En ook het milieu verdient meer aandacht.”

De bijeenkomst vandaag in de Amsterdamse Nieuwe Kerk is besloten. Dat bevreemdt de woordvoerder van de Protestantse Kerk in Nederland (PKN), die met een afgevaardigde vertegenwoordigd is in het Centraal Comité (algemeen bestuur) van de Wereldraad. PKN-voorman Arjan Plaisier zal acte de présence geven, maar zegt de woordvoerder: „De protestantse kerk kent geen besloten kerkdiensten.”

Algemeen secretaris Klaas van der Kamp van de Raad van Kerken in Nederland vindt het besloten karakter van de bijeenkomst ’prima’, en is ook van de partij.

Van een echte kerkdienst is geen sprake, haast Frans Bouwen zich te zeggen. „Zie het als een feestje van vrienden. Wij willen graag een cadeau geven aan de jarige Wereldraad.”

Albert van den Heuvel: „Als je van je grootvader een cadeau krijgt, is dat toch leuk? Het is een soort geintje, niet dé jubileumactiviteit.”

Van dat ’geintje’ kreeg het Koninklijk Huis volgens Van den Heuvel lucht, doordat prins Constantijn werkt voor dezelfde Haagse stichting voor vluchtelingen- en migratievraagstukken als Frans Bouwen.

Verder is de band met de Oranjes even oud als de Wereldraad zelf: prinses Juliana, die korte tijd later koningin Wilhelmina zou opvolgen, nodigde de deelnemers aan de oprichtingsvergadering uit voor een lunch, waarin zij pleitte voor de toelating van de vrouw tot het ambt.

Onder de aanwezigen in de Nieuwe Kerk is ook de huidige secretaris-generaal van de Wereldraad, de Keniase dominee Samuel Kobia. Uiteraard, zegt Albert van den Heuvel, hoopt hij dat Kobia de opstellen uit het jubileumboek aandachtig zal lezen. Maar grote veranderingen ziet Van den Heuvel niet op korte termijn plaatsvinden. „Wat dat betreft maak ik mij weinig illusies. Een mammoettanker kan niet zomaar zijn koers verleggen.”

mailIcon print |