De VN-vredesmacht Monuc is ernstig in het defensief gedrongen door rebellen van generaal Nkunda in Noordoost-Congo. Is er hoop voor de vluchtende burgers?
Het vuur is weer opgelaaid in de grootste hel op aarde: het kwetsbare noordoosten van Congo. Rebellen dreigen Goma, de hoofdstad van de provincie Noord-Kivu in te nemen. Honderdduizenden zijn op de vlucht geslagen.
De regio wordt al tien jaar geteisterd door geweld. Van 1998 tot 2003 vond hier de eerste ’Afrikaanse Wereldoorlog’ plaats. Legers uit zeker acht landen streden er om de rijke bodemschatten van het immense land, in de chaos die ontstond nadat dictator Mobutu Sese Seko was verjaagd.
Parlementaire en presidentsverkiezingen in 2006 ten spijt, zijn de werkelijke conflicten van het noordoosten nooit opgelost. De schatting is dat er in die regio sinds 1998 meer dan vijf miljoen doden zijn gevallen door de aanhoudende crisis en bijbehorende ondervoeding en chaos.
De Nederlandse generaal-majoor b.d. Patrick Cammaert leidde van 2005 tot 2007 de VN-vredesmacht Monuc in Congo. Hij zei in juni in de Veiligheidsraad dat het in een gewapend conflict gevaarlijker is geworden om een vrouw te zijn dan een soldaat. Voor welk doel de twintig rebellengroepen en het Congolese leger in het gebied ook zeggen te strijden, verkrachting is voor hen allemaal dagelijkse routine geworden.
De huidige sterke man van de rebellen is de ex-generaal Laurent Nkunda – weggelopen uit regeringskringen in de hoofdstad Kinshasa – die zegt te strijden voor de Tutsi’s die in de regio wonen. Tutsi’s waren massaal slachtoffer van de genocide in het vlakbij gelegen buurland Rwanda in 1994. Maar Nkunda is vooral uit op macht. Zijn mannen bewaken niet de vluchtelingenkampen vol Tutsi’s, maar weidegronden van rijke stamgenoten en diverse felbegeerde mijnen.
De aanwezigheid van Hutu-milities in het gebied is voor hem een goed excuus niet te ontwapenen. Het feit dat sommige Congolese commandanten samenwerken met deze Hutu-milities (de moordenaars uit de genocide) om stand te houden tegen Nkunda, maakt het er niet beter op.
Op zijn beurt lijkt het voor de Rwandese dictator Kagame beter als de Hutu-milities in Congo actief blijven. Hij probeert niet serieus hen in Rwanda te laten herintegreren. Zolang zij in Congo zijn, heeft Kagame altijd een excuus het land binnen te vallen. Ook voor hem zijn het goud en de mineralen uit de mijnen bijzonder aantrekkelijk.
Zo houden alle partijen elkaar in een wurggreep, waar de burgers het meest onder lijden. Wat heeft de VN tot nu toe voor hen kunnen doen? Weinig helaas.
VN-vredesmacht Monuc heeft dan wel 17.000 mensen in Congo, maar zit klem tussen deze intriganten, en heeft te veel slecht opgeleide en ongemotiveerde krachten. Sinds het vertrek van Cammaert is de militaire leiding van Monuc zwak geweest, waardoor burgers zich niet beschermd voelen. Herhaaldelijk vielen deze week gefrustreerde burgers daarom blauwhelmen aan.
Zondag begon Nkunda aan zijn succesvolle offensief op vier fronten. Maandag maakte de Spaanse Monuc-bevelhebber Diaz de Villegas bekend dat hij opstapte. En dat na vier weken Congo. Zijn naam is op de website van Monuc al niet meer terug te vinden. Burgerchef Doss van Monuc vroeg gisteren wanhopig om extra troepen voor Noord-Kivu. Een onrealistische vraag, en te laat bovendien.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.