De financiële crisis laat zien dat de westerse wereld tegen een muur is aangelopen. Onze manier van leven, werken en consumeren is op lange termijn niet houdbaar. We gaan een nieuwe ordening tegemoet, met gevolgen voor werk, consumptie, politieke keuzes en wereldwijde machtsverhoudingen. Trouw belicht de komende tijd die nieuwe toekomst. Vandaag deel 3: hoe denken jongeren over de zoektocht naar een nieuw evenwicht?
Een iPod voor Sinterklaas, van een studiebeurs op vakantie naar Thailand en het nieuwste model Vespa als verjaardagscadeau. Voor de generatie die is opgegroeid in de jaren negentig kon het niet op. Ouders stimuleerden hun kroost om zich persoonlijk te ontwikkelen. Twee studies of een lange wereldreis konden daaraan bijdragen.
De jonge generatie is gewend aan rijkdom en luxe. Diederik Samson (PvdA) noemde deze generatie onlangs op de Podium-pagina van Trouw de zorgeloze generatie. Een generatie die ervan overtuigd is dat de groei geen grenzen kent, schreef hij.
De twintigers en dertigers zijn geen hemelbestormers of wereldverbeteraars zoals we die kennen uit de jaren zeventig en tachtig. Maar dat jongeren geen oog hebben voor de klimaat-, voedsel-, en economische crises, is niet waar.
Jongeren opereren pragmatischer. Verandering moet er komen, vinden ze. Maar die moet verwezenlijkt worden met het huidige systeem als basis. „De ouderen hebben de grote lijnen uitgezet en wij hebben de taak om die duurzame ontwikkeling verder voort te zetten”, zegt Marck Hagen, directeur van bedrijf WuvioChem, dat op een duurzame manier chemicaliën levert.
Onlangs presenteerde Jong Management, de aan werkgeversorganisatie van VNO-NCW gelieerde vereniging van jonge werkgevers en leidinggevenden tot 40 jaar, een onderzoek over generatieverschillen bij jonge ondernemers.
Hoewel uit het onderzoek naar voren kwam dat de generatiekloof tussen de leeftijdsgroepen (tot 40 jaar en ouder dan 40 jaar) niet erg groot is, is er één belangrijk verschil. Het overgrote deel van de oude generatie vindt dat de jonge ondernemers vooral worden gedreven door eigenbelang.
Met andere woorden: jongeren gaan voor het grote geld en proberen zo veel mogelijk de persoonlijke rijkdom te vergroten. De jonge generatie sprak die stelling in het onderzoek tegen.
Uit onderzoek van TNS-Nipo in opdracht van de Volkskrant bleek ook dat twintigers erg met zichzelf bezig zijn. TNS-Nipo ondervroeg 600 twintigers over toekomstverwachtingen. Voor de meeste twintigers (33 procent) is de partner het belangrijkst in het leven, gevolgd door zelfontplooiing (18 procent).
Eske Scavenius (23) en Patrice van Riemsdijk (57) herkennen dat. Zij schreven samen het boek: ’Jij maakt het verschil. Inspiratie & leiderschap voor the next generation’. Daarin zijn achttien leiders, jong en oud, geïnterviewd, van grote ondernemingen of non-profitorganisaties, zoals Tex Gunning (Akzo Nobel) en Ben Verwaayen (Alcatel-Lucent). Het boek schetst daarnaast een beeld hoe studenten en starters aankijken tegen toekomstig leiderschap.
Opvallend is dat veel studenten de ’eigen ontwikkeling’ belangrijk vinden en daarmee verandering binnen een bedrijf teweeg willen brengen.
„De jonge generatie is enorm bezig zich persoonlijk te verrijken en probeert zo veel mogelijk ervaring op te doen, zodat ze dat later op de cv kan zetten”, zegt Van Riemsdijk. „Jongeren worden voortdurend geconfronteerd met keuzes: zal ik dit jaar naar Thailand gaan om iets te zien van de wereld en van andere culturen te proeven, of zal ik een taalcursus volgen? Al die keuzemogelijkheden leiden tot een lichte vorm van leven.
” De jonge generatie kenmerkt zich door een sterk individualistisch karakter en dat staat in scherp contrast met de generatie uit de jaren zeventig en tachtig, die massaal de barricade opging om te protesteren tegen onrecht in de wereld. Denk aan de massale protesten tegen de Vietnamoorlog of de demonstraties in de jaren tachtig tegen kruisraketten.
De jonge generatie lijkt die moralistische drijfveer te missen. „Dat klopt”, zegt Van Riemsdijk. „De oude generatie moest iets compenseren. Hun ouders waren zich immers veel minder bewust van wat leefde in de wereld. De beelden van de Vietnamoorlog waren voor deze mensen het teken om de straat op te gaan. Bij de jonge generatie ligt dat heel anders. Zij hoeven niets meer te compenseren en bovendien worden ze iedere dag geconfronteerd met zoveel nieuws dat ze constant een keuze moeten maken. Daardoor hebben ze soms moeite te kiezen wat de eigen bijdrage wordt aan de samenleving.”
Scavenius beaamt dat. „Je vraagt je telkens af: waar wil ik me op richten? Maar die eigen ontwikkeling kan juist bijdragen aan duurzaam leiderschap.” De jonge generatie zou volgens Scavenius, die bedrijfseconomie studeert aan de Universiteit van Amsterdam, vanuit het huidige systeem verandering teweeg willen brengen in plaats van aanschoppen tegen de huidige samenleving. „Ik zou bijvoorbeeld nooit voor een bedrijf gaan werken dat enorme schade toebrengt aan het milieu, bijvoorbeeld een bedrijf als EON dat nog steeds kolencentrales bouwt. Maar bij een bedrijf als Akzo Nobel, dat inmiddels op 1 staat in de Dow Jones Stoxx Sustainability Index (een index gebaseerd op duurzaamheid), zou ik graag werken. Deze onderneming is enorm gericht op duurzaamheid.”
Scavenius is ervan overtuigd dat vanuit het huidige systeem, bijvoorbeeld bij grote ondernemingen die zich meer richten op maatschappelijk verantwoord ondernemen, de verandering naar een duurzame economie en productieproces de meeste kans van slagen heeft. „Ik geloof minder in het veranderen van consumptiepatronen, bijvoorbeeld de aanschaf van biologisch vlees. Wat ik doe als individu is niet genoeg. Daarom koop ik deze producten meestal niet. Bovendien kan ik me dat als student niet veroorloven.”
De houding van Scavenius onderstreept het onderzoek dat ontwikkelingsorganisatie Solidaridad vorig jaar liet uitvoeren naar consumentengedrag met betrekking tot duurzame producten. Daarin werden verschillende leefstijlen en leeftijdscategorieën onderscheiden.
Uit het onderzoek kwam naar voren dat met name gezinnen die streven naar harmonie en balans en met een goed inkomen veel geld besteden in natuurvoedingswinkels, net als aan fair trade-producten.
Jonge mensen daarentegen geven veel minder uit aan biologisch vlees, fair trade-koffie en vrije-uitloopeieren. Dat komt onder meer doordat deze mensen materialistischer zijn ingesteld, maar ook omdat jongeren en studenten er simpelweg geen geld voor hebben, zo blijkt uit het onderzoek.
Vanuit het huidige systeem iets veranderen, dat herkent ook Marck Hagen (28). Hij zit in het bestuur van Jong Management (VNO-NCW) en is directeur van het bedrijf WuvioChem. Het bedrijf levert chemicaliën aan de afvalverwerkende industrie.
Hoewel het bedrijf actief is in de chemie, zorgen de middelen ervoor dat processen duurzamer worden. Met minder energie, minder waterverbruik, minder afvalwater en een schonere omgeving.
Voor bedrijven is het bovendien goedkoper en milieuvriendelijker. Het afgelopen jaar heeft WuvioChem, dat inmiddels levert aan 90 procent van de Nederlandse afvalverwerkers, zijn klantenbestand met 15 procent zien toenemen. „Dat is een forse groei”, zegt Hagen. „Bedrijven raken ervan doordrongen, zeker onder de huidige crisis, dat een duurzaam productieproces op lange termijn energie en dus kosten bespaart.”
Waar de jonge generatie volgens Hagen het voortouw in moet nemen, is energie besparen in de vorm van communicatie. „Dat probeer ik in mijn eigen bedrijf al te doen. Bijvoorbeeld niet voor iedere afspraak in het buitenland op en neer vliegen, maar communiceren met e-mail, skype (telefoneren via internet) en videoconferenties. Dat bespaart ontzettend veel energie. Ik blijf constant kritisch op de voetsporen die ik achterlaat.”
Hagen merkt uit eigen ervaring dat bedrijven openstaan voor verandering, zeker op het gebied van duurzaamheid. „De generatie voor ons heeft in Nederland al ontzettend veel bereikt. Tien jaar geleden zijn we in hier al begonnen met recycling.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.