Deze grandioze roman uit 1951, nu voor het eerst in het Nederlands vertaald, geldt als één van de eerste, wat je noemt caleidoscopische stadsromans. Ogenschijnlijk gaat het boek over een niet al te slimme Weense ambtenaar, maar Von Doderer (1896-1966) grijpt deze Melzer aan om ons maar liefst dertig Weense levens uit alle rangen en standen voor ogen te voeren. Ouderwets elegant geschreven, heel mooi vertaald en vol prikkelende inzichten: „In zijn ellende begon hij heel snel en bijzonder platvloers te denken. Zoals wij allemaal.”
„Er zijn dagen dat ze niets liever wil dan trouw zijn, trouw tot de dood, zoals Penelope. Maar trouw aan wat of wie?” In zijn nieuwe roman verhaalt de Vlaamse romancier, dichter en essayist van een veertigjarige vrouw die worstelt met verschillende rollen die ze op zich heeft genomen: die van vrouw met een gezin (echtgenoot, kind, huishouden) en met een professie: schrijver. Ze vlucht in een affaire, maar dat compliceert de zaak alleen maar.
„We vergeten gauw, dat is onze redding want anders zouden we onthouden hoe smerig we zijn en hoe we anderen kapotmaken”. Frank Noë's proza, dat eerder bij Querido uitkwam, is gekenschetst als helder en krachtig. Dat geldt ook voor deze nieuwe roman, die losjes gebaseerd is op een ’waar’ gegeven: op de tijd dat dichter Gerrit Achterberg, na de moord op zijn vrouw, in een tbs-kliniek doorbracht. Achterberg heet hier Werkhoven en sluit vriendschap met medepatiënt Jim.
De Belgische tv-maakster (Vlaamse moeder, Marokkaanse vader) varieert in deze debuutroman op haar eigen jeugd, maar van doordeweeks realisme is geen sprake. Zo herinnert vertelster Maria zich nog precies hoe het in de baarmoeder was en waarom ze er niet uit wilde. („Ik beraamde dus een stuitligging met voorbedachten rade”). Later krijgt zij een innige, maar complexe verhouding met haar moeder, waar haar vader Apo en broer Reep nauwelijks tussen komen.
Haar eersteling ’Braaf meisje’ speelde zich af op een lagere school, in ’De gunsteling’ zoekt Profijt het verder van huis, namelijk in het Engeland van 1997, waar een vrouw premier is geworden. Als deze Elizabeth een verhouding krijgt met een veel jongere man berispt haar media-adviseur haar: „Hebben we daar zo hard voor gewerkt, Elizabeth? (..) En ga je het nu allemaal weggooien voor die jongen?’” Saskia Profijt verwerkt motieven uit koningsdrama's hier tot een in realistische stijl gegoten roman, met emancipatoire lading.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.