Raadseltjes uit het dagelijks leven. Bijvoorbeeld dat van mijn fietsslot en mijn spaken. Ik heb een doodgewoon slot op mijn fiets zitten, al geloof ik wel dat het goed genoeg is om de fietsverzekering die ik ook heb, tevreden te stellen. U weet wel, zo’n ding dat vast op je fiets zit en waar je vroeger genoeg aan had maar tegenwoordig allang niet meer. Ik heb berekend dat de beugel die door het wiel gaat, als ik ’m op slot zet, een doorsnee van zo’n zeven millimeter heeft. De afstand tussen de spaken waar hij doorheen moet, is ongeveer vijf centimeter. Ruim genoeg. Toch komt dat slot altijd, of nee laat ik niet overdrijven, negen van de tien keer of nou ja, misschien zeven van de tien keer maar in elk geval onbegrijpelijk vaak, tegen de spaken aan, waarna ik het wiel even verder moet draaien om er door te kunnen. Hoe komt dat? Je zou zeggen dat met zoveel open ruimte tussen de spaken de kans dat ik met dat beugeltje tegen een spaak aankom één op zeven is of vooruit één op vijf, maar niet zeven op één. Sinds enige tijd let ik erop, maar dat heeft de toestand niet verbeterd, integendeel, ik stuit steeds vaker op een spaak. Dit alles valt onder de wetten van de kansberekening, schat ik, iets waarvoor ik niet heb gestudeerd en dat me ongeveer het ergste vak op aarde toeschijnt. Als ik dictator van dit land of liever nog van deze wereld was, zou ik het willen doorzien van toeval misschien wel verbieden. Maar dat neemt niet weg dat het me intrigeert. Ik ben nog niet begonnen met turven, anders zou ik misschien merken dat het verschijnsel me alleen maar opvalt als het slot tegen de spaak komt terwijl ik intussen ook duizend keer gedachtenloos en zonder probleem mijn slot dichtdoe. Zo zit immers toeval vaak in elkaar. Je ziet een nummerbord met jouw initialen gevolgd door je geboortejaar en denkt: he, dat is toevallig, maar al die nummerborden met willekeurige letters en cijfers die de meerderheid van alle nummerborden vormen, vallen je niet op. Over mijn slot-spaakprobleem heb ik op internet, die oeverloze vergaarbak van weetjes en vraagjes nog niks gelezen. Dat geeft me het gevoel dat ik er alleen in sta en misschien zelf wel een wonderlijke afwijking of obsessie voor fietsspaken heb. Een docent van me, die zich ooit afvroeg hoe het toch komt dat bij tweekleurige tandpasta die twee kleuren er zo mooi uitkomen, in plaats van in de tube door elkaar te raken, knipte het ding open (want onderzoekers malen niet om kosten) en zag dat de rode baan er via een apart buisje uitgeknepen werd. Dat deed wel iets aan het geheimzinnige af maar hij wist nu in elk geval hoe het in elkaar zat. Op zoiets hoop ik ook nog, vertel mij maar hoe alles komt! Ik kan het hebben! Zelfs van de teleurstellendste natuurkundige verklaring raak ik niet in de war. Per slot van rekening dachten we ooit dat de aarde spectaculair plat was en gedragen werd door enorme schildpadden. Maar hij blijkt doodgewoon rond en zie eens hoe goed dat gaat. Volgende keer: e-mailcultuur.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.