*

 

Treiteraars

Sylvain Ephimenco − 26/06/08, 00:00

Natuurlijk is voetbal meer dan alleen een spelletje. Soms lijkt zich in de som van doelgerichte schoten de ziel van een hele natie te weerspiegelen. Over de oranjegekte bijvoorbeeld is door sociologen al zo uitvoerig geschreven, dat je als overmoedige scribent alleen nog maar in clichés kunt vervallen.

Dan maar sec over het spelletje. Over enkele uren begint voor mij de halve EK-finale Duitsland-Turkije waarvan de uitslag, als u dit leest, reeds bekend moet zijn. En laat ik nu een groot risico nemen: Turkije is door de Duitsers uit de strijd geknikkerd. Ach, misschien is het ook wel andersom en dan zal ik zeker tranen met tuiten plengen. Niet dat ik die elf Turken de finale niet gun. Ze hebben allemaal een leeuwenhart en vechten tot de laatste snik. Een eigenschap waar Nederlandse spelers jaloers op zouden moeten zijn. Maar het spel van die dappere mannen was tot woensdag 25 juni 20.45 uur niet om aan te zien. Je zou het als inferieur kunnen omschrijven en het doet de toeschouwer die ik ben bijna pijn aan de ogen. Mijn grote angst op deze woensdagmiddag is dat de catastrofe van vier jaar geleden zich herhaalt. Toen won het inferieure Griekenland de titel met een soortgelijk ongeïnspireerd voetbal. Maar terwijl ik dit schrijf begin ik te beseffen wat voor negatieve consequenties mijn gewaagde voorbeschouwing op de maatschappij zou kunnen sorteren. Nieuw multiculti-drama in de maak! Lees hierover de brief van Ugur Pekdemir gisteren in Trouw. Ugur is voorzitter van Tannet, een organisatie van jonge Turkse academici in Nederland, en schrijft regelmatig brieven en opiniestukken voor Trouw. Gisteren liet hij zijn emoties de vrije loop. Hij vindt de NOS-voetbalcommentatoren ergerlijk, ’vol vooroordelen en denigrerende opmerkingen jegens Turkije, de Turkse voetballers en het Turkse voetbal.’ Kortom: de NOS-praatjesmakers vinden het Turkse spel net als ik inferieur. Mag niet van Ugur: de NOS is zich volgens hem ’niet bewust van haar publieke functie’. Want deze ’negatieve benadering’ heeft invloed op de opstelling van collega’s en buren jegens Ugur en dus alle Turken. Willen we dus de cohesie en de civiele vrede bewaren, dan moet het bij de NOS met een tandje minder. Over die luie Fransen, de laffe Italianen en arrogante Portugezen mogen de NOS-commentatoren hun gang gaan. Maar ja, Turken. Die zijn snel beledigd en graven zich vervolgens in achter hun schotel. Weer een paar jaar vertraging met die vervloekte inburgering. De oplossing volgens de voorzitter van Tannet: ’Positiever is het te spreken over de Turkse mentaliteit’.

Laat ik het proberen. Toen Nederland er afgelopen zaterdag door Rusland werd uitgeknikkerd, hoorde en zag ik hoe sommige van mijn Turkse stadsgenoten dit nationale drama uitbundig vierden. Door juichend en toeterend door mijn straat te razen in hun met Turkse vlaggen versierde auto’s. Zoiets schijnt ook in andere steden te zijn gebeurd. Elegant. En van mij mag het, het hooliganisme is toch universeel. Maar het lijkt me dat die juichende treiteraars niet echt hebben bijgedragen aan een betere verstandhouding tussen Ugur en zijn buren en collega’s.

mailIcon print |