*

 

Kees had zelfmoord gepleegd en meldde zich bij de familie

Koert van der Velde − 18/01/08, 00:00

Zonder religieuze beleving geen religie - misschien is ze wel de kern ervan. Toch lees je er maar weinig over. In deze rubriek beantwoorden mensen vragen over wat ze op religieus gebied hebben beleefd. Vandaag: Corrie Wolters.

Wat hebt u beleefd?

„Twintig jaar geleden, op een zaterdagmiddag zag ik plotseling mijn zusje dat op haar 39ste overleden was, opgebaard in haar kist, midden in de kamer. Langzaam richtte ze zich op. Ze zag er hartstikke gezond uit, stralend, ze gaf licht. Toen loste ze op. Ik dacht: het gaat goed met je. ”

Was u niet stomverbaasd?

„Op de een of andere manier was het vertrouwd. Ik heb nooit in een religieus systeem gepast, veel meer voel ik daarachter een sfeer, waar ik vertrouwd mee ben. De verschijning van mijn zusje paste daarin.

Op de lagere school had ik al vaak een gevoel van ruimte en licht. Maar toen ik de kapelaan vroeg waarom meisjes geen misdienaar mochten worden, keek hij alleen maar naar me met een blik van ’dat je dat niet snapt’. Ik was graag theologie gaan studeren, maar ook dat mochten meisjes niet.”

Is dat nog goed gekomen?

„Ik ben in mijn latere leven hbo-theologie gaan doen, variant pastoraal werker. Ik was speciaal geïnteresseerd in non-conformistische mystici en ketters. Ik heb ook geen kerkelijke erkenning gezocht, maar ben voor mezelf begonnen, als begeleider van uitvaartplechtigheden.

Ik deed altijd veel kerkelijk vrijwilligerswerk. Maar dat trok ik niet meer. De regeltjes en dogma’s kom ik zelfs nu ik er uit ben, nog regelmatig tegen. Soms mogen nabestaanden niet hun favoriete muziek in de kerk draaien, en officieel mag ik geen stola dragen, dat mag alleen een priester. Ik trek me daar niets meer van aan. Trouwens, wie weet er buiten de kerkelijke hiĆ«rarchie nog dat een stola alleen een priester past? Ik zou ook geen standaard kerkelijke plechtigheid kunnen houden. Het zou al snel routine worden. Voor mij is iedere uitvaart een maatpak, gesneden naar de persoonlijkheid van de overledene en de wensen van de nabestaanden.

Laatst vroeg de koster van mijn vroegere kerk of ik eens een uitvaart voor de kerk wilde doen. Zou ik dat nog willen, vraag ik me nu af. Vroeg of laat zal dat problemen geven, vrees ik.”

Wat gelooft u over de dood en waarop baseert u dat?

„Volgens een parapsychologisch instituut ervaart een kwart van de rouwenden contact met de overledene, volgens mij is het wel tweederde. Ik ben die verhalen gaan verzamelen, en ik heb het zelf ook nog een paar keer meegemaakt.

Twee jaar geleden met mijn vroegere lerares Duits, waar ik zo af ten toe nog contact mee had. Op een ochtend werd ik wakker. Of ik mijn ogen open of dicht had, weet ik niet meer. Maar ik zag haar achterin een taxi zitten en zwaaiend wegrijden. Later hoorde ik dat ze op dat moment was overleden.

Toen ik de plechtigheid zou doen voor een jongen die zelfmoord had gepleegd, rook het die ochtend verschrikkelijk naar sigarettenrook in mijn huiskamer, terwijl daar nooit gerookt wordt. Na de uitvaart vroeg ik de achtergebleven vriend of Kees rookte. Hij antwoordde: ’als een schoorsteen’, en hij voegde eraan toe dat Kees zich ook al op meerdere manieren bij de familie had gemeld. Die hebben toen gezegd: ’Wij kunnen je hier niet meer helpen. Jij hebt ervoor gekozen naar de andere kant te gaan, nu moet je daar hulp zoeken.’

Ik ging veel lezen over bijna-dood-ervaringen. Het is allemaal zoveel groter dan we ons kunnen voorstellen. In ieder geval weet ik: het einde van mijn denkvermogen is niet het einde van de werkelijkheid.

Ik vond bevestiging van mijn vermoedens in de theorie over de ’non-localiteit van het bewustzijn’. De hersenen zijn zo gezien een schakel tussen bewustzijn en lichaam, een soort televisieontvanger. Zet je die uit, dan gaan de programma’s gewoon door.”

Beschermt dit geloof u tegen doodsangst?

„Ik zit op het moment goed in mijn lijf. Nu voel ik geen angst. Maar ik durf niet te voorspellen wat er gaat gebeuren als de dokter zegt dat het over een paar maanden voorbij is. Helemaal als er nog een lijdensweg inbegrepen is. Soms ben ik een beetje benieuwd, maar ik vraag me af of ik ’m niet stiekem verschrikkelijk zou knijpen.”

mailIcon print |