*

 

Roken kameraden geen sigaren?

Joost van Velzen − 18/01/08, 00:00

,,We hadden de eerste cup en we hebben de laatste cup”, werd er gezegd in ’Profiel’ (woensdag, KRO, Nederland 2). Typisch een uitspraak gedaan door een Feyenoord-supporter.

Want laten we eerlijk zijn: zo vaak succes heeft ’de club van Zuid’ nou ook weer niet en dus wordt wát er in de prijzenkast staat op de meest creatieve manieren ingezet als sneer naar de concurrentie.

,,Die van 020 hebben toch maar mooi Rotterdam op de shirts staan” , heb ik zelfs wel eens een Feyenoord-aanhanger horen zeggen. Dat was zo, want hij doelde op dat RO van AMRO.

020 zeggen ze dan ja, en dan zijn ze nog mild. De naam Ajax wordt door de ware fan nimmer uitgesproken en in Amsterdam komen ze alleen als Feyenoord daar moet spelen. Een supporter verzamelde zelfs videobanden met nederlagen van Ajax. Puur als vermaak.

Het zal u duidelijk zijn: ’Profiel’ ging over de ’club van het volk’, Sportclub Feyenoord Rotterdam. Maar vooral over de mensen die dat volk vertegenwoordigen. De aanleiding was een verjaardag. Feyenoord is namelijk dit jaar precies honderd jaar geleden opgericht in café ’De Vereeniging’ in Rotterdam-Zuid. Daar dient bij stil te worden gestaan, vonden ze bij Profiel. Bovendien moet een en ander dit seizoen gevierd worden met de landstitel, vinden de fans.

,,Dat zou toch wat zijn”, zei de verzorger, die volgens mij al verzorger is sinds er bij Feyenoord verzorgd wordt. En het zou inderdaad wat zijn, want zoals gezegd, meestal blijft de Coolsingel leeg.

Maar wat er ook gebeurt aan het eind van deze competitie, het zal de onvoorwaardelijke clubtrouw niet schaden. Volgend jaar weer een kans, zeggen ze op Zuid en te vaak kampioen worden is toch eigenlijk niks aan? Te weinig kampioen worden is ook weer niet goed, trouwens, want dan heb je als fanatiek Feyenoorder geen sexleven meer over, zei een medewerker van de kringloop. Zo ver gaat dat.

Een medewerker van de kringloop, een oud-speler, een oud-glazenwasser, een oud-timmerman, de verzorger en natuurlijk een kraanmachinist; allemaal deelden zij met ons hun liefde voor de stadionclub. Over verliezen en winnen, kameraadschap, het koesteren van het verleden, het goedpraten van voetbalvandalisme (,,dat zijn vast geen Feyenoorders geweest”) tatoeages zetten en er later weer af halen, u kent het. Het is een bekend, fanatiek, dikwijls agressief beeld dat in Rotterdam dominanter tot de clubcultuur hoort dan bij welke andere club in Nederland dan ook. Maar het is wel een wat al te bekend beeld.

Daarom had ’Profiel’ interessantere televisie opgeleverd als nu eens niet was gekozen voor de clichématige invalshoek, die uiteindelijk toch min of meer moet bevestigen dat de Feyenoord-aanhang louter bestaat hooligans en bootwerkers. Waren er bijvoorbeeld geen fans te vinden die de meest ongelooflijke feitenkennis over hun club met de kijkers wilden delen? Komen er alleen bij Sparta heren met sigaren?

En nu er toch bloedfanatieke supporters waren gestrikt, waarom dan niet even gevraagd hoe zij dachten over de plannen die er zijn voor een nieuw stadion? Of wordt ’De Kuip’ ook nog eens honderd?

Ach, De Kuip. Die ziet wel wat het wordt. Kent de smaak van tranen en champagne beter dan de fanatiekste fan.

mailIcon print |