Ah!!! Prachtige Aoraki!!! De waka droeg je toen je Papatuanuku zocht. Je bracht met de god van de bossen kiwi, kuri, pepino, tamarillo en taro. Geurende kowhai, poidans en kauri huggen is je deel.
Jammer dat we in Nederland geen kauri kennen; anders hadden veel deelnemers aan de King William’s Trouw Test deze reusachtige boom uit Nieuw-Zeeland met liefde willen omhelzen (huggen) nadat zij hun oplossing hadden ingestuurd.
Want de test van 2007 - volgens een deelnemer ’de moeilijkste van Nieuw-Zeeland en de rest van de wereld’ - was ’een monster van een puzzel’. Het was zwoegen en zweten, vond Wieke Boot. ’Niet alleen een speurtocht op internet , maar ook de boeken moesten open.’ Ze heeft er zelfs een Maori-woordenboek op nageslagen en zo een onbekende wereld voor haarzelf opengelegd.
In de ogen van Anneke van der Veen (uit Franeker) was de puzzel zelfs ’ferskuorrend dreech’ - en dat was zeker geen Maori-taal. Er klonken meer verzuchtingen in de teksten die de inzendingen begeleidden. ’Wat een ellendig moeilijke puzzel dit jaar’, kwam ons via de mail ter oge. Krasse knarren die vroeger meededen aan de Trouw-denkpuzzel ’Niet Piekeren Maar Puzzelen’, roerden zich. ’Voor een oud-NPMP’er kon de opgave vroeger niet moeilijk genoeg zijn, maar dit was wel echt té’, vond mevrouw W. Lassing-Bakewel. En G. Hamoen, ook een oud-NPMP’er, had er zelfs een ontevreden gevoel aan over gehouden. Ina Kuiper kon met haar man slechts een ’wanhoopsoplossing’ insturen.
Anderen vonden de moeilijkheidsgraad ’niet leuk meer’(veel te cryptisch) of lieten per brief weten dat zij dit jaar geen oplossing konden insturen, in de hoop dat ze nog in aanmerking kwamen voor een aanmoedigingsprijs. Gijs van Schaik vond de opgave voor een eenling ’niet te doen’. Co van Alkmaar prees zich juist gelukkig met het COllectief van lotgenoten waarmee hij de puzzel te lijf kon gaan. Ongeacht de uitslag, kondigde hij aan, gaat de COalitie binnenkort deze vorm van wintersport vieren met een borrel. Ook uit andere richtingen kwamen signalen van roerende samenwerking.
De reacties waren soms wel erg dubbel. De puzzel had 'frustratie en verbroedering’ gebracht, en ’plezier en ergernis’. Een ander schreef: ’Wat een ramp! Wat was ie leuk!’ Iemand klaagde over schele ogen door zijn laptop, een ander bedankte voor de hoofdpijn. Het was een heerlijke kluif, vond er een. Het bestuderen van allerlei thema’s noemde een ander een ’fenomenale uitdaging’.
Wildrik Burema, die normaliter veertig uur per week werkt, telde er tussen 15 december en 14 januari er zo’n 300. ’Ik ben vier weken van de wereld geweest’, vergelukzaligde Willy Calis. ’ In de bieb vragen ze zich af waarom zij in december en januari zo veel boeken leent over zo weinig onderwerpen. Of ze naar Denemarken met vakantie ging, werd haar al gevraagd. Denemarken, dat was dus het Land van de Tien Geboden (hoofdstuk 14). Daar kwamen de meesten pas laat achter, en sommigen helemaal niet. De Denen kennen de Wet van Jante, met tien regels die samen een symbolische gedragscode vormen. Grondgedachte is: steek je hoofd niet boven het maaiveld, want dan gaat ie eraf. Andere regels die door de Deens-Noorse schrijver Aksel Sandemose zijn bedacht, zijn onder meer: ’Je moet niet denken dat je meer weet dan wij’ en ’Je moet niet om ons lachen.’
Dat doen wij zeker niet, want de puzzelaars hebben een hoop kennis en kennissen opgedaan. Ria Winters had voor de KWTT voor het eerst de nieuwe openbare bibliotheek in Amsterdam bezocht, waar ze (te) weinig boeken aantrof. ’Gelukkig staan er in de Universiteitsbibliotheek nog drie miljoen titels.’ Anderen weten nu alles over zeehelden, bijnamen van sportauto’s, heiligen, appelsoorten en ogen van parlementariërs (ja, Kees Vendrik loopt ook wel eens rond zonder bril!). Daar was soms een mailtje naar een Kamerlid voor nodig, maar dat maakte het puzzelen juist extra leuk.
En dan was er natuurlijk de JCS-site, die in vier weken tijd zo’n 220.000 hits noteerde en waarop zich een supergezellige hintsfamilie verzamelde - van ’s morgens vroeg tot diep in de nacht. ’Elke avond dikke pret’ stelde een vaste bezoeker van de site vast. ’Zonder de JCS-familie was het nooit gelukt’, schreef een ander. De brainstorm leidde zelfs tot een uitwisseling van gedichten en discussies over films. En tot de dag van vandaag tref je nog geregeld Kings en Queens William aan op de site.
Bijna alle voetangels en klemmen in de puzzel hebben zij omzeild. Alleen vraag 14.3 was voor de meesten een valstrik: wiens naam is 145 x 4,5? Het antwoord moest zijn de Deense sterrenkundige Langberg (Longomontanus) naar wie een maankrater is genoemd. Wie het goede antwoord had, had ook de eerste letter van de spreuk: geen O maar A! Zoals iemand schreef: ’Oh!!! Wat moeilijk!!!’
Dertien puzzelaars stuurden een foutloze spreuk in, 86 lieten één steekje vallen. Er kwamen een paar honderd inzendingen binnen, onder meer uit Duitsland, Noorwegen en Canada. Eén oplossing werd nog net op tijd met de laptop vanaf het vliegveld van Bangkok doorgestuurd. Of wij alsjeblieft eind 2008 weer een KWTT brengen, vraagt Ria Winters. ’Anders val ik in een heel diep gat!’
En dan nog een verklaring voor de woorden, afkomstig van de eerste bewoners van Nieuw-Zeeland, onze ’tegenvoeters’, de Maori’s: Aoraki = Mount Cook, waka = boot, Papatuanuku = Moeder Aarde, kiwi = inheemse vogel, kuri = hond, pepino= appelmeloen, tamarillo= boomtomaat, taro = eetbare knol, kowhai = kapokboom, poidans = vrouwendans, kauri = inheemse boom.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.