*

 

Qbuzz versus vervoersgiganten

Laura van Baars − 26/06/08, 00:00

Plotseling is er een vierde speler op de Nederlandse markt voor busvervoer. Qbuzz is een uitgelezen kans voor aandeelhouder NS om uit te breiden.

Geen bussen, geen personeel, geen logo: busbedrijf Qbuzz is een onbekende in Nederland. Qbuzz gaat over een half jaar wel het busvervoer verzorgen in Zuidoost-Friesland en de stadsregio Rotterdam. Die concessies verwierf het gisteren en eergisteren. Qbuzz kan nu voor tien miljoen euro nieuwe bussen laten bouwen. Het bedrijf neemt in december en januari ongeveer 500 personeelsleden over van de huidige vervoerders Connexxion en Arriva.

Zo is Qbuzz ineens de vierde speler in het Nederlandse busvervoer geworden, naast Arriva, Connexxion en Veolia. Hoe kon het Amersfoortse bedrijfje met vier man personeel –dat niet eens beschikt over een website– het nu plotseling met succes opnemen tegen deze grote Britse en Franse concurrenten?

Achter Qbuzz staat de NS als machtige aandeelhouder. De spoorwegen hebben een minderheidsaandeel van 49 procent in het busbedrijf. Voor de NS is Qbuzz een uitgelezen kans om uit te breiden. Het kan in een keten van bus en trein reizigers zelfstandig van deur tot deur brengen. In deze ketens zien de spoorwegen én het busbedrijf zelf hun belangrijkste groeimogelijkheid. De NS is namelijk de enige vervoerder die deze kan organiseren. Andere vervoersbedrijven mogen niet meedingen op het hoofdspoornet, waar de NS nog altijd monopolist is.

De grote vervoersbedrijven zijn woedend over de –in hun ogen– oneerlijke concurrentiepositie van de NS. Minister Eurlings van verkeer vindt die echter geen probleem.

Extra wrang voor Connexxion is dat de eigenaars van Qbuzz oud-werknemers zijn. Niet alleen commercieel directeur Leon Struijk stapte over, maar ook voormalig topman Rob van Holten. Hij haalde het startkapitaal voor Qbuzz uit de vertrekpremie die hij bij Connexxion meekreeg. Struijk kan zich de woede van Connexxion voorstellen. „Wij begrijpen dat het niet leuk is dat ze de markt ineens met een vierde partij moeten delen.”

De concurrentiestrijd wordt niet in de aanbestedingsprocedures uitgevochten. Voor Zuidoost-Friesland en de stadsregio Rotterdam had alleen Qbuzz ingeschreven. Connexxion en Arriva denken dat zij op deze lijnen niet rendabel kunnen rijden vanwege de hoge brandstofprijzen en onzekerheid over het betalingssysteem van ov-chip en strippenkaart. Volgens Connexxion kan Qbuzz het op deze lijnen alleen redden omdat het kan teren op het rijke pensioenfonds van de NS. Qbuzz kan volgens de concurrent via lagere pensioenpremies de loonkosten laag houden.

Struijk vindt dit ’een leugen’. Als het Connexxionpersoneel direct in dienst komt van Qbuzz, garandeert hij identieke arbeidsvoorwaarden als bij Connexxion.

Wat volgens Struijk wel anders wordt, is het ’ouderwetse oranjegevoel’ bij Qbuzz. Qbuzz wil een Nederlands busbedrijf zijn van menselijke maat, tegenover Franse en Britse vervoersmolochs. Struijk: „Bij ons tref je geen anonieme werkomgeving. In plaats van internationale aansturing, doen wij dat op regioniveau. Het gaat ons niet om de overnames en de beurskoersen, maar om de bussen.”

mailIcon print |