*

 

Kansen voor groene parel Enschede

Onno Havermans − 03/03/08, 00:00

’Mag niet, kan niet’, luidt de reactie van gemeenten vaak op plannen voor groene buitengebieden. Enschede pakt het anders aan.

Op de fietsroute rondom Enschede kun je je soms ver van de bewoonde wereld wanen, vertelt wethouder Jelmer van der Zee. Maar twee kilometer verder doemt de stad plotseling weer op. „Dat is zo leuk aan ons buitengebied. Het is divers en hartstikke mooi, of je nou bij Glanerbrug aan de Duitse grens fietst of bij Haaksbergen.”

Juist om die waardevolle schoonheid te behouden, gaat Enschede meer toestaan in de groene zoom rondom de stad. Te lang was het beleid restrictief, aldus de wethouder van GroenLinks. „Er mocht niks, uit angst voor verrommeling. Maar die is juist in de hand gewerkt door vervallen boerenschuren en buitenplaatsen waar niets gebeurde.”

Het buitengebied van Enschede is tienduizend hectare groot. Er wonen en werken ruim tweehonderd boeren, van wie de helft er wat bij moet doen om rond te komen. „Van de overigen krijgen er vijftig meteen een lening als ze bij de bank aankloppen, die hebben een goedlopend, toekomstgericht bedrijf. Anderen zullen de komende jaren verdwijnen.”

Enschede discussieerde meer dan een jaar over de toekomst van het buitengebied. Het resultaat is ’Buitenkans, gids voor het buitengebied’, waarin staat wat er wel en niet kan in ’de parel van de stad’. De gids geeft bijvoorbeeld strikte aanwijzingen voor het soort bomen en struiken (wel eiken, geen coniferen), bestrating (geen asfalt), verlichting (zo min mogelijk) en hekwerk (geen afrastering, geen smeedijzeren palen, wel een houten dwarsbalk).

Veel boeren zijn gebaat bij nieuwe ontwikkelingen: een winkeltje met boerenproducten, een bedrijfje in een oude schuur, een huisje erbij op het erf in plaats van een vervallen stal, kamperen bij de boer. Moet kunnen, stelt Van der Zee. Mits het voldoet aan de kwaliteitseisen van het buitengebied. „We stellen die eisen binnenstedelijk, waarom zouden we dat buiten de stad dan niet doen?”

Het Twentse coulissenlandschap – met zijn bos, beekdalen, hoogveen, essen, akkers en weiden – kenmerkt zich bij Enschede door de vele landgoederen, aangelegd door de textielbaronnen, die een belangrijke rol hebben gespeeld in de industrialisatie van de stad. Van der Zee haakt daar met de gids op in, want die maakt nieuwe landgoederen en nieuwbouw op bestaande buitenplaatsen mogelijk, zoals de provincie Overijssel wenst. Ook aan de randen van de stad wordt nieuwbouw toegestaan, allemaal onder strenge voorwaarden, waarvan de voornaamste is dat er vijf tot tien hectare nieuwe natuur voor terugkomt.

Enschede gaat dit jaar het bestemmingsplan voor het buitengebied aanpassen, zodat ook wettelijk meer mogelijk is. Ook komt er één loket voor alle initiatieven en overheden. Iemand die zijn leegstaande schuur een andere bestemming wil geven, hoeft niet meer langs gemeente, waterschap en provincie, maar kan voor alle vergunningen en regelingen op dezelfde plaats terecht.

mailIcon print |