*

 

Onenigheid over bestrijding Q-koorts

Sander Becker − 10/12/09, 00:00

Met het ruimen van drachtige geiten en schapen gaat het kabinet de Q-koorts harder aanpakken. Dat roept veel weerstand op.

Alle drachtige geiten en schapen die besmet zijn met Q-koorts, zullen worden geruimd. Voor bedrijven waar de dieren niet zijn ingeënt, gaan nog strengere regels gelden: daar worden zelfs alle drachtige geiten en schapen geruimd, ongeacht of ze besmet zijn.

Met de nieuwe maatregelen zetten de ministers Ab Klink (volksgezondheid) en Gerda Verburg (landbouw) een beduidend hardere lijn in tegen de Q-koorts, die ondanks alle inspanning ook dit jaar weer flink is opgerukt. De verantwoordelijke bacterie, die bij geiten abortussen veroorzaakt en bij de mens griepachtige verschijnselen, heeft dit jaar al 2300 mensen besmet en zes levens geëist, vooral in Brabant. Al 55 bedrijven zijn besmet.

De vaccinatie van ’kleine herkauwers’ – aanvankelijk vrijwillig en per 1 januari 2010 verplicht in heel Nederland – werpt naar verwachting pas in 2011 vruchten af voor de mens. Dit komt doordat veel geiten en schapen –vooral buiten Brabant– nog niet zijn ingeënt. Het gevolg zal zijn dat in 2010 opnieuw veel dieren een miskraam krijgen. Bij elke abortus komen miljarden bacteriën vrij. Die kunnen vervolgens overwaaien naar mensen in omliggende woonwijken of recreatiegebieden.

Het ruimen van de zwangere geiten en schapen zal volgens Verburg ’zo snel mogelijk’ beginnen, want in januari kunnen de eerste miskramen zich al voordoen. Ze zei zich ervoor te willen inzetten dat de dieren naar een slachthuis gaan, niet naar een destructiebedrijf.

Verburg wilde gisteren nog niet vooruitlopen op de vraag hoeveel dieren gedood moeten worden. Maar het advies van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) , dat de basis voor het nieuwe beleid vormt, rept over tienduizenden drachtige dieren, waarvan een groot deel niet besmet zal zijn.

De belangenorganisatie van boeren LTO steunt de aanpak van het kabinet, maar vindt dat gezonde dieren niet hoeven worden gedood. De Dierenbescherming is zelfs fel tegen het ruimen van gezonde dieren. Ze vindt dat de dieren eerst op dragerschap van de bacterie moeten worden getest, ook bij bedrijven waar niet is gevaccineerd. De dierenartsen zijn ’niet gelukkig’ met de maatregelen, maar zullen naar verwachting wel meewerken aan ruimingen.

Jos van de Sande, arts bij de GGD Hart voor Brabant, vindt juist dat het kabinet deze harde lijn al veel eerder had moeten inzetten. „Als de stallen besmet zijn, moet je actie ondernemen. Je komt er echt niet met alleen vaccineren. Het kabinet noemde dat ’proportioneel’ reageren, maar wat mij betreft was het allang duidelijk dat we op die manier niet het volgende lammerseizoen in konden. De ziekte is zo sterk uitgebreid, ook buiten Brabant, dat je zelfs met het ruimen van drachtige dieren nog maar moet afwachten of er volgend jaar minder mensen ziek worden.”

Op dit moment worden volgens het RIVM elke week nog steeds twintig tot dertig nieuwe gevallen van Q-koorts bij de mens vastgesteld. Die patiënten zijn waarschijnlijk al anderhalf tot twee maanden geleden besmet, want de tijd tussen de besmetting en de eerste ziekteverschijnselen kan oplopen tot vijf weken, en vaak laat de diagnose ook even op zich wachten. De kans om in deze tijd van het jaar nog besmet te raken, is in elk geval bijzonder klein, relativeert Roel Coutinho, hoofd Infectieziektebestrijding van het RIVM.

De ministers hebben het RIVM om een aanvullend advies gevraagd over het ruimen van ’twijfeldieren’, zoals dieren die niet drachtig maar wel besmet zijn. Dat advies wordt op korte termijn verwacht.

mailIcon print |