Kamerlid Heijnen (Podium van 2 december) vindt dat de burger moet meedoen. Hij noemt de ’veronderstelde bedreiging van de privacy’ van het rekeningrijden. Opgeteld bij het elektronisch kinddossier, het elektronisch patiĆ«ntdossier, de digitalisering van identiteitspapieren, inclusief vingerafdrukken, de OV-chipkaart, het bewaren van telefoon- en internetgegevens en de wereld aan controlerende en inspecterende instanties vergeet hij waarschijnlijk dat de overheid zoveel wantrouwen naar de burger uitstraalt, dat ondergetekende burger de moed op wederkerigheid van vertrouwen begint op te geven. Als de burger opgevoed ’moet’ worden, lijkt het verstandig als de overheid zich afvraagt hoe deze ’opvoeding’ gaat aflopen.
Jip Kruis Utrecht
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.