Wie het in zijn hoofd haalt om het voor een potentiĆ«le dader op te nemen, moet wel een tikkeltje masochist zijn. Of te kwader trouw. Of moet haast wel een hekel aan de politie hebben. Maar ook al zou geen van die drie aannames juist zijn, is het makkelijk praten voor de criticaster: vanaf zijn luie, comfortabele en veilige stoel spuit hij zijn gratuite venijn terwijl hij beelden bekijkt waarop agenten vermorzeld dreigen te worden. En dan ook nog door domme, gedrogeerde, beestachtige hooligans die geen enkel grammetje sympathie verdienen. Of zoals een collega van de Volkskrant opschreef naar aanleiding van de vrijsprak van vijf agenten na de strandrellen afgelopen zomer: ‘Wie na het zien ervan (bedoeld wordt de ‘bloedstollende’ politiebeelden op de persconferentie) nog durft te beweren dat 21 agenten tijdens de strandrellen ten onrechte naar hun dienstwapen grepen, trekt een buitengewoon grote broek aan.’ Met mijn welgemeende verontschuldigingen: na het zien van de beelden toch maar die grote broek. Want uit die onduidelijke beelden valt heel moeilijk een analyse van de schietsituatie te distilleren. Wel dat de brute opgewondenheid en de honger naar geweld van de agressoren een onweerlegbaar feit is. Maar deze agressie heeft zich niet anders gemanifesteerd dan door het werpen van diverse projectielen (zichtbaar op beelden) naar de agenten. Maar voorwerpen gooien naar de politie gebeurt bijna dagelijks overal in de wereld zonder dat er per se gericht op de belagers wordt geschoten. Op de beelden is ook niet te zien op welke afstand de chargerende hooligans zich bevonden toen op hen werd geschoten. Daarover zwijgt de politie. En dit is toch wel belangrijk. In een echte levensbedreigende situatie sta je oog in oog met je agressoren. In een situatie dus waar je man tot man gevechten niet meer kunt vermijden. Dan is het gebruik van vuurkracht aannemelijk. Met als voordeel dat je preciezer kunt richten. In de benen dus en niet in hoofd of buik. Op de wazige beelden lijken de hooligans op een nog relatief grote afstand te staan wanneer er gedurende zeven seconden op hen werd geschoten. Het is overigens de vraag of de agressoren nog dichterbij hadden durven komen met al die vuurwapens duidelijk op hen gericht. Feit is ook dat geen van die schietende agenten daadwerkelijk gewond is geraakt. Daarover heb ik althans geen melding gelezen of gehoord. Er is een verschil tussen je zwaar bedreigd voelen en in een levensbedreigende situatie verkeren. Terzijde: mijn vader, toen hij politieagent was, is dat een paar keer wel overkomen. Hij raakte in man tot man gevechten met gewelddadige extreemrechtse of anarchistische activisten (meestal bewapend met stalen pijpen of boodschappennet gevuld met conservenblikjes). Een paar keer zag ik hem met een hoofdwond thuiskomen. Nooit heeft hij geschoten. Volgens het politieonderzoek was het politiegeweld op het strandfeest ‘proportioneel’. Volgens de naakte feiten lijkt dat niet het geval te zijn. Wel werd een ongewapende jongen van negentien jaar zonder strafblad in zijn hoofd geschoten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.