*

 

Sint Maarten

Anniek van den Brand − 29/10/09, 00:00

Omdat ik van beneden de grote rivieren kom, zei Sint Maarten mij heel lang helemaal niets.

Sinds ik moeder ben in Amsterdam, weet ik beter. De kinderen leerden míj de liedjes, in plaats van andersom. Uit volle borst zong ik samen met mijn destijds 3-jarige dochter de onbegrijpelijke tekst ’dat durf je van wie je houdt’ – totdat de crècheleidster me erop wees dat het een ’turfje of wat hout’ moest zijn.

Inmiddels weet ik van zoon dat het niet de bedoeling is aanbellende kinderen te vergasten op een schaal mandarijnen. „Gewoon snóep, mam”, zegt hij. Volgens hem geven alleen ’oude vrouwtjes’ mandarijnen. „Want die hebben geen kinderen die kunnen vertellen hoe het moet.”

Omdat Sint Maarten niet in mijn systeem verankerd zit – en omdat ik een weinig agendavaste moeder ben – werd ik vorig jaar min of meer overvallen door 11 november. Ik had er geen moment rekening mee gehouden dat er op school wel een lampion was geknutseld, maar dat ik zelf de stok met batterijgevoed lichtje had moeten aanschaffen.

Dus fietste ik die avond van de elfde gehaast, want het begon al aardig te schemeren, naar Blokker.

„Uitverkocht”, zei het meisje achter de kassa, zichtbaar verveeld.

„En nu?”, vroeg ik enigszins wanhopig, meer aan mezelf dan aan haar.

„Een andere Blokker proberen”, meende zij.

Tussen deze en die andere Blokker deed ik nog een sigarenboer aan („Nee, vorig jaar had ik ze wel, maar het liep voor geen meter dus nu doe ik het niet meer.”) en een Kruidvat („Ik verkoop net de laatste aan die mevrouw daar.”).

Samen met mij vielen nog drie rood aangelopen moeders die andere Blokker binnen. „Sint-Maartenlampjes”, riepen we in koor. Dat klonk gezellig, maar we wisten alle vier dat we bereid waren elkaar zonder scrupules dat laatste Sint-Maartenlampje uit de handen te slaan.

Maar de Goden, of Sint Maarten zelf, waren ons goed gezind. Het meisje achter de kassa wees op werkelijk een muur vol Sint-Maartenlampjes. Van pure opluchting kocht ik er vier.

Nu moet ik alleen nog even bedenken waar ik die rotdingen vorig jaar ook alweer zo veilig heb opgeborgen.

mailIcon print |