*

 

Kabinet moet motie tegen missie Uruzgan naast zich neerleggen

Door: redactie − 09/10/09, 00:00

Is de Tweede Kamer op de stoel van de regering gaan zitten met de uitspraak tegen een nieuwe militaire missie in Uruzgan? Formeel staatsrechtelijk niet, want de Kamer zendt geen troepen uit. Dat doet de regering, en over het besluit informeert zij het parlement. Volgens de Grondwet is geen instemming nodig, maar politiek is het onbestaanbaar dat een kabinet tot een missie besluit zonder steun van een Kamermeerderheid.

Het PvdA-Kamerlid Van Dam legde de uitspraak die de Kamer dinsdag op voorstel van ChristenUnie en PvdA deed, dan ook zo uit dat het voor het kabinet zinloos is zo’n besluit te nemen. In politieke zin heeft de Kamer (minus CDA, SGP en D66) de ministers van buitenlandse zaken en defensie dus wel degelijk gebonden. Mocht er een Navo-verzoek komen in Uruzgan actief te blijven, dan is de manoeuvreerruimte voor de bewindslieden uiterst beperkt zo niet nihil.

PvdA en ChristenUnie hebben nu hetzelfde gedaan als D66 in 2005. De democraten spraken zich destijds als coalitiepartij al tegen de missie in Uruzgan uit, nog voordat het kabinet een besluit had genomen. Het effect was echter beperkt, omdat oppositiepartij PvdA onder leiding van Bos het kabinet aan de benodigde meerderheid hielp. Erg overtuigend was het optreden van het kabinet toen ook niet. Balkenende kan nu wel zeggen ’de regering regeert’, destijds nam zijn kabinet geen besluit, maar maakte het slechts ’het voornemen tot een besluit’ kenbaar.

Dat was niet sterk en wekte de indruk dat de regering haar verantwoordelijkheid uit de weg ging. Kennelijk kan het in coalitieland Nederland niet anders dan dat we ’een oorlog worden in gerommeld’, maar tegenover de troepen en het thuisfront maakt het een beroerde indruk. Dit type besluiten verdraagt zich niet met politieke spelletjes. Daarom is het van belang de verantwoordelijkheden van regering en Kamer scherp te onderscheiden en een zuivere procedure te volgen. Juist op aandrang van de Tweede Kamer is er begin deze eeuw zo’n zorgvuldige procedure, de artikel 100-procedure, gekomen.

Des te wranger is het dat Kamer daar zelf een- en andermaal een loopje mee neemt. PvdA en ChristenUnie kunnen zich achter formele staatsrechtelijke argumenten verschuilen, maar een politiek feit is dat zij de procedure in een voortijdig stadium doorkruisen. Het kabinet kan daarom niet anders doen dan de motie naast zich neerleggen.

mailIcon print |