*

 

Renners geschaafd richting Spanje

Antal Crielaard − 02/09/09, 00:00

De Ronde van Spanje heeft met een massale valpartij afscheid genomen van Nederland en België. Vanaf morgen rijdt de Vuelta door Spanje.

Met een pijnlijke hand en diverse schaafplekken op armen en benen meldde Oscar Freire zich gisteren bij de bus van Rabobank. De Spaanse sprinter had zijn zinnen gezet op een zege in de vierde etappe van de Vuelta. Hij zat voorin het peloton toen een enorme valpartij een einde maakte aan zijn aspiraties. Op de achtste positie gleed Johnny Hoogerland onderuit en nam in zijn val en groot deel van de voorste groep mee. André Greipel was een van de weinigen die niet viel. De Duitser won de sprint.

De massale valpartij drukte een somber stempel op de laatste rit van de Ronde van Spanje over Nederlands en Belgisch grondgebied. De renners verplaatsen zich nu naar Spanje, waar de etappewedstrijd morgen een vervolg krijgt. De laatste dagen koersten de renners die meedoen aan de Vuelta door Nederland en dat beviel eenieder uitstekend. Er kwamen honderdduizenden mensen op de wedstrijd af, aantallen waarmee niemand in beginsel rekening had gehouden.

Uitgerekend in de laatste rit – van Venlo naar Luik – ging het mis. Het regende vrijwel de hele dag waardoor er op de glad geworden wegen diverse valpartijen waren. De buiteling in de laatste kilometers was de grootste. Er lagen zeker veertig renners op de grond, onder wie Freire en Bram Tankink van Rabobank en Leukemans, Bozic, Hoogerland en Marcato van Vacansoleil.

Gisteravond werd vooral gevreesd voor verdere deelname van Marcato, die met zijn rug op een stoeprand viel en diverse vlees- en schaafwonden opliep. Ook is zijn staartbeentje gekneusd. Hij is wel naar Spanje gevlogen, waar de exacte schade wordt opgenomen. Hoogerland moet de Vuelta vervolgen met diverse schaafwonden.

Bij Rabobank vielen de gevolgen mee. De wondjes van Freire konden eenvoudig behandeld worden. „Het is jammer dat we vandaag niet mee konden doen voor de dagzege”, zei Erik Breukink na afloop. „Maar voor de rest gaat het goed.”

De start van de Vuelta verloopt voor Rabobank in ieder geval een stuk minder problematisch dan het begin van de Ronde van Frankrijk, eerder dit jaar. In de Tour werd de bankploeg getroffen door veel leed, met het uitvallen van Robert Gesink in de eerste week en een niet ingecalculeerde vormcrisis van kopman Denis Mentsjov als dieptepunten.

Op Nederlands grondgebied kon het team de afgelopen dagen een nieuwe deceptie voorkomen. Rabobank had in alle etappes een renner mee in de belangrijkste ontsnapping en Tom Leezer veroverde al in de eerste rit in lijn de rode bergtrui. Gisteren nam ploeggenoot Lars Boom, die voor de tweede dag op rij in de kopgroep reed, het tricot over. „Dat was ook zijn opdracht voor vandaag”, zei Adri van Houwelingen.

De ervaren ploegleider keek redelijk tevreden terug op de eerste koersdagen door voornamelijk Nederland. Het was de bedoeling dat zijn ploeg de schijnwerpers zou opzoeken en dat was gelukt. „We hebben attractief en aanvallend gereden, met de truien voor Leezer en Boom als beloning. Dat geeft moraal. We gaan met een goed gevoel richting Spanje.”

De aanvallende strijdwijze zal vanaf morgen, in de eerste rit over Spaans grondgebied, van Tarragona naar Vinaros, geen vervolg krijgen, zei Van Houwelingen gisteren. „We hadden voorafgaand aan de Vuelta een paar doelen. Aanvallend rijden en publiciteit pakken in de eerste ritten was er daar één van. Nu gaan we wat meer in dienst van het klassement rijden om Robert Gesink te beschermen, want voor hem begint de Vuelta nu pas. We zullen geen onnodige risico’s meer nemen.”

mailIcon print |