*

 

Vleermuis met ballen

Koos Dijksterhuis − 15/01/09, 00:00

Hoe groter een man zijn ballen, hoe kleiner zijn hersens. Kent u die uitdrukking? Het verband tussen balgrootte en hersenkrapte is aangetoond bij vleermuizen. Dat is te danken aan de Amerikaanse bioloog Scott Pitnick van de Universiteit van Syracuse. Alle vleermuizen hebben grote ballen, maar sommige hebben kolossale. Er zijn monogame, polygyne en polyandrische vleermuizen: man en vrouw, man met meer vrouwen, vrouw met meer mannen. Die laatste mannetjes concurreren om één en dezelfde vrouw - wie mag er vanavond? Zij hebben de grootste ballen. Met die joekels maken ze meer zaad en hoe meer zaad, des te meer succes oogsten ze in de moordende spermacompetitie. Omdat alle mannen grote ballen hebben, blinkt niemand uit als zaaddonor, maar zonder grote testikels kunnen ze het wel schudden. Dus die mannen moeten wel. Ze denken daar niet over na en kunnen hun aanhangsels niet commanderen: groei! Maar de grootst geschapen mannetjes krijgen meer nakomelingen die dat formaat erven. En zo kreeg de vleermuis Myotis albescens kloten die 7 procent van zijn lichaamsgewicht uitmaken. Als man van 75 kilo zou ik vijf kilo tussen mijn benen zeulen. Vijf pakken melk. De testikels van zo’n vleermuisman wegen twee keer zoveel als zijn hersenen. De mannetjes van monogame vleermuisvrouwtjes steken slechts een tiende procent van hun lichaamsgewicht in hun ballen. Bij mij zou dat altijd nog driekwart ons zijn.

Dus omdat de lustige vrouwen er een harem op na houden, blijven hun mannen dom.

Dit is een van de fraaie seksverhalen uit Het penisduel van Willy van Strien, over versiertrucs en de seksuele wedloop tussen vrouwtjes en mannetjes (KNNV, 2008, euro19,95).

mailIcon print |