*

 

Agressieve bewoners verjagen journalisten

Jonathan Maas − 02/05/09, 00:00

Toenemende agressie jegens verslaggevers in probleemwijken zorgt ervoor dat zij die buurten liever mijden. Dit blijkt uit onderzoek van criminoloog Frank Bovenkerk.

Het is in Nederland ’godzijdank’ niet zo dat buurtbendes bepalen wie de wijk in mag en wie niet, zegt criminoloog Frank Bovenkerk die morgen op de internationale dag van de persvrijheid de uitkomsten van zijn onderzoek ’Rot op met die camera’s’ presenteert.

Ervaren verslaggevers die lang meegaan in het vak, verhaalden hem dat agressie naar journalisten ook geen nieuw verschijnsel is, wijzend op verzet tegen media van krakers en voetbalhooligans uit vervlogen tijden. Maar als het gaat om buurtbewoners die journalisten de wijk uit jagen, is er wel degelijk sprake van een flagrante toename, vertelden zij Bovenkerk.

374 Respondenten gaven aan ooit te maken hebben gehad met fysieke agressie of bedreiging. Sommigen belandden zelfs in het ziekenhuis. Het geweld is niet beperkt tot tv-journalisten of fotografen – van wie niet zelden materiaal wordt gestolen of vernield. Ook verslaggevers met pen en blocnotes roepen agressie op. Waarom toch?

Bovenkerk: „Soms ligt het aan journalisten zelf, die met draaiende camera’s een wijk binnenstormen om snel een quote te scoren en vervolgens weer weg te snellen. Vaak verslaggevers van landelijke media. Hun regionale collega’s klagen daar over. Die bouwen zorgvuldig een relatie op met buurtbewoners, maar zien die sneuvelen door de hit and run-journalistiek van hun landelijke collega’s.”

„Ook schrijvende journalisten zouden er goed aan doen niet meteen in de eerste minuut de blocnote uit de zak te halen. Bouw eerst voorzichtig een gesprek op en wek vertrouwen.” Cynisch: „Maar dat kost tijd en dat hebben veel redacteuren niet meer.”

De criminoloog vindt dat journalistieke opleidingen verslaggevers in spe beter moeten trainen hoe ze met agressie in probleemwijken om dienen te gaan.

Redacties zouden er wat Bovenkerk betreft ondertussen goed aan doen zorgvuldig te selecteren welke verslaggever ze naar een achterstandswijk sturen. „Sommige journalisten gaan in discussie met mensen en zijn niet even vaardig om met verzet om te gaan.”

In veel achterstandswijken zijn het Marokkaanse jongens die voor problemen zorgen, zegt Bovenkerk. Hij is met sommigen van hen wezen praten. „Ze geven aan dat ze verslaggevers wel eens te woord hebben gestaan maar hier dan ’s avonds niets van terug zien op tv. Ze zijn teleurgesteld in de pers, hun verhaal komt onvoldoende aan bod.”

Toch zijn het geen lieverdjes, haast de criminoloog zich er bij te vermelden. „Hun gedrag is voor hun tante in Marokko die hen op Al Jazeera terugziet – beelden gaan tenslotte de hele wereld over – vaak bepaald geen pr.” Het blijft dan ook belangrijk dat journalisten verslag blijven doen in probleemwijken, vindt hij. Al heeft hij tijdens zijn onderzoek gemerkt dat het gezag in die wijken daar ook niet altijd blij mee is.

Zelfs politieagenten intimideren journalisten, sturen hen de buurt uit of houden hun hand voor de camera. Bovenkerk heeft hier soms begrip voor. „Ze willen rust in de wijk en veel problemen worden verergerd door aanwezige media. „Maar ja”, verzucht hij, „dat leidt er ook weer toe dat journalisten bij agressie of geweld geen aangifte doen omdat ze denken: de politie is niet mijn vriend.”

mailIcon print |