Paulus kon het zingen niet laten, zegt de Haagse predikant Dolf Tielkemeijer. Sinds hij de muzikale kant van Paulus ontdekte, leest hij de brieven van de apostel met andere ogen. Niet als strenge dogmatische geschriften, maar als liederen.
Hoezo een zingende Paulus? „Internationaal onderzoek, vertelt Tielkemeijer in Kerk in Den Haag, heeft opgeleverd dat Paulus vaak liturgische lofzangen en zegenbedes naar het voorbeeld van de joodse traditie citeert.” Als voorbeeld noemt hij de brief aan de Efeziërs: „Het begin is een hymne die je zó kunt zingen, bij wijze van spreken als beurtzang in de tempel.”
Paulus is altijd in de eerste plaats als een dogmaticus gezien. We kunnen ons volgens Tielkemeijer nu afvragen of zijn brieven misschien ook anders kunnen worden gelezen, bijvoorbeeld als lofzangen. Net zoals het scheppingsverhaal kan worden gelezen als een lied, een lofzang op Gods schepping, in plaats van als de notulen van de eerste zeven dagen van de aarde.
Of de gezangen in de vroegchristelijke gemeenten ook instrumentaal werden ondersteund, vertelt dit verhaaltje niet.
Wíj weten niet beter dan dat het kerkorgel daartoe dient. Maar zelfs bij aanwezigheid van een orgel is het in vroeger tijden lang niet altijd vanzelfsprekend geweest dat de kerkzang ook daadwerkelijk door orgelspel werd begeleid.
Kroniek van de grote Sint Laurenskerk, uitgave van de vriendenstichting van deze Alkmaarse kerk, duikt in het verleden van het orgelspel. Kerkgebouwen fungeerden in de periode 1580-1800 ook als sociaal trefpunt waar de burgerij elkaar ontmoette en de laatste nieuwtjes werden uitgewisseld. Liever dan in herbergen en taveernen zagen de stadsbesturen deze ontmoetingen in de grote stadskerken plaatsvinden; de stadsorganist zorgde daarbij voor ’verlusting’ in de vorm van orgelconcerten die veel publiek trokken.
De calvinisten van die tijd hadden daarentegen het orgelspel uit hun diensten verbannen. Kerkelijk orgelspel was in hun ogen uit den boze. Zij beschouwden het orgel als ’Satans Fluytencast’ en op de Synode in Dordrecht van 1578 werd zelfs besloten dat alle orgels maar uit de kerken gesloopt moesten worden.
Dat onheil bleef uit. Na de Reformatie waren de kerkgebouwen plus inventaris in handen gekomen van de stedelijke overheden, die juist opdracht gaven overal de orgels te vergroten en vernieuwen.
Halverwege de zeventiende eeuw woedde in Holland een ware orgelstrijd. De onbegeleide psalmzang onder aanvoering van één enkele voorzanger leidde regelmatig tot muzikale rampen, maar de calvinistische theologen hielden voet bij stuk. Toen in de Utrechtse Domkerk een ruzie was uitgebroken tussen voor- en tegenstanders van orgelbegeleiding, vroeg de kerkenraad advies bij de streng-calvinistische hoogleraren theologie van de universiteit. Die lieten bij monde van hoogleraar Gijsbertus Voetius weten dat het orgelspel een ’onnutte oeffening’ is, die de ’gedachten des meerendeels der Christenen ... aftrekt tot een vleeselik vermaak’. Volgens Voetius moest ook Paulus niets van orgels hebben, verwijzend naar de bijbeltekst van de apostel: ’Liever vijf verstandige woorden dan duizend vreemde tongen’. Afgezien van de vraag of met ’tongen’ wel orgeltonen zijn bedoeld, zal Voetius vast niet hebben geweten dat Paulus graag zong. Maar dat weten wij ook pas net.
Ondanks de calvinistische weerstand ging toch stad na stad over tot invoering van orgelbegeleiding tijdens de kerkdiensten. De theologen en predikanten draaiden in de loop van de achttiende eeuw bij. Na de scheiding van kerk en staat, rond 1800, droegen de stadsbesturen de kerkgebouwen over aan de kerkgenootschappen. De lange traditie van stedelijke orgelbespelingen kwam daarmee ten einde: stadsorgels waren kerkorgels geworden.
De jaarhoroscoop van 2009 ziet er volgens de Koorddanser heel idyllisch uit: romantiek leeft op, de charme van de eenvoud en doe-het-zelfpraktijken wordt weer hip, de zucht naar geld en materie wordt minder, en menselijke aspecten als liefde, familie en vriendschap worden belangrijker. Cocoonen en koken voor dierbaren worden weer gezellig en ook spiritualiteit wordt beschouwd als voorwaarde voor levensgeluk.
Ook zonder horoscoop zijn dat voorspellingen die iedereen met enig gevoel voor tijdgeest gemakkelijk kan doen. Datzelfde geldt voor de ’ontlading’, die de Koorddanser voorspelt. Waar we die gaan voelen? Ja hoor, op de huizenmarkt.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.