*

 

Eddaoudi hartelijk welkom

Monic Slingerland − 22/04/09, 00:00

Kan een imam die tegen de oorlog in Afghanistan is wel een goede geestelijk verzorger bij defensie zijn? Elftalspelers Abeltje

De politieke uitstraling van geestelijke verzorgers is enorm, blijkt dezer dagen. De voorgenomen aanstelling van Ali Eddaoudi splijt het CDA van onder tot boven. Tweede Kamer en staatssecretaris Jack de Vries staan tegenover elkaar.

De staatssecretaris staat onder druk, nu hij de benoeming van Eddaoudi wil doorzetten, ondanks de bezwaren in zijn eigen partij, het CDA. Waar gaat het eigenlijk om? Op het eerste gezicht loopt een aantal zaken door elkaar. Defensie kent wel honderdvijftig geestelijk verzorgers. Ophef bij deze aanstellingen was er nooit. Dat Eddaoudi moslim is, speelt misschien mee. Officieel is het argument tegen, dat Eddaoudi zich in columns kritisch heeft uitgelaten over de oorlog in Afghanistan. Hij noemde premier Balkenende hypocriet en Bin Laden een idealist.

Hoe belangrijk is het dat een geestelijk verzorger loyaal is aan de organisatie waar hij of zij voor werkt?

Abeltje Hoogenkamp is, behalve predikant bij de Protestantse Kerk in Amsterdam, ook geestelijk verzorger, maar dan in een ziekenhuis. „Iedere geestelijk verzorger ervaart spanning tussen het eigen geweten en het belang van de organisatie. Dat is niets bijzonders. Het maakt niet uit of het om een gevangenis gaat, een ziekenhuis of de krijgsmacht.”

Ze geeft wat voorbeelden. „Een gevangenispastor kan vragen hebben bij het strafsysteem in een penitentiaire inrichting. Een ziekenhuispastor kan wel bedenkingen hebben bij medische beslissingen, om door te gaan met behandelen, of te stoppen. Zo kan een geestelijk verzorger bij de krijgsmacht vragen hebben bij een militaire missie. Die vragen zijn nodig. Er wordt geen totale loyaliteit gevraagd. Misschien is dat zelfs niet goed, algehele loyaliteit aan de organisatie. Je moet als geestelijk verzorger ook een ’tegenover’ kunnen zijn.”

Voor Alja Tollefsen, pastoor in drie oud-katholieke parochies, draait het in de zaak-Eddaoudi om het begrip integriteit. „Ik moet denken aan de situatie waarbij ik ging samenwerken met een collega die tegen de priesterwijding van vrouwen is. Ondanks dat hij tegen de wijding van vrouwen is, was de samenwerking heel prettig. Hij had zich neergelegd bij het besluit dat de kerk op dit punt genomen heeft. Dat gebeurt natuurlijk vaker, dat je wordt blootgesteld aan iets waar je zelf niet achter kunt staan. Dan komt het aan op je integriteit. Dat is een belangrijk gegeven.”

Dat er aan de integriteit van Ali Eddaoudi getwijfeld wordt, heeft volgens Hoogenkamp te maken met het feit dat hij moslim is. „Over columns van christelijke of humanistische geestelijk verzorgers worden echt geen Kamervragen gesteld. Ik heb me ook wel eens kritisch uitgelaten over de missie in Uruzgan. Maar als ik geestelijk verzorger in het leger word, vindt niemand dat de Nationale Veiligheid in gevaar is. Moslims hebben het niet makkelijk. Dat zal ook wel gelden voor de moslims in het Nederlandse leger. Misschien is het voor hen wel prettig om te maken te hebben met een geestelijk verzorger die zelf weet hoe het is om gemangeld te worden.”

Eddaoudi zou zich uitgelaten hebben tegen de oorlog in Afghanistan. Stel dat hij een militair moet bijstaan die beide benen is kwijtgeraakt bij een bomaanslag in Uruzgan. Als zo’n gewonde militair door de gesprekken met de geestelijk verzorger het idee krijgt dat dit offer voor niets is geweest, omdat de oorlog in Afghanistan een zinloze zaak is, dan zou dat schadelijk zijn voor zijn welbevinden.

Hoogenkamp: „Alle propaganda van defensie kan niet voorkomen dat een militair die dit meemaakt, zich afvraagt of dit het waard is geweest. Zo iemand zal zich die vraag zijn hele leven blijven stellen. De geestelijk verzorger die hem bijstaat, zal de vraag naar de zin van zo’n oorlog al voor die tijd gesteld moeten hebben. Je moet de twijfel hierover ook durven toelaten in je eigen hart, en ondertussen bij iemand blijven. Als ik in het ziekenhuis bij mensen zit met kanker komen er ook vragen naar de zin ervan. Pasklare antwoorden helpen dan niet. Je moet de twijfel en de vragen die er zijn, niet overschreeuwen. De vraag naar de zin van de missie in Afghanistan is een spannende vraag, en ook een eerlijke vraag. Een geestelijk verzorger bij defensie die deze vraag onder ogen ziet, is juist heel geschikt voor deze positie. Ze mogen bij defensie in hun handen knijpen dat er zo iemand beschikbaar is. Je wordt betaald om nabij te zijn, niet om precies te weten hoe het zit en de beleidsnotities uit Den Haag te reproduceren.”

Tollefsen knikt. „Daar ben ik het mee eens. Ik denk dat een geestelijk verzorger die moeite heeft met besluiten van de kerk bijvoorbeeld, of in dit geval van de politiek, een toegevoegde waarde heeft. Die weet des te beter welke zorg er nodig is. Je hoort je in onze functie neer te leggen bij besluiten waar je het niet mee eens bent. Dat gebeurt in de kerk net zo goed als in het leger. Het gaat er niet om, welke politieke ideeën je hebt maar welke zorg je verleent. Dan komt de integriteit om de hoek kijken, bij de scheiding tussen je persoonlijke opvattingen en het werk wat je doet.

Ik denk dat iedere christen principieel tegen oorlog zou moeten zijn. Dat zou betekenen dat er helemaal geen aalmoezeniers aangesteld kunnen worden. De pacifistische principes zouden de zorg in de weg staan. Zo werkt het dus niet. Geestelijke verzorgers zijn er om te luisteren naar problemen. Neem nu de schuldgevoelens die een militair kan hebben als hij iemand doodgeschoten heeft. Misschien worden die gevoelens wel gekleurd door het geloof en zijn ze anders bij een moslim dan bij een christen. Dan is het belangrijk dat een moslimmilitair met een imam over zijn schuldgevoelens kan praten. Dan doet her er niet toe of die imam voor of tegen de oorlog is.”

„En het kan ook best zo zijn”, voegt Hoogenkamp toe, „dat we deze man die tegen de oorlog in Afghanistan is, later een visionair man noemen. Wie weet hoe we over vijf jaar over deze oorlog denken?”

Staatssecretaris Jack de Vries heeft in ieder geval de steun van deze twee elftalspelers bij zijn voornemen om Ali Eddaoudi tot legerimam te benoemen.

mailIcon print |