*

 

Stofzuigerverkopers

Door: redactie − 03/01/09, 00:00

Oliveira de Figueira en Serafijn Lampion. Dat zijn de mannen aan wie ik steeds moet denken als ik weer eens heb besloten een film te bekijken op één van de ’commerciëlen’, zoals RTL 4 t/m 8, SBS en Veronica. Voor niet-ingewijden: Oliveira de Figueira en Serafijn Lampion zijn personages uit de beroemde stripalbums van Kuifje. Serafijn Lampion is een joviale man in een goed gesneden pak, met een vlotte babbel en met een absoluut gebrek aan het vermogen te luisteren naar anderen, rekening te houden met de gemoedstoestand van wie dan ook in zijn omgeving, en met maar één doel: het verkopen van verzekeringen voor zijn maatschappij ’Mondass’. Oliveira de Figueira is een kleine, gezette, kalende man met een puntsnorretje die ook maar één missie heeft: het verkopen van nutteloze rotzooi aan een ieder die zijn pad kruist. Oliveira de Figueira ziet zelfs kans om stofzuigers te verkopen aan bedoeïenen middenin de Sahara. En het maakt niet uit waar het avontuur zich afspeelt: op een schip midden op de oceaan, middenin de grootste woestijn ter wereld, of thuis in Molensloot; op momenten dat je ze kunt missen als een niersteen-aanval, duiken ze op, die vermaledijde Serafijn Lampion die je een verzekering probeert aan te smeren, of Oliveira de Figueira met zijn stofzuigers, zijn gordijnstoffen en zijn vlekkenwatertjes.

Zodra je een film op één van de commerciële stations bekijkt, ben je aan deze verkopers van verzekeringen, stofzuigers en andere rotzooi overgeleverd. Op zich zijn verkopers en marskramers niet eens zo’n probleem; geld moet immers blijven rollen, zeker in deze tijden. Zo lang je maar kunt zeggen ’geen interesse’ en je ze buiten de deur kunt houden. Maar de Serafijnen en Oliveira’s van de commerciëlen komen je huiskamer binnen zonder te kloppen, ze nemen een koude tocht mee en gaan ongevraagd met hun vieze schoenen op je bank zitten. Vervolgens toeteren ze ongegeneerd in je oren dat je hun rotzooi moet kopen. Als het echte mensen waren, zou je ze zó aan hun broekband van drie hoog de trap af flikkeren.

Nu kijken we thuis al niet zo vaak naar films bij de commerciëlen - teveel explosies, teveel personages met een onfijn driftleven, teveel lawaai, ook ervoor en erna - maar soms, zo nu en dan, is er een film die de moeite waard lijkt. Zoals laatst, toen RTL de televisiefilm ’Dresden’ had geprogrammeerd. Een naar verwachting redelijk ingetogen film met een flinke portie historie.

We gingen er eens goed voor zitten. Na een minuut of tien zaten we helemaal ’in’ de film, zoals het hoort bij een rolprent waar de makers hun best op hebben gedaan. Totdat - we hadden het kunnen weten - even plotseling als onaangekondigd, het beeld naadloos overging van een huiskamer in Dresden in 1944, naar een lichtblauwe badkamer in een okselfris Hollands Vinex-huis in 2008. Iets met een luchtje, of iets met superhygiënisch schoonmaken, ik weet het niet meer. Vrolijk muziekje eronder. En de stem van Serafijn Lampion. Maar het zou ook Oliveira geweest kunnen zijn. In ieder geval zo’n man die ook stofzuigers verkoopt, als er een grijpstuiver aan te verdienen valt.

De wijze waarop films bij de commerciële omroepen worden onderbroken - of beter: vernield - door schreeuwerige reclame, heeft niets meer met tv maken van doen, maar met vandalisme. Cultuurbarbarij. Huisvredebreuk. Zoals een potloodventer je mooie wandeling kan verzieken.

Wij weten het nu zeker: nooit, nooit kijken wij meer naar een film bij een van de commerciële omroepen. Wij kopen liever de dvd, zodat we ons ongestoord kunnen laten meevoeren door het verhaal.

Of zou dat... Nee, toch?... Dat dat misschien juist de bedoeling is?...

mailIcon print |