Als het aan de asfaltlobby ligt, komt er nóg een snelweg door landgoed Amelisweerd.
Het is koud, nat ook, maar alleen al de silhouetten van de knotwilgen in de mist, die in een lange rij opdoemen langs de Kromme Rijn, maken deze winterse wandeling de moeite waard.
Vanwege de bloeiende bloemen en de verschillende kleuren groen wordt de lente algemeen beschouwd als het meest aantrekkelijke jaargetijde om er met de wandelschoenen op uit te trekken. Het begin van de zomer – zo eind juni – biedt door zijn uitbundigheid ook een aanlokkelijke wandelsfeer. De herfst kan eveneens bekoren, én om het kleurenpalet én soms ook nog door de temperatuur. Maar die winter, ach de winter, die is maar koud, nat en ongezellig.
Moederziel alleen dus loop je aan de hand van de Kromme Rijn de stad Utrecht uit. Deze rivier blijft bij je tot aan Bunnik, waar per trein de terugreis wordt aanvaard. Het ware doel is echter landgoed Amelisweerd, dat opnieuw bedreigd wordt door de asfaltlobby. Amelisweerd – bestaande uit de drie landgoederen Oud- en Nieuw-Amelisweerd en Rhijnauwen – is het stadspark van Utrecht.
Zo’n dertig jaar geleden werd deze groene long ook al in de tang genomen door de aanleg van de A27. Verwoede protesten deden het tracé iets naar het westen opschuiven, zodat er toch nog wat groen overbleef. Maar nu pogen de wegenbouwers alsnog hun gram te halen met een bypass van de A12 die over Amelisweerd aansluiting op de A28 moet krijgen. Of is het wisselgeld om van de A27 zonder gedoe een achtbaans-snelweg te maken?
Jaarlijks genieten tussen de een en anderhalf miljoen mensen van dit magnifieke natuurgebied. Magnifiek, omdat dit het laatste bos van enige omvang is op kleigrond en het hoge, soms zeer oude bomen kent. Het bos is aangelegd rondom de drie genoemde landhuizen en kenmerkt zich door een lanenpatroon in trapeziumvorm. Aan dat lanenpatroon is nog zijn feodale oorsprong af te lezen: er zijn lanen voor de heren en paadjes voor het personeel. Nu kunt u zonder gevaar overal lopen. Dat heet vooruitgang. Of die vooruitgang is gediend bij nog een snelweg door Amelisweerd, moet worden betwijfeld. De toekomst is immers groen.
Onderlangs stadion Galgewaard verlaat de wandelaar de bebouwing en haar stadse geluiden. Dat rumoer loopt echter naadloos over in het continue geruis van de auto’s op de A27 die even later voor je opdoemt.
Na kruising van die barrière zie je ze dan verschijnen: tientallen kale knotwilgen, in gelid neergezet aan de zuidoever van de Kromme Rijn. Pure poëzie, gelardeerd met autolawaai. De weg loopt hier namelijk nog even met je mee en daarom nemen we bij de eerste gelegenheid een afslag. Dat is het bruggetje over de rivier dat leidt naar Nieuw-Amelisweerd. Het pad loopt oostwaarts, weg van de snelweg naar het hart van deze groene oase.
Geen levende ziel te bekennen of het moeten de honderden jaren oude linde- en kastanjebomen zijn. Je wilt deze winterse verstilling nog even vasthouden, want wellicht is het daarmee gedaan als straks in het oosten ook nog een autobaan wordt aangelegd. Dan is dit stuk bos ook werkelijk natuur ter grootte van een krant.
Om de mist uit de botten te bannen, nemen we een kop verrukkelijke linzensoep van de Veldkeuken bij Oud-Amelisweerd en lopen we langs het in Amsterdamse Schoolstijl gebouwde theehuis Rhijnauwen en het gelijknamige fort Amelisweerd uit, richting Bunnik. In de hoop dat we bij een volgende keer niet nog een keer een snelweg moeten kruisen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.