*

 

Minder breed, maar dieper op hoofdpunten

Van onze redactie media − 23/01/09, 00:00

Met een kleine kernredactie een succesvolle krant maken: Het Parool werd gedwongen dat te leren. In 2002 stopte uitgever PCM met de noodlijdende krant, die een beetje landelijk en een beetje Amsterdams was.

Toenmalig hoofdredacteur Erik van Gruijthuijsen en adjunct-hoofdredacteur en latere directeur Frits Campagne redden de krant van de ondergang. Ze verzelfstandigden Het Parool met hulp van het Belgische uitgeversconcern De Persgroep, kozen een nieuwe journalistieke koers en sneden stevig in het personeelsbestand. 23 journalisten moesten er uit. Dat was een concessie, want er bleven 78 redacteuren over. Persgroep-topman Christian Van Thillo had op slechts 65 willen uitkomen, zegt Van Gruijthuijsen.

Dat is nu eenmaal zijn aanpak: in één keer je verlies nemen, vertelt Van Gruijthuijsen. „Keihard saneren en dan bouwen. Zo krijg je een krachtige kernredactie met generalisten die het nieuws volgen en daaromheen een organisatie met flexibele specialisten.” Maar met Van Thillo bleek te praten en zo konden er meer redacteuren blijven, mits de krant binnen drie jaar uit de rode cijfers kwam.

De grootste klappen vielen bij de redacties die niet pasten bij ’de kerntaak van de krant’. Het Parool koos ervoor een Amsterdamse krant te worden. Redacties als binnenland, buitenland, economie en sport werden uitgedund, terwijl de stadsredactie werd opgetuigd met een dubbel aantal redacteuren.

„Het ging snel beter”, zegt Van Gruijthuijsen. „Het eerste jaar na onze verzelfstandiging maakten we een aanzienlijk verlies, het jaar erna een beperkt verlies en daarna vier ton winst.”

De kwalitatieve gevolgen zijn acceptabel, vindt de oud-hoofdredacteur. „Door ons volledig op Amsterdamse kwesties te storten, werd de krant minder breed, maar gingen we dieper waar we diep wilden zijn. We stuurden voortaan twee man naar Ajax, in plaats van één naar Ajax en één naar PSV. Onze verslaggeving over Ajax ging er een stuk op vooruit. Zo wordt je krant leidend. Toen ik als hoofdredacteur aantrad, waren we de derde krant van Amsterdam, toen ik vertrok de eerste.”

Volgens Van Gruijthuijsen, nu hoofdredacteur en directeur van het persbureau ANP, moeten ook de andere dagbladen keiharde journalistieke keuzes maken om te kunnen voortbestaan. „De tijd van algemeen nieuws is voorbij. Papieren media moeten een specialisme kiezen waarmee ze de lezer iets unieks bieden. Anders betaalt die niet voor een gedrukte krant. Algemeen nieuws staat wel op internet. Dat is ook de visie van Van Thillo. Belgische kranten denken goed na over het concept en de doelgroep. ’De passie voor de lezer’, noemt Van Thillo dat.”

Dat neemt niet weg dat beslissingen zwaar kunnen vallen op redacties. Van Gruijthuijsen: „Het viel niet mee om journalisten van deze beslissingen te overtuigen. Sommigen waren teleurgesteld, anderen snapten dat er niet veel te kiezen viel. Het was de dood of de gladiolen. Gelukkig werden het de bloemen.”

mailIcon print |