*

 

Foute neuroloog... of foute medische zorg?

Rien Vermeulen hoogleraar neurologie aan de Universiteit van Amsterdam − 31/01/09, 00:00

Mogelijk bezweek de Twentse neuroloog vooral voor de wonderen van de MRI-scan.

Hoe komt een neuroloog in Twente, die bij tientallen patiënten ten onrechte Alzheimer of Parkinson vaststelde, tot zo veel foute diagnoses? Nergens zag ik een afdoende verklaring, terwijl het voor de hand ligt dat de fouten niet opzettelijk tot stand komen. Uit de berichten blijkt dat hij bij zijn diagnostiek de nadruk legt op het aanvullend onderzoek, zoals MRI-scans en dat met de patiënt openhartig over de resultaten van de scans werd gesproken. Dit te grote vertrouwen in nieuwe technieken bij het stellen van de diagnose is wijdverbreid en leidt niet alleen in Twente tot foute diagnoses.

Van belang te weten is dat neurologische diagnoses zelden met 100 procent zekerheid worden gesteld. Diagnostiek begint met een gesprek met de patiënt over de klachten. Dat kost nogal wat tijd (en levert de neuroloog weinig geld op). Daarna volgt lichamelijk onderzoek, waarbij neurologen onder andere met het bekende hamertje de reflexen slaan. Bij de meeste patiënten kan zo de diagnose al met hoge waarschijnlijkheid worden gesteld.

Neurologen gaan na hun opleiding vaak meer vertrouwen op MRI-scans. Scans laten echter afwijkingen zien die bij een bepaalde ziekte voorkomen, maar die ook gezien kunnen worden bij andere ziekten, zelfs bij gezonde mensen. Als deze afwijkingen niet in verband worden gebracht met het verhaal van de patiënt en de bevindingen bij het lichamelijk onderzoek, kan de uitslag van de scan tot foute diagnoses leiden.

Dit geldt ook voor het gebruik van een eenvoudige test van cognitieve functies, de MMSE, die door een van de Twentse patiënten in een interview werd genoemd. Haar score was 22, wat inderdaad kan komen door de ziekte van Alzheimer, maar ook andere oorzaken kan hebben.

Diagnostiek met te veel nadruk op technisch onderzoek wordt helaas door de overheid bevorderd. Onlangs kreeg het Alzheimer Centrum een forse subsidie, terwijl in dit centrum de nadruk ligt op technisch onderzoek en snelheid, een riskante combinatie, die vrijwel zeker tot foute diagnoses zal leiden.

Patiënten hebben ook vaak meer vertrouwen in technisch onderzoek. Bijvoorbeeld bij rugklachten vinden patiënten vaak dat zij niet voldoende zijn onderzocht als de neuroloog geen MRI-scan laat maken. De overbodige scan wordt dan toch gemaakt of de patiënt laat er op eigen kosten een maken. Die scan kan afwijkingen laten zien die de klachten geenszins verklaren. Maar de patiënt wil van de afwijking op de scan af en gaat op zoek naar een chirurg die dat voor hem wil doen. Als hij die chirurg hier niet vindt, dan wel in Duitsland.

In het neurowetenschappelijk onderzoek gebeurt iets vergelijkbaars: universiteiten kopen tegen enorme bedragen apparatuur om de hersenen af te beelden, maar onderzoek zonder een hypothese levert dezelfde verwarring op als technisch onderzoek bij een patiënt zonder diagnose vooraf.

Het volksgericht tegen de neuroloog op tv is niet om aan te zien. Ik hoop dat dit gedoe toch iets oplevert: meer inzicht hoe diagnoses worden gesteld en hoe technologische wonderen –waartoe de MRI scan zeker gerekend moet worden– ons geweldig op het verkeerde been kunnen zetten. Neurologen hebben vooral tijd nodig. Om met de patiënt te praten. Een tekort aan tijd, dat ook het probleem van de Twentse neuroloog was, is niet door MRI-scans goed te maken.

mailIcon print |