De KNVB komt niet terug op het besluit om FC Eindhoven onder curatele te houden. Het einde van de eerste divisieclub lijkt daarmee onafwendbaar.
Omringd door een bataljon camera’s en microfoons zat voorzitter Ed Creemers gisteren om 13.45 uur in de bestuurskamer te wachten naast de fax. Toen het apparaat begon te ratelen en het logo van de KNVB verscheen, richtten de ogen van alle aanwezigen zich op hem. Zijn verkrampte blik tijdens het lezen van de brief verraadde de inhoud.
De beroepscommissie licentiezaken handhaafde de correcties op de jaarrekening en stelde de club voor het derde opeenvolgende seizoen onder curatele. Doordat verdere sancties uitbleven, behoudt Eindhoven zijn proflicentie. Deze voetnoot leidde niet tot euforie. De nummer 16 van de eerste divisie loopt door het besluit van de voetbalbond broodnodige inkomsten mis.
„Een schande”, foeterde Creemers in een eerste reactie. „Tien maanden werk ligt in één klap op de vuilnisbelt. Waarom doet de KNVB ons dit aan? We zijn een gezonde club met een positief eigen vermogen. Al begrijp ik best dat er bepaalde regels zijn waaraan een club zich moet houden. De motivering van de uitspraak krijgen we volgende week. Dan bekijken we of er mogelijkheden zijn om bezwaar aan te tekenen.”
Creemers kon niet ontkennen dat de financiële status van Eindhoven precair is. Bij een positief besluit van de KNVB had de bijna 100-jarige club een flinke som geld tegemoet kunnen zien. Stadgenoot PSV stond op het punt een schuld van twee ton kwijt te schelden. De gemeente wilde de lichtmasten kopen voor 350.000 euro. Mits Eindhoven van categorie I naar II opschoof.
„Die afspraak heb ik met ze gemaakt”, pareerde Creemers, die het bedrag reeds in de afgewezen jaarrekening had verwerkt. „Ik wilde geen centen afpikken van belastingbetalers. We moeten binnenkort nog maar eens met elkaar om de tafel gaan zitten. Wie weet komen we dan tot nieuwe inzichten. Er moet heel snel iets gebeuren. Dit houden we geen half jaar meer vol.”
De 70-jarige voorzitter hervond, na een moment van treurnis, zijn strijdlust. „Al staat de deur maar op een heel klein kiertje, dan nog mogen we niet opgeven. Vrijdag speelt Eindhoven gewoon tegen Emmen voor de competitie. We zijn er nog.”
Hoewel Creemers een straaltje licht bespeurde, wil hij niet eigenhandig de kar trekken. Een gesprek met de spelers en het overige personeel van de club moet uitsluitsel geven. Als zij niet meer geloven in betere tijden, staakt hij de strijd. „Aan hen laat ik de beslissing of Eindhoven het resterende deel van de competitie moet uitspelen”, legde hij uit. „Zo’n zwaar besluit moet je in mijn beleving gezamenlijk nemen.”
Zelf probeerde hij de moed er in te houden. Terwijl de medewerkers van Eindhoven nagelbijtend door het Jan Louwers Stadion liepen, bestelde hij champagne. „Om op te drinken als het goede nieuws uit Zeist zou komen”, vertelde hij zonder een spoortje ironie in zijn stem. Toen de kurk –zoals werd verwacht, gezien het zware voortraject– op de fles bleef, nam Creemers een voorschot op de toekomst. „Die champagne blijft in het koelvak staan. We gooien hier niets weg.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.