Het schelden van PVV-er Hero Brinkman is misplaatst, zeker waar het Aruba betreft.
Hero Brinkman (PVV) tart onophoudelijk de Arubanen en Antillianen met zijn ongefundeerde en steeds herhaalde kreten. Al een paar jaar eist hij dat Nederland de eilanden afstoot – wat helemaal niet kan – en brengt hij de economie van Aruba in gevaar door op de Amerikaanse TV-zender Fox negatief uit te halen naar Aruba.
Begrijpelijk dat de Arubanen tot het uiterste getergd zijn. Zo’n uitspraak op de Amerikaanse televisie veroorzaakt miljoenen schade aan het toerisme, waar het van leeft. De beschuldigingen zijn voor Aruba des te schrijnender omdat juist Aruba getoond heeft dat het goed op eigen benen kan staan.
Ontwikkelingshulp krijgt Aruba na 2008 niet meer. Aruba heeft die hulp steeds minder nodig. Door het toerisme met verve te ontwikkelen is in de periode 1985-2007 het bruto binnenlands product verzesvoudigd en het ouderdomspensioen voor 62-plussers – de Arubaanse AOW – meer dan verdubbeld. Aruba kent al meer dan 20 jaar nauwelijks of geen werkloosheid. Aruba heeft Nederland dus hoogstens nodig voor de noodzakelijke stabiliteit en rechtszekerheid.
De Antillen hebben te lang geaarzeld bij de opbouw van het toerisme, maar het eiland ontwikkelt dit inmiddels met enthousiasme en succes. Bij het aangaan van de nieuwe status voor Curaçao en St. Maarten wil Nederland garanties voor degelijk bestuur, stevige rechtshandhaving en financiële stabiliteit. Daar is niet iedereen gelukkig mee, maar het voorkomt ontsporingen en is een voorwaarde voor een stabiele toekomst en vruchtbare samenwerking binnen het koninkrijksverband.
De PVV van Brinkman wil zo snel mogelijk van de landen overzee af. Hij mag dat namens zichzelf en zijn partij best vinden, maar gelukkig voor de Arubanen en Antillianen kan het Statuut voor het Koninkrijk alleen gewijzigd worden als alle drie landen daaraan meewerken. De band met Nederland verbreken betekent op termijn inlijving door Venezuela en dat is dus geen aantrekkelijk alternatief.
In Nederland wordt vaak gezegd dat het Statuut bedoeld was als overgang naar totale onafhankelijkheid. Dat is echter niet het geval. Zoals in 1942 door koningin Wilhelmina beloofd, wilde Nederland onder de toenmalig premier Drees zowel met Indonesië als met de West een einde maken aan de koloniale verhoudingen. De voormalige koloniën zouden een hoge mate van zelfstandigheid krijgen, maar toch tot het Koninkrijk blijven behoren. Voor Indonesië was het toen al te laat, maar de besprekingen met ’de West’ werden herhaaldelijk onderbroken omdat Nederland pertinent een zelfbeschikkingsrecht weigerde. Pas na vier jaar onderhandelen en aandringen door Suriname en de Antillen ging Nederland uiteindelijk met tegenzin akkoord.
De omslag kwam in de jaren 70 toen men merkte dat ondanks het Statuut sommige VN-leden Nederland niet als gedekoloniseerd wilden erkennen. Dus drong Nederland bij Suriname en de Antillen aan op onafhankelijkheid. Suriname liet zich ompraten, maar de Antillen koesteren de relatie. Aruba wilde alleen afscheiding van Curaçao. De Antillen als geheel naar onafhankelijkheid sturen werd zo onmogelijk. De meerderheid van de bevolking op alle eilanden wil dat graag zo houden.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.