*

 

De vierde koning vond de nacht meer iets voor dieven

Jean-Jacques Suurmond − 06/01/09, 00:00

Wat is wijs? vroegen de drie koningen zich af, deinend op hun kamelen. Ze waren op zoek. Er was een ster verschenen die niet op hun gewone kaarten stond. Zoals in onze tijd bankiers op zoek gingen toen ze geld zagen glitteren buiten hun normale boekhouding. Zij deinen in limousines, de kamelen van Wall Street.

Wijs is, dachten die koningen, om een paar geschenken mee te nemen. Niet overdreven duur: naast wat goud, een beetje mirre en wierook. Want stel dat het waar is wat de verhalen zeggen, dat de wereldheerser geboren is? Dan kun je toch niet met lege handen aankomen? Voor je het weet vliegt je kop eraf. Nee, de drie koningen moesten aan zichzelf denken. Is dat wijs? Eerder verstandig, zou ik zeggen.

De bankiers dachten ook verstandig aan zichzelf. Ze brachten leningen en hypotheken naar hun klanten, tegen heel gemakkelijke voorwaarden. Bijna een geschenk. Elke verkochte lening leverde hen een bonus op. Die ster buiten het normale bankverkeer ging steeds verleidelijker glanzen.

Er is een oude legende over een vierde koning. U gelooft niet in legendes? U bent verstandig en vertrouwt op vrije marktwerking en beurskoersen en beleggingen?

Maar een legende verdraait de werkelijkheid niet. Ze verfraait die zodat die meer werkelijkheid wordt, als u begrijpt wat ik bedoel.

Die vierde koning was heel anders dan de eerste drie. Ook hij had geschenken bij zich. Geen wierookstokjes die je bij elke drogist kunt krijgen, maar drie edelstenen. Heel kostbaar; hij had er zijn hele bezit voor verkocht. Want hij was echt wijs.

Hij hield geen rekening met zichzelf, zoals zijn drie verstandige voorgangers. En zoals de bankiers die hun bezit vermeerderden ten koste van uw baan en pensioentje. Die vervolgens, heel slim, een beroep doen op belastinggeld om hun wankele torens van spiegelglas overeind te houden. Die, nog slimmer, de kredietcrisis voorstellen alsof het een natuurramp is. Daaraan kun je merken dat ze veel ervaring hebben opgedaan met het verkopen van zaken die niet reƫel zijn.

Inderdaad: het is heel ernstig, niemand zag de crisis aankomen, niemand is schuldig of zelfs verantwoordelijk, spraken de bankiers hoofdschuddend in een hoorzitting van de Tweede Kamer. Buiten werden hun kamelen gewassen.

Zo verstandig was de vierde koning niet. Hij wil zijn edelstenen niet voor zichzelf houden maar schenken aan de pasgeboren wereldheerser. Hij raakt echter verdwaald. Want die ster kon je overdag niet zien. Vandaar dat de drie koningen ’s nachts reisden.

Maar de vierde koning vond de nacht meer iets voor dieven, dromers op zoek naar hun betere ik, en over hun laptop gebogen bankiers. Hij reisde overdag zodat hij de ster uit het oog verloor en in plaats daarvan mensen zag.

Zo komt hij in een dorp waar een jongen bruut wordt opgepakt. Hij heeft een zelfgemaakte raket afgevuurd naar het buurland dat grond van zijn familie heeft ingepikt. Zijn moeder klaagt en jammert luid in de deuropening. Haar tranen fonkelen. De vierde koning tast in zijn zak en koopt de jongen vrij met een edelsteen.

U voelt het al aankomen: met de andere kostbare stenen gaat het net zo. Dat komt ervan als je bij daglicht reist: dan zie je van alles. Ronddolend, arriveert hij in een stad en ziet een meisje dat klanten lokt, een blonde straatster. Het is de enige manier om haar schulden af te lossen. Hij betaalt met de tweede steen en laat haar vrij. Ze is mooi, dit ter geruststelling van de verstandigen onder ons. Het maakt zijn daad immers begrijpelijk. Hij is ook maar een mens, zullen ze denken, die soms impulsief kan handelen.

De ster blijft overdag hardnekkig zoek, zodat de vierde koning lang blijft zwerven over de aarde.

Na zo’n dertig jaar, vertelt de legende, komt hij in een grote stad, een heilige stad. Hij ziet hoe een soldaat te paard een man voortdrijft. Zijn blote lijf glanst in de middagzon. Hij draagt een balk. Niet zomaar een balk, maar de last van de wereld: strijd, schuld, honger, crisis, verdampte beleggingen, pensioenen die niet geïndexeerd zijn.

Hij geeft de soldaat zijn laatste steen, een rode diamant, met het verzoek om die man te laten lopen. Maar de ruiter laat zijn zweep striemend neerdalen op zijn hoofd, na eerst de edelsteen in zijn zak te laten glijden.

Stervend, ziet de vierde koning iets bijzonders.

Wat ziet hij?

Een verstandige bankier die wijs wordt. Hij snelt toe en als Nietzsche vliegt hij om de hals van het paard; als Simon van Cyrene tilt hij mee aan de balk; als God raakt hij daarbij zijn streepjescolbert en identiteitspapieren kwijt.

Onwerkelijk, echt een legende, zegt u? Blijft u maar lekker achter uw ster aandeinen.

In de nacht.

mailIcon print |