*

 

Boeken brengen orthodoxe en katholieke Russen nader tot elkaar

Geert Groot Koerkamp − 11/03/10, 00:00

De verhoudingen tussen de rooms-katholieke en de Russisch-orthodoxe zusterkerken zijn nog altijd verre van hartelijk. Dat vruchtbare samenwerking tussen beide wel degelijk mogelijk is, bewijst een katholieke uitgeverij in Moskou.

Het is nog stilletjes in de boekwinkel. Een vroege bezoeker bladert door een orthodoxe prekenbundel. De ochtendzon valt schuin door het raam en beroert een kalender met iconen. Jean-François Thiry wijst op een religieuze afbeelding achter de kassa die een parabel uit het Marcusevangelie verbeeldt: de biddende Christus dobbert met zijn angstige discipelen in een bootje op het woelige water, het gezicht verborgen in de handen.

Thiry lacht: „Het verhaal is overbekend, natuurlijk. Maar we grappen hier vaak dat Christus zich hier in wanhoop afvraagt: mijn God, met wat voor mensen zit ik hier in deze boot!” Waarmee hij maar wil zeggen dat de kerk, elke kerk, ook maar mensenwerk is.

Sinds 1991 woont en werkt de 42-jarige Belg in Rusland. Hij begon als vertaler in Novosibirsk en is tegenwoordig directeur van een centrum dat religieuze literatuur uitgeeft en verspreidt in Rusland. Het is een voortzetting van een praktijk die al bestond in de Sovjettijd, toen religie in de ban was en uitgeverijen in België en Italië bijbels en andere religieuze boeken in het Russisch drukten en naar de Sovjet-Unie smokkelden.

„Wij zijn in Rusland begonnen in 1993”, zegt Thiry. „Vanaf 1991 was het duidelijk dat je gewoon hier kon werken, dat het niet langer zin had Russische boeken in het buitenland te drukken en hierheen te sturen. Daarom besloten we onze activiteiten te verleggen naar Moskou.”

Hoofdsponsor van het project was de katholieke liefdadigheidsorganisatie Kerk in Nood, in 1947 opgericht door de Nederlandse pater Werenfried van Straaten. De katholieke kerk had behoefte aan een uitgeverij die steun bood bij de wederopbouw van de relatief kleine rooms-katholieke gemeenschap in Rusland.

Toenadering tot de Russisch-orthodoxe kerk stond vanaf het begin hoog op de agenda, zegt Thiry. „We wonen in een Russisch-orthodox land en daarom móet onze activiteit wel een oecumenisch karakter hebben: katholieken en Russisch-orthodoxen moeten samenwerken. En dus hadden we van begin af aan zowel orthodoxe als katholieke titels in onze catalogus. Zo kunnen we katholieke boeken verspreiden in een Russisch-orthodox milieu en orthodoxe boeken in de katholieke kerk. De orthodoxen komen daardoor meer te weten over de katholieke kerk en andersom. Veel katholieken zijn buitenlanders die vaak slecht op de hoogte zijn van de plaatselijke tradities en de plaatselijke cultuur.”

Thiry’s centrum ’Pokrovskije vorota’ functioneert met de zegen en actieve steun van zowel een katholieke bisschop als een Russisch-orthodoxe metropoliet. In een historisch pand in de Moskouse binnenstad zijn de uitgeverij en een boekwinkel gevestigd en vinden lezingen en discussieavonden plaats. Thiry: „We wilden een plek creëren waar katholieken en Russisch-orthodoxen met elkaar kunnen omgaan, waar de kerk in contact kan treden met de samenleving.”

Daarmee is het centrum in Rusland een wat vreemde eend in de bijt. Sinds begin jaren negentig verlopen de kerkelijke contacten tussen Rome en Moskou stroef, vooral als gevolg van soms gewelddadige schermutselingen tussen Russisch-orthodoxen en Grieks-katholieken, rondom kerkelijke bezittingen in het westen van Oekraïne. Dat conflict, waarvoor Moskou excuses eist van Rome, heeft een ontmoeting tussen de paus en de patriarch van Moskou altijd in de weg gestaan. De vurige wens van paus Johannes Paulus II ooit nog eens naar Moskou af te reizen is daarom nooit vervuld.

„Op onze weg zijn we zowel hindernissen als aansporingen tegengekomen”, zegt Thiry. „Soms kwam er kritiek uit de katholieke kerk, want men begreep niet altijd waar dat nou goed voor was, die samenwerking met de Russisch-orthodoxen. Men zei bijvoorbeeld dat wij onze ziel hadden verkocht aan de Russisch-orthodoxe kerk. Onzinnige beschuldigingen natuurlijk. En in de orthodoxe kerk dacht men dat we ons stiekem bezig hielden met proselitisme, zieltjeswinnerij.”

Het wederzijds wantrouwen overwinnen is een moeizaam en tijdrovend karwei, maar het begint vruchten af te werpen, zo bleek al bij de opening van het huidige centrum. Thiry: „We kregen toen gelukwensen van zowel paus Johannes Paulus II als patriarch Aleksi II, die inmiddels beiden zijn overleden. Dat liet zien dat dit de juiste weg was.”

Dat werd nog duidelijker toen de uitgeverij een boek uitbracht van de toenmalige kardinaal Joseph Ratzinger, met een voorwoord geschreven door, toen nog, metropoliet Kirill. „Nu is de één paus geworden en de ander patriarch”, zegt Thiry. „En in zijn voorwoord raadt Kirill alle Russisch-orthodoxen aan het boek van kardinaal Ratzinger te lezen. Dat toont aan dat wat wij doen, goed is voor beide kerken, juist door zo’n platform voor contact te bieden. En die dialoog, dat is nu min of meer de officiële lijn van de Russisch-orthodoxe en de katholieke kerk.”

Zelf is Thiry is lid van een werkgroep die is opgezet door de Duitse kardinaal Walter Kasper en patriarch Aleksi II om de problemen tussen de godsdiensten in Rusland te bespreken. De kerk van Rome en die van Moskou hebben elkaar nodig, is zijn overtuiging: „Ik denk dat de druk vanuit de seculiere samenleving de standpunten van de katholieke en de Russisch-orthodoxe kerk steeds dichter bij elkaar brengt.”

mailIcon print |