De aanklager van de KNVB gaat de uitspraken onderzoeken van PSV-trainer Rutten, die zaterdag na de 2-1 nederlaag bij NAC de arbitrage bekritiseerde. Kan hij zijn tijd niet beter besteden, denk je dan.
Er valt weinig aan te onderzoeken. Het was vreemd wat Rutten zei, ongepast ook en héél kleingeestig toen hij sprak van een ’Twents gekleurd’ arbitraal trio.
Bepaald niet zo’n grote trainer als her en der al werd gesuggereerd naarmate hij in de schrale Nederlandse competitie langer ongeslagen bleef –maar dat hoeft de aanklager niet vast te stellen.
Wat zal hij dan onderzoeken? Toch hopelijk niet of, zoals Rutten beweerde, nu wel of niet door een grensrechter is gezegd dat hij en zijn makkers uit Twente kwamen? Toch niet hoe dicht de grensrechter in Enschede in de buurt woont van het stadion van PSV’s concurrent FC Twente, en hoe groot de straal daarbij moet zijn om al dan niet als verdacht te worden aangemerkt?
Heel erg moe word je onderhand van het geweeklaag over scheidsrechters en van alle bekrompenheid van dien, maar óók van de oeverloze analyses. Het fragment van de val van PSV-verdediger Marcellis vóór het winnende NAC-doelpunt kwam zondagavond in het praatprogramma ’Studio Voetbal’ gevoelsmatig een keer of twintig voorbij. Niemand schrikt ervoor terug om vijf minuten uit te trekken om pak ’m beet NEC - Sparta nog eens met een vergrootglas te bekijken.
Ook in de twintigste herhaling struikelde Marcellis. Bij 2-1 al, dat wel, had PSV een strafschop moeten krijgen. Op arbiter Braamhaar uit Enter viel verder weinig aan te merken. Rutten sprak, nog vriendelijk voor hem geschat, voor 98 procent onzin.
Maar hij sprak in de tijdgeest. Het is mode om te suggereren dat Nederlandse scheidsrechters er niet al te veel van kunnen –alsof zulks door grenzen bepaald zou kunnen zijn. Wie kort door de bocht wil gaan, kan erop wijzen dat er geen nationale arbiters voor het WK zijn aangesteld. Alsof daarin met nota bene twee scheidsrechters uit Nieuw-Zeeland en één uit Maleisië, Oezbekistan en van de Seychellen niet ook ondoorzichtige diplomatieke factoren hebben meegespeeld.
Laat maar eens gesteld zijn dat er in Nederland over het algemeen kordaat wordt opgetreden tegen ruw spel. Arbiter Nijhuis uit Enschede zette met twee rode kaarten bij Sparta - Feyenoord vroeg in het seizoen de toon. Menige grensrechter verrast ons in de herhaling met een scherp oog voor buitenspel. Zou scheidsrechter Vink uit Noordwijkerhout werkelijk slechter zijn dan Dean, een Engelsman uit het land van de bewierookte arbiters die er onlangs bij PSV - HSV een rommeltje van maakte? Kuipers uit Oldenzaal had laatst geen centje pijn bij Stuttgart - Barcelona, in de Champions League.
In de met dat niveau onvergelijkbare Nederlandse competitie maken voetballers veel meer fouten dat de scheidsrechters in hun verdraaid moeilijke vak. Wie over de arbitrage klaagt, leidt bovenal de aandacht af van het onvermogen van zijn spelers of zichzelf.
Maar daarop kan een aanklager geen straf baseren. Wél op de onbeschaafdheid om de integriteit van scheidsrechters in twijfel te trekken. Dat kan worden aangepakt zoals onbeschofte tackles door Nederlandse scheidsrechters.
Een schorsing voor Rutten, wedstrijdje of twee, en een geldboete –het moet maar eens afgelopen zijn.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.