*

 

Vrij-katholieke Kerk breidt de Bijbel uit met gnostische teksten

Cokky van Limpt − 09/03/10, 00:00

De Vrij-Katholieke Kerk voegt met ingang van Pasen de Nag Hammadi-geschriften toe aan het Nieuwe Testament. Voorgangers kunnen dan voor de eerste of tweede lezing in de mis ook kiezen uit deze, veelal gnostische, teksten.

De Vrij-Katholieke Kerk (VVK), met tussen de achthonderd en duizend leden een van de kleinste Nederlandse kerkgenootschappen, heeft besloten de Bijbel uit te breiden met vroegchristelijke teksten die in de eerste eeuwen de canon van het Nieuwe Testament niet hebben gehaald. Het gaat om de ’Gnostische bibliotheek’, de ruim vijftig gnostische en hermetische geschriften, die in 1945 zijn gevonden onder het Nijlzand bij het Egyptische plaatsje Nag Hammadi. Het bekendste is wel het Thomasevangelie, ook wel het vijfde evangelie genoemd.

„Wij zijn ervan overtuigd dat de kern van het christendom uitgebreider en dieper naar voren komt in de gnostische en esoterische Nag Hammadi-geschriften dan in het Nieuwe Testament”, zegt Theo Mensink, vicaris-generaal van de VVK.

Maar niet alle bij Nag Hammadi gevonden geschriften zijn esoterisch- of gnostisch-christelijk. Er zijn ook voorchristelijke hermetische teksten bij, en platoonse geschriften. „Dat is waar”, beaamt Mensink, „maar binnen de VKK hebben we gezegd, dat het gedachtengoed in deze teksten zo’n waardevolle, bijzondere toevoeging is op wat wij wisten over het geloven en denken in de eerste eeuwen, dat we de tekstvondst in haar geheel hebben toegevoegd.”

Een team van vier vrij-katholieke priesters en een bisschop heeft een selectie gemaakt van teksten die voortaan, naast de Bijbel, gebruikt kunnen worden voor de epistel- of evangelielezingen tijdens de mis. Leidraad daarbij waren de aparte ’intenties’ of thema’s van de zondagen en feestdagen van het vrij-katholieke kerkelijke jaar, zoals waarheid, vrede of liefde.

Uit de Nag Hammadi-geschriften, in de Nederlandse vertaling van Jacob Slavenburg en Willem Glaudemans, selecteerde het team vooral die teksten waarin Jezus aan het woord is of geciteerd wordt. Ook zijn er in de bundel ’Alternatieve lezingen voor het kerkelijk jaar’ teksten opgenomen uit ’Het Grote Boek der Apokriefen’, samengesteld door Jacob Slavenburg, en uit het Corpus Hermeticum, vertaald door Roel van den Broek en wijlen Gilles Quispel.

De Vrij-Katholieke Kerk is gesticht in 1916 in Engeland, door J.I. Wedgwood en C.W. Leadbeater, vooraanstaand lid van de Theosofische Vereniging. Rond 1920 streek de kerk ook in Nederland neer, waar zij op dit moment negen gemeenten heeft, in Amsterdam, Arnhem, Bloemendaal, Den Haag, Naarden, Raalte, Rotterdam, Utrecht en Zwolle.

Theosofie, esoterie, gnosis, mystiek en de Bijbel vormen de geestelijke basis van het kerkgenootschap. Dogma’s ontbreken, iedereen gelooft wat en hoe hij geloven wil. Daarom noemt de kerk zich ook ’vrij’: geestelijke vrijheid staat hoog in haar vaandel. „Niemand wordt begrensd in zijn overtuiging”, benadrukt Mensink. „Dat is in onze kerk een algemeen aanvaarde gedachte. Je zult daarom in een preek ook vaak horen: ’zoals ik het zie’.”

De kerk kent priesters, bisschoppen en diakens maar geen verplicht celibaat, en heeft van de rk kerk de zeven sacramenten overgenomen, al geeft zij daaraan een verhevener, mystieker uitleg. De Heilige Mis wordt elke zondag in alle kerkgemeenten opgedragen, en iedereen die het altaar met eerbied en in geloof nadert, kan ter communie.

„Wij hechten veel waarde aan het esoterische, onzichtbare aspect van het christendom”, zegt Mensink. „Tijdens de mis zijn wij ons er ook van bewust dat het onzichtbare een belangrijk aspect is van wat er tijdens het celebreren plaatsvindt op energieniveau.”

Hoe sterk die energieën zijn, blijkt uit een anekdote over Mensinks eigen zoon. „Hij woonde in de Utrechtse Herenstraat boven de kerk, recht boven het altaar. Als hij vrienden op bezoek kreeg, begonnen die altijd onmiddelllijk te gapen. Ze ontspanden daarboven. Dat huis is helemaal doortrokken van de kerktrillingen.”

mailIcon print |