*

 

'Tweede huis stuwt krimpregio'

Wybo Algra − 11/03/10, 00:00

Plattelandsgemeenten moeten niet zo moeilijk doen over mensen die een tweede huis willen kopen, vinden de makelaars: liever deels, dan helemaal niet bewoond.

Het ontmoedigingsbeleid voor tweede-woningbezit moet radicaal om, vindt makelaarsclub NVM. Nu nog werpen plattelandsgemeenten stevige barricades op voor mensen die azen op een weekendhuisje. Zij vrezen spookdorpen: druk in de zomer, uitgestorven in de winter.

Maar volgens de NVM is het tweede-woningbezit juist prima voor de zogeheten krimpgemeenten: de gebieden, vooral aan de randen van Nederland, waar de bevolkingsdaling de komende decennia hard zal toeslaan. Het alternatief is dat huiseigenaren hier structureel genoegen moeten nemen met lange verkooptijden, dalende huizenprijzen, leegstand en verpaupering.

Vandaag zetten de makelaars de lobby in, te beginnen bij demissionair staatssecretaris Bijleveld van binnenlandse zaken. Zij ontvangt uit handen van NVM-voorman Ger Hukker een actieplan voor de krimpgebieden. Gedeputeerden en wethouders van krimpgemeenten krijgen hetzelfde document aangeboden.

De makelaars willen met hun plan, getiteld ’Krimpgebied=kansgebied’, het imago van de krimpregio’s aanpakken. Want juist aan de randjes van Nederland zijn de huizen betaalbaar en is er nog ruimte. Voor mensen die daar permanent willen wonen, of recreatief. NVM-woordvoerder Roeland Kimman: „Wij zeggen tegen gemeenten: ga daar soepeler mee om. Als mensen in Zeeuws-Vlaanderen of Oost-Groningen een tweede huis willen, waarom niet?”

Verder pleiten de makelaars voor een sloopfonds tegen verkrotting, te vullen door huiseigenaren, banken, corporaties en overheden, en met inkomsten uit de overdrachtsbelasting. Ook willen ze meer ruimte maken voor kleinschalige bedrijvigheid. Het bevorderen van het tweede-woningbezit staat niet alleen haaks op het beleid van veel gemeenten, die het recreatief wonen in en om de dorpen juist willen tegengaan. Ook de landelijke overheid heeft het kopen van een tweede huis ontmoedigd door in 2001 hiervoor de hypotheekrenteaftrek te schrappen. Maar er zit verandering in de lucht. Zo vroeg het kabinet vorige week aan de Sociaal-Economische Raad om uit te zoeken wat de economische bijdrage van tweede-huizenbezitters kan zijn voor de krimpgebieden.

Tweede-huizenexpert Geurt Keers van adviesbureau Rigo juicht een soepeler beleid van de gemeenten toe. „Het beleid is heel restrictief geweest”, zegt hij. „Dat heeft er toe geleid dat mensen naar België of Frankrijk zijn uitgeweken. Doodzonde, die kapitaalvlucht. Bovendien, andere maatregelen tegen de krimp werken niet. Zoals de profilering van Zeeland als het Florida van Nederland voor rijke pensionado’s.”

Voor zover hij weet, is nooit onderzoek gedaan naar de economische betekenis van tweede-huizenbezitters voor het platteland. „Maar het is zeer waarschijnlijk dat het helpt.”

Zie Frankrijk of Spanje, waar dorpen die op uitsterven na dood waren nu weer floreren. Dankzij de mensen die daar een huis hebben gekocht en opgeknapt. Reddende engelen, wat Keers betreft, ook al gebruiken ze het huisje alleen in weekeinden en vakanties. Ze doen boodschappen in de plaatselijke supermarkt, tanken bij de lokale benzinepomp en drinken een glaasje in het dorpscafé. „En ze zitten er ook in de winter, of ze sturen hun vrienden er naartoe. Zo maken ze ook nog reclame voor zo’n streek.”

mailIcon print |