*

 

Chaos Noord-Korea door herwaardering van munt

Sybilla Claus − 04/02/10, 00:00

Inflatie en honger maken het leven in Noord-Korea extra zwaar. Herwaardering van de munt heeft tot chaos en protesten geleid.

  • Ongedateerde foto van de Noord-Koreaanse leider Kim Jong Il. (AP)

Woede over een strenge herwaardering van de Noord-Koreaanse munt heeft voor zeldzame volksprotesten gezorgd. Sommigen gooiden hun oude won-biljetten weg, anderen staken ze in brand. Levensgevaarlijk, want dit betekent in Noord-Korea hoogverraad, omdat de beeltenis van oud-leider Kim Il-sung erop staat.

Deze weken sijpelden via vluchtelingen berichten door dat zelfs agenten zouden zijn aangevallen, die de privéhandel belemmerden.

Eind vorig jaar besloot het Noord-Koreaanse regime de nationale munt te herwaarderen. Zo wilde het de relatief nieuwe, bloeiende klasse van handelaren uitschakelen en het zwarte geld, dat er een steeds grotere plek inneemt, uit de markt halen.

Handelaars kopen in China alles waarvan Noord-Korea te weinig maakt: keukengerei, voedsel, kleding, schoenen, mobieltjes. Daarom werd tegelijkertijd het bezit van buitenlandse valuta (veel handel gebeurt in dollars of Chinese yuan) aangepakt. En privémarkten zijn beperkt; sommige gesloten, andere mogen maar vier uur per dag open.

Sinds de hongersnood van de jaren negentig, waarbij wel twee miljoen inwoners zouden zijn gestorven, is handel in het stalinistische land ingeburgerd. De staat levert simpelweg te weinig voedsel en goederen. In 2002 werden straat- en boerenmarkten officieel toegestaan. Maar bij tijden volgt een ingreep van de overheid, die alles weer onder centrale regie wil krijgen.

Biljetten moesten in één week worden ingewisseld tegen een koers van 1 op 100, en een maximum van 100.000 oude won, ruim 20 euro.

Maar met deze herwaardering van de munt, verloren ook veel gewone burgers hun spaargeld van jaren, hetgeen tot paniek en chaos leidde. Iedereen sloeg als een gek aan het inkopen, zodat tegen de tijd dat de nieuwe biljetten geldig werden, de winkelschappen leeg waren.

De vraag naar amper beschikbare producten leidde tot grote inflatie. In januari zou de rijstprijs op privémarkten zijn vertienvoudigd. Urenlang moeten Noord-Koreanen in de vrieskou in de rij staan voor voedsel.

Vanwege de chaos na de herwaardering, zou de belangrijkste financiële man, Pak Nam-ki, begin januari zijn gestraft. Althans, volgens een woordvoerder van de Zuid-Koreaanse inlichtingendienst is Pak uit de openbaarheid verdwenen. Diverse facties binnen het regime in Pyongyang geven elkaar de schuld van de problemen, verklaarde de Zuid-Koreaanse krant Chosun Ilbo op basis van een anonieme bron in Peking.

Er is ook minder voedsel beschikbaar in Noord-Korea dan voorgaande jaren, doordat Pyongyang noodhulp weigerde te vragen van de nieuwe regering-Lee in het zuiden. Die kwam aan de macht in voorjaar 2008 en maakte korte metten met het Zonneschijnbeleid van haar voorganger, die juist toenadering tot Noord-Korea zocht.

Bovendien voerde Noord-Korea in mei 2009 een nucleaire test uit, waardoor sancties werden aangescherpt. Zelfs in hotelrestaurants –bedoeld voor buitenlanders en kader– zouden nu tekorten zijn.

Er komen uit diverse bronnen geruchten over hongerdoden. Zo beweren etnische Koreanen aan de Chinese kant van de grens dat er doden zijn gevallen in grensstad Sinuiju. Dat stadje steekt bleek af tegen miljoenenstad Dandong aan de overkant, maar deed het naar verhouding goed dankzij handel met China. Ook in de steden Chongjin en Tanchon zouden mensen door honger zijn omgekomen. De crisis laat de bevolking op lange termijn maar één keus: haar heil zoeken op de zwarte markt.

Het regime zal weer terug moeten naar het zeslandenoverleg, waar (nucleaire) ontwapening centraal staat, met hulp als lokkertje. En Pyongyang zal weer toeristen uit Zuid-Korea moeten toestaan, die de oude stad Kaesong bezoeken en een reisje maken naar Diamantberg, wat tientallen miljoenen euro’s per jaar kan opleveren.

mailIcon print |