In Mongolië en Groenland leeft de bevolking dicht bij de natuur, maar erg milieubewust zijn de mensen er niet. Inkomen gaat voor. Milieubeschermers Dangaasuren Enkhbat en Mikkel Myrup vechten eenzaam voor de groene zaak.
Op Groenland moet een aluminiumsmelterij verrijzen. Nu er bovendien succesvolle proefboringen bezig zijn naar olie en gas, hoopt het land een nieuw Koeweit te worden, waar de oliedollars binnenstromen. Maar is hierbij aandacht voor het kwetsbare arctische milieu? De eenzaam strijdende Groenlandse milieubeschermer Mikkel Myrup vindt van niet. „Het proces is niet te stoppen.”
Het is nog niet helemaal zeker, maar de plannen zijn vergevorderd. Bij het plaatsje Manitsoq, ongeveer 150 kilometer ten noorden van hoofdstad Nuuk, zal een aluminiumsmelterij van het Amerikaanse concern Alcoa verrijzen. Dit concern is ook op IJsland actief. Maar waar in IJsland de aluminiumproductie omstreden is, klinkt in Groenland slechts een enkel kritisch geluid.
Mikkel Myrup gebruikt bijna al zijn vrije tijd om zijn landgenoten ervan bewust te maken dat aluminiumproductie géén groene industrie is. „Zo schildert Alcoa dat namelijk graag af, omdat er waterkracht bij wordt gebruikt. Maar we moeten kijken naar het hele plaatje. In de landen waar bauxiet, de grondstof voor aluminium, wordt gewonnen en geraffineerd heeft dit grote gevolgen voor het milieu.”
De 39-jarige museumcurator is vrijwilliger voor de natuur- en milieuvereniging Avataq. Hij maakt zich geen illusies over wat hij kan uitrichten als voorzitter van een organisatie met veertig betalende leden in een land ter grootte van Duitsland, Frankrijk, Spanje en Engeland samen.
„Het is een strijd van David tegen Goliath. Met dit verschil dat in het bijbelse verhaal David wint. In ons geval is dat tamelijk onrealistisch”, klinkt het droog.
„Wij kunnen er alleen voor zorgen dat mensen ons standpunt horen via de media. Maar de aluminiumsmelterij komt er. Het proces gaat door, dat kunnen wij niet stoppen”, aldus Myrup.
Veel Inuit dromen van een volledige onafhankelijkheid van Denemarken. Juist de toekomstige inkomsten uit mijnbouw, gas- en oliewinning en aluminiumproductie moeten de weg vrijmaken naar de zelfstandigheid. Maar Myrup verwijt Groenlandse politici dat ze niet kritisch genoeg zijn. „Ze kijken alleen naar de inkomsten en het creëren van banen.”
Werkgelegenheid is belangrijk in Groenland, geeft hij toe. Van visserij en toerisme alleen kan het land zich niet bedruipen. En de traditionele jacht staat onder grote druk door de klimaatveranderingen. Jagers zakken door het ijs. Bij Ilulissat, iets ten noorden van de poolcirkel, houdt men op dit moment delen van de eeuwenoude hondensleeroutes open met een soort kluunmatten.
Maar Myrup onderstreept dat de bevolking van Groenland (56.000) laagopgeleid is en die banen daarom waarschijnlijk naar buitenlanders gaan.
Hij is er ook niet gerust op dat de politici ingewikkelde onderhandelingen kunnen voeren met grote, transnationale concerns, waarbij duizelingwekkend hoge bedragen gemoeid zijn. „We kunnen hun retoriek niet doorzien. Bovendien ligt het niet in onze volksaard om wantrouwig te zijn. We zijn nogal makkelijk in de maling te nemen”, vindt Myrup.
Zo heeft de Groenlandse regering de beslissing over hoe de samenwerking met Alcoa eruit moet zien, steeds voor zich uit geschoven. Wordt Groenland mede-eigenaar, gaat het de aluminiumproductie in concessie geven of alleen elektriciteit uit waterkracht verkopen?
Typisch voor Groenland en moeilijk voor Avataq is de diep kritische houding van veel Inuit ten opzichte van Greenpeace. Acties van Greenpeace tegen de commerciële zeehondenjacht in Canada hebben ook de bontprijzen in Groenland doen kelderen. Maar in Groenland vangt men de dieren om ze op te eten en daarna het bont te verkopen. Jagerfamilies hebben het moeilijk en daarom krijgt Greenpeace de schuld.
Mede hierdoor hadden de Inuit geen begrip voor de acties van Greenpeace in september, die de proefboringen voor de westkust van Groenland enkele dagen stil legden. Greenpeace is in hun ogen een vijand van de economische vooruitgang.
Dit verwijt krijgt Myrup ook vaak naar zijn hoofd geslingerd. Zelf komt hij niet toe aan actievoeren tegen de mogelijke olie- en gaswinning op zee. „We kunnen niet overal strijd leveren.” Wel heeft hij contacten gelegd met Inuit in Canada, voor wie een eventuele olieramp ook grote gevolgen kan hebben.
Bedreigd is hij nooit, maar politici spelen op de man en hij voelt zich daardoor onder druk gezet.
„Af en toe moet ik even een pauze nemen.” Dan neemt Myrup zijn boot en trekt erop uit met zijn gezin.
„Ik ben géén tegenstander van de vooruitgang. Maar de hamvraag waarover de politici moeten nadenken, is: hoeveel industriële ontwikkeling willen we toestaan?”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.