Aankomende mbo-studenten halen bij de start van hun opleiding vaak niet eens het niveau dat ze aan het eind van de basisschool bereikt moeten hebben. Vooral met rekenen hebben ze veel moeite.
Van degenen die beginnen op mbo-niveau 2 blijft met lezen ruim een kwart onder het niveau van de basisschool steken. Met rekenen is het nog erger: daar haalt de helft het basisschoolniveau niet.
De prestaties op de mbo-niveaus 3 en 4 zijn weliswaar hoger, maar ook daar blijven velen ver achter bij wat officieel verwacht wordt van jongeren die net een vmbo-diploma gehaald hebben. Alleen als het gaat om ’luisteren’ scoort een flink deel naar behoren.
Deze gegevens zijn afkomstig uit toetsen die de afgelopen maanden zijn gemaakt door 60.000 net begonnen studenten aan vijftien mbo-instellingen. De toetsen, opgesteld door Bureau ICE, haken aan bij de zogeheten referentieniveaus die sinds het begin van dit schooljaar in de wet vastliggen. Daarin is per schoolsoort bepaald wat een leerling aan de eindstreep moet kunnen op het gebied van rekenen en taal.
De achterblijvende prestaties kunnen vooral mbo’ers op niveau 4 opbreken. Zij moeten in 2014 voor het eerst landelijk examen doen. De examenstof voor taal en rekenen zal afgeleid worden van het wettelijk vereiste niveau.
Dat niveau is even hoog als voor scholieren die havo-examen doen. Maar aan het begin van hun mbo-opleiding zit bij rekenen de helft van de studenten nog op het niveau van de basisschool of zelfs daaronder.
Bureau ICE nuanceert die slechte resultaten enigszins. „Als studenten maar één onderdeel van een toets ondermaats maken, zakken ze al onder het vereiste niveau”, zegt Stan Broos van ICE. „Maar inderdaad, deze cijfers baren zorgen.”
De slechte prestaties van beginnende mbo’ers komen niet uit de lucht vallen. Ze sluiten aan bij de verwachtingen van docenten uit het vmbo, de schoolsoort waar bijna alle mbo’ers vandaan komen. Veel docenten vinden dat de nieuwe wet de lat te hoog legt, bleek vorig jaar uit een enquête. Voor vmbo’ers is het wettelijk vereiste niveau vaak gewoon onhaalbaar, denken zij.
Minister van onderwijs Van Bijsterveldt houdt vast aan die wettelijke eisen, maar belooft ’zorgvuldige’ invoering, zegt ze in een reactie. „Er is nog veel werk aan de winkel.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.