Voor 30,05 euro had de Partij voor de vrijheid (PVV) kunnen weten dat Tweede-Kamerlid Eric Lucassen een strafblad heeft. Dat zijn de kosten voor een verklaring omtrent het gedrag, in de volksmond een ’bewijs van goed gedrag’.
PVV-leider Wilders zei donderdag naar aanleiding van commotie rond het Kamerlid Lucassen dat zijn partij geen geld heeft ’om dure bureaus in te huren’ voor het nagaan van de antecedenten van kandidaat-Kamerleden. Het Centraal orgaan verklaring omtrent het gedrag (Covog) rekent echter maar 30,05 euro om het justitieel documentatiesysteem te raadplegen en zo nodig navraag te doen bij politie, Openbaar Ministerie en reclassering.
Politieke partijen zijn primair zelf verantwoordelijk voor het controleren van kandidaten. Blijft er na de screening twijfel bestaan over de integriteit van de kandidaat, dan kan de Algemene inlichtingen- en veiligheidsdienst (AIVD) op verzoek van de voorzitter van een politieke partij – kosteloos – ’naslag’ doen in de eigen bestanden. Dat gebeurt alleen in ’een aantal specifieke’ gevallen, waarover de AIVD geen mededelingen doet. Voor zo’n onderzoek moet er sprake zijn van een mogelijke bedreiging van het openbaar bestuur in relatie tot de nationale veiligheid. De AIVD zegt geen kandidatenlijsten te onderzoeken. „De dienst zou dan een onwenselijke rol kunnen krijgen in het democratisch bestel”, aldus de AIVD.
Partijen als de VVD en de PvdA vragen geen bewijs van goed gedrag. Van kandidaten die binnen de partijgelederen opklimmen, is de achtergrond meestal wel bekend. „Voordat mensen op gesprek komen, zijn ze al heel wat stations in de partij gepasseerd”, zegt een PvdA-woordvoerster. Tijdens het gesprek over de kandidatuur wordt gevraagd of er nog belastende zaken zijn die de partij zou moeten weten. De PvdA schakelt bij twijfel een particulier onderzoeksbureau in; de VVD vraagt twee referenties. „Maar fouten 100 procent uitsluiten, kun je nooit”, aldus de PvdA-woordvoerster.
De partij beslist zelf of ze een verklaring omtrent het gedrag aanvraagt en welke gevolgen ze daaraan verbindt. Strikt genomen is een strafblad geen beletsel om Kamerlid te worden. „Dat zou een ongrondwettelijke beperking van het passief kiesrecht zijn”, schreef toenmalig minister van binnenlandse zaken Remkes in 2006. Alleen een rechter kan bij vonnis bepalen dat iemand wordt uitgesloten van het kiesrecht.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.