*

 

Islamisering Europa gekeerd door het nieuwe christendom

Evert Jan de Wijer − 13/11/10, 00:00

Moet Europa vrezen voor een islamisering van de samenleving, of moeten zulke waarschuwingen met een korrel zout worden genomen? De Britse wetenschapper Jenkins neigt naar het laatste. Vooral omdat hij verwacht dat het christelijk geloof vanuit Afrika en Azië een comeback zal maken in de westerse wereld.

  • Leden van de Pinkstergemeente in Kenia. (Reuters)
    Leden van de Pinkstergemeente in Kenia. (Reuters)

Het schrikbeeld van Eurabië heeft zich niet alleen in Europa maar ook en vooral in Amerika vastgezet. Philip Jenkins, hoogleraar geesteswetenschappen aan de Pennsylvania State University, lijkt zich in zijn boek ’Gods Werelddeel’ voorgenomen te hebben dit beeld voor zijn Amerikaanse gehoor te nuanceren.

Radicaal islamisme straf voor Nederland

Van het speciaal voor de Nederlandse vertaling geschreven voorwoord wordt de Europese lezer niet vrolijk. De gemiddelde conservatieve en gelovige Amerikaan heeft zich van Nederland een fantasievoorstelling gemaakt waarbij dit Sodom en Gomorra van multiculturalisme en verdraagzaamheid gestraft werd door de opkomst van een radicaal islamisme. Drie gebeurtenissen – die ruim aandacht kregen in de Amerikaanse samenleving – hebben aan deze veronderstelling bijgedragen: de moord op Theo van Gogh in 2004, de Werdegang van Ayaan Hirsi Ali en de film Fitna van Geert Wilders.

Ten overstaan van dit simplisme, waarvan te vrezen valt dat dit geluid tegenwoordig niet alleen in de Verenigde Staten klinkt, is dit boek een aangename verrassing. Terwijl je van de gemiddelde Amerikaan vermoedt dat hij Amsterdam ergens in Denemarken situeert, is Jenkins – ongetwijfeld vanwege zijn Britse komaf – uitermate goed op de hoogte van de Europese en vooral de Nederlandse situatie. Zo komen zowaar namen als Wouter Bos en Tariq Ramadan voorbij en houdt de actualiteit pas halt bij het jaar van uitgave (2007) terwijl Jenkins in zijn voorwoord in 2010 daar nog aanvullingen bij geeft. Tegelijkertijd behoudt het boek de frisse blik van de buitenstaander.

Eurabië weinig waarschijnlijk

Het is precies deze combinatie van gedegen feitenkennis met een breder, mondiaal perspectief die dit boek tot een originele bijdrage maakt in het debat over de toekomst van religie in Europa. Zo ontkent Jenkins niet dat het aantal moslims in Frankrijk, Duitsland en Nederland toeneemt. Maar hij relativeert het behoorlijk door te wijzen op de geringe stijging van het aantal moslims in Europa als geheel – waardoor met een procent of acht moslims in 2025 weinig reden is tot vrees voor een toekomstig Eurabië.

Ook verwacht hij dat het geboortecijfer van moslims vanaf dat jaar tot het Europese gemiddelde zal dalen terwijl dan al een paar generaties zich heeft leren verstaan met de moderne Europese samenleving die niet erg gecharmeerd is van welke georganiseerde of dogmatische godsdienst dan ook.

Zo religieus zijn moslims niet

Wat betreft het heden, wijst Jenkins op het feit dat de gemiddelde moslim reeds nu al weinig religieus is en zeker niet fanatiek. De ogenschijnlijke drukte rondom de moskeeën is een vorm van optisch bedrog. Tegenover miljoenen vierkante meter kerk in Frankrijk, staat nog steeds slechts enkele duizenden vierkante meter moskee. Er is overmatig veel aandacht voor de rabiate Saoedische versie van de islam, die welbeschouwd niet verder teruggeleid kan worden dan tot de negentiende eeuw. Voor de doorsnee islamitische gelovige gelden veel meer de inzichten van de bokser Amir Khan die, gevraagd naar de politieke kleur van zijn Britse moskee, antwoordde: „Tja, in Bolton zijn ze allemaal zo gewoon. Ze doen hun gebed en praten misschien wat over de Koran, en dat is het dan.” Jenkins sluit niet uit dat op deze wijze lokale varianten, laat ons zeggen Britse, Zweedse en Italiaanse versies van de islam zullen ontstaan.

Toch zou het een misverstand zijn te denken dat het Jenkins vooral om een relativering van de angst voor de islam zou gaan. Precies diens mondiale, caleidoscopische blik brengt hem op zijn eigenlijke thema, dat inderdaad ontbreekt in de gangbare, geseculariseerde en ook zeer westerse sociologische analyses van het fenomeen religie in Europa. Hij wijst erop dat niet alleen in een nauwelijks geseculariseerde samenleving als de Amerikaanse, maar ook in Afrika en Azië het christendom krachtig aanwezig is en amper aan betekenis heeft ingeboet.

De opmars van de christenen uit Zuiden en Oosten

Zo stelt hij provocerend vast dat het Vaticaan reeds nu al 9000 kilometer te ver noordelijk ligt. Maar niet alleen zal het zwaartepunt van het christendom naar het Zuiden en Oosten verschuiven, Jenkins meent eveneens dat dit zelfbewuste christendom zich ook in Europa zal melden. In feite gebeurt dat al omdat de huidige migratiestromen, in tegenstelling tot de populaire meningsvorming, bepaald niet exclusief islamitisch zijn. Jenkins verwacht dat in de presentie van de islam als nieuw fenomeen in de Europese samenleving, ook het christendom zal profiteren van de noodzaak om zich opnieuw op het verschijnsel religie te oriënteren. Op een enkele gramstorige academicus na, is iedereen er wel van overtuigd dat de waarden van de liberale identiteit van Europa van een nieuw fundament moeten worden voorzien, wil het ooit zijn hedendaagse chaotisch pluralisme te boven komen.

De noodzaak van religieuze overtuigingen

Met grote instemming citeert Jenkins hier de anglicaanse aartsbisschop Rowan Williams van Canterbury die stelt dat de liberale identiteit van Europa nu juist gewaarborgd wordt onder een ’hoger oordeel’. Hij wijst daarnaast op de filosoof Jürgen Habermas, toch ooit de grote voorvechter van het project van de Verlichting, die sterk overtuigd is geraakt van de noodzaak van religieuze overtuigingen, zoals die vooral in het werk van Thomas van Aquino gevonden kan worden als ’basis van vrijheid, geweten, mensenrechten en democratie, dé maatstaven van de westerse beschaving’.

Ontwapenend eenvoudig somt de Italiaanse priester Andrea Santoro, ironisch genoeg tijdens de spotprentaffaire in 2006 vermoord door een Turkse moslim, de basis voor een vruchtbare dialoog tussen islam en christendom op: „Een instinctief gevoel voor God en zijn voorzienigheid; spontane verwelkoming van Zijn woord en Zijn wil; een overgave vol vertrouwen aan Zijn leiding; dagelijks gebed te midden van de activiteiten van alledag; zekerheid over het hiernamaals en de wederopstanding; de heiligheid van het gezin; de waarde van eenvoud, van wezenlijke zaken, van gastvrijheid en solidariteit.”

Vaarwel Verlichting

Wie kennisneemt van de grote moeite die de gevestigde politieke partijen hier te lande hebben om hun liberaliteit ook daadwerkelijk aan een diepere levensovertuiging te koppelen – naar mijn oordeel een onderdeel van de verlammende greep die Wilders heeft op het debat – neigt ertoe Jenkins ruim gelijk te geven. Tegelijkertijd krijg je de indruk dat Jenkins wel heel gretig de Verlichting vaarwel zwaait.

Er is – op meerdere plaatsen bewijst dit boek het ook – een onrustbarende overeenstemming tussen dit ’Afrikaanse’ nieuwe christendom en de islam rondom bijvoorbeeld de positie van vrouwen en homo’s. Zowel het leergezag van de Afrikaanse bisschoppen in de rooms-katholieke kerk als de grote moeite die de eerder genoemde Rowan Williams zich moet getroosten om zijn bisschoppen in het Gemenebest binnen de anglicana te houden, geven weinig reden tot optimisme. En al maakt ook de leiding van de Protestantse kerk in Nederland zich naar mijn smaak net iets te vrolijk over al deze christenbloei, een mens zou toch wensen dat er een toekomst kan zijn voor een voluit westers christendom dat door de Verlichting is heengegaan en zijn nieuw gekomen broeders en zusters in de religie dat zou leren. Naar die toekomst lijken de voorspellingen van Jenkins niet te wijzen.

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />