*

 

De werkplek is overal

Roos Menkhorst − 09/10/10, 00:00

Reizigers worden vanaf volgende week opgeroepen eens na te denken over werk – en dan vooral over ’het nieuwe werken’. Dat staat voor: minder op kantoor, meer flexibiliteit, meer thuiswerken, een hogere productie en minder autokilometers.

  • Kees van Puijenbroek, directeur van adviesbureau Veldhoen+Company: "Ik heb alleen een laptop en een tas nodig." (CHRIS KEULEN)

Verspreid over de ruimte zitten mensen achter hun laptop. Ze werken op zwartleren banken achter verstelbare tafels. Op iedere tafel prijkt een schemerlampje. Twee vrouwen maken een praatje aan de bar, een ander drinkt een cola. De ruimte doet denken aan een hotellobby, maar schijn bedriegt: dit is het kantoor van het Maastrichtse adviesbureau Veldhoen+Company. Hier wordt gewerkt, overlegd en vergaderd volgens ’het nieuwe werken.’

„Er werken bij Veldhoen dertig mensen, maar als er vijftien op kantoor zijn is het een piekdag”, vertelt Kees van Puijenbroek, directeur van Veldhoen. Een eigen kamer heeft hij niet, laat staan een kast met papieren. „In principe heb ik alleen een laptop nodig en een tas.”

Sinds 1989 adviseert Veldhoen+Company bedrijven bij het invoeren van een andere manier van werken. Het begon ooit met een opdracht van de politie Zuid-Limburg, nu geeft Veldhoen advies aan financiële dienstverleners als Interpolis en Rabobank, aan gemeentes en aan ziekenhuizen.

Wat is ’het nieuwe werken’? Werken waar en wanneer je wilt, daar gaat het in principe om. Werknemers zijn veel minder op kantoor, werken vaker thuis, op flexibele uren en reizen veel minder -– of doen dat al werkend in de trein.

Geef de werknemer meer verantwoordelijkheid, benadrukt Van Puijenbroek. „Als een werknemer op dinsdagochtend wil zwemmen dan kan dat.” Volgens Van Puijenbroek gaat de productiviteit van een werknemer omhoog wanneer die meer zeggenschap krijgt over de invulling van de eigen werkweek: „Bij al onze projecten zien we terug dat deze manier van werken tot minder ziekteverzuim leidt. Dat komt niet doordat de druk wordt opgevoerd, maar doordat mensen meer zelfstandigheid krijgen.”

Kiezen voor het nieuwe werken betekent ook kiezen voor een andere inrichting van het kantoor. Zo heeft zijn eigen bedrijf een tiental ruimtes met verschillende ’sferen’. Van Puijenbroek: „Essentieel is dat een organisatie gedragsverandering stimuleert. Anders blijven mensen steken in hun oude werkgedrag.”

De werknemers van Veldhoen gaan gemiddeld een keer per week naar kantoor. De rest van de week werken ze thuis, bij de klant, onderweg of in een café. Maar hoe voorkom je dat werknemers een soort veredelde zzp-ers worden? „Juist door die vrijheid voel ik me zo verbonden,” vertelt Roel Geenen (35). Hij is bij Veldhoen verantwoordelijk voor de overheidsprojecten.

Geenen: „Ik kom naar kantoor om mensen op te zoeken. Bij mijn vorige baan zat ik met drie mensen in een ruimte. Je besprak alles. ’s Ochtends hoorde je wat de ander ’s avonds had gedaan. Van de andere 27 werknemers op de afdeling wist ik nauwelijks iets. Bij Veldhoen bespreek je op kantoor veel meer wat er zakelijk leeft. De ruimte is daarop ingedeeld: Je komt elkaar hoe dan ook tegen.”

Consultant Barbera Evers (35) wil nooit meer op een andere manier werken. „Ik werk drie dagen per week en ik heb een jong kind. In een normale kantoorsituatie had ik nooit op dit niveau kunnen werken.” Ze woont in Amsterdam, gemiddeld twee keer per maand is ze op kantoor in Maastricht. „Ik kom dan om collega’s te spreken, vandaag heb ik bijvoorbeeld zes afspraken.” Onderweg in de trein kan ze werken en voor afspraken met klanten reist ze toch al het hele land door.

Als ze thuis werkt staat het chatprogramma op haar computer constant aan, zo blijft ze in contact met haar collega’s. Evers: „Het is echt geen vrijheid blijheid; het uiteindelijke resultaat voor de klant moet gewoon goed zijn. Maar als ik ’s middags mijn dochter van de crèche wil halen, dan kan dat. Ik leg haar in bed, en om acht uur ’s avonds zet ik mijn laptop weer aan.”

mailIcon print |