*

 

Wapenwedloop, gat in de ozonlaag, zure regen: het viel altijd mee

Bart Braun − 23/10/10, 00:00

Als we op deze manier doorgaan, komt de ramp. Maar we gaan nooit zo door. Het gaat beter met de mensheid dan ooit, beargumenteert ex-bankier Matt Ridley in zijn boek ’De rationele optimist’. Hij biedt de broodnodige tegenwicht aan de onheilsprofeten, maar schiet door in zijn optimisme over de vrije markt.

  • Ook in Kanyamazane, Zuid-Afrika, zal de welvaart toenemen. (JÿRGEN CARIS)

In 1798 stelde de Britse predikant en econoom Thomas Malthus vast dat het niet goed kon blijven gaan. De hoeveelheid voedsel die je van het land kunt krijgen is eindig, terwijl het aantal mensen maar blijft groeien. Hongersnood lag op de loer.

In 1830 kwam er een meevaller: droge eilandjes voor de kust van Zuid-Amerika en Afrika bleken bedekt met metersdikke lagen vogelpoep. Daar kun je kunstmest van maken. Vijftig jaar later raakte de guano op. Peak birdshit, zouden we dat nu noemen. In 1898 jammerde een Engelse chemicus dat ’alle beschavingen levensgevaar liepen’. Nog geen vijftien jaar later kwam er het Haber-proces, waarmee je kunstmest kunt maken van stikstof uit de lucht. Er kwamen betere rassen, betere koeling. Er kwamen landbouwwerktuigen die op olie liepen in plaats van op voer dat zelf ook weer landbouwgrond vereiste. Anno 2010 produceert de mensheid meer voedsel dan ooit, op een kleiner oppervlakte per persoon dan ooit.

Door de eeuwen heen zijn er keer op keer onheilsprofeten, pessimisten en zuurpruimen geweest die erop wezen dat het toch écht niet goed kon blijven gaan. De Club van Rome, de wapenwedloop, zure regen, het gat in de ozonlaag, de Millenniumbug: achteraf viel het allemaal reuze mee. En nu zijn er de oliecrisis en het broeikaseffect. Gaan we er dit keer wel aan?

De Britse journalist en ex-bankier Matt Ridley denkt van niet. In zijn boek ’De rationele optimist’ legt hij uit waarom. „De pessimisten hebben gelijk als ze zeggen dat als de wereld zo doorgaat, het voor de hele mensheid op een ramp zal uitlopen.” Maar de wereld gaat nooit zo door. Als de hoeveelheid koetsen in de negentiende eeuw was blijven groeien, stonden we nu tot over onze nek in de paardemest. In plaats daarvan kwamen trein en auto.

Ridley’s optimisme is gebaseerd op het menselijk vermogen tot handeldrijven. Dat zorgt ervoor dat mensen zich kunnen specialiseren. Daarnaast zorgt interactie tussen mensen ervoor dat ’ideeën seks met elkaar hebben’, zoals Ridley het noemt. Dat levert nieuwe technologieën op: uit telefoon en computer ontstond internet. En met nieuwe technologie stijgt de welvaart. De gemiddelde westerling heeft het nu stukken beter dan koning Louis XIV in zijn tijd – en hij was toen de rijkste mens op aarde.

Hoewel die twee hoofdideeën de complexiteit van Sesamstraat niet overstijgen, besteedt Ridley er het grootste gedeelte van zijn 446 pagina’s aan. Zijn verhaal begint bij de eerste jager-verzamelaars, en gaat van de eerste ruilhandelaren via de Phoeniciërs naar het oude Rome, naar de Nederlandse Gouden Eeuw, de Industriële Revolutie, en verder. Alles om aan te tonen dat de vrije markt zorgt voor specialisatie, ideeënseks en welvaartsgroei. Wie een handzamere portie optimisme wil, kan beter terecht bij het ’Grote Goed Nieuws Boek’ van de Nederlandse wetenschapsjournalist Simon Rozendaal.

Ridley is optimistisch over het broeikaseffect. Niet in die zin dat hij het ontkent, maar omdat hij denkt dat de toegenomen welvaart de gevolgen zal bufferen. Birma werd in 2008 door de orkaan Nargis getroffen, en 200.000 mensen verloren daarbij hun leven. Toen het jaar ervoor de orkaan Dean over het schiereiland Yucatán trok, vielen er nul doden. Wie geld heeft, kan dijken, verzekeringen en reddingsvoorzieningen betalen. En dat geld komt er: volgens de meest pessimistische schattingen van het International Panel on Climate Change zal de Derde Wereld de komende jaren twee tot tien keer zo rijk worden, de schade door klimaatverandering meegerekend.

In zijn optimisme over de olievoorraad vraagt Ridley meer van zijn lezers. Voorlopig is er olie genoeg, al wordt die steeds moeilijker om te winnen. We moeten niet overstappen op duurzame energie, want dan houden we volgens hem geen landschap meer over. Kernenergie helpt wel, en „in de toekomst zullen er ideeën zijn die op dit moment niet meer zijn dan een glinstering in de ogen van ingenieurs. () Hoe ik dat weet? Omdat het vernuft tiert als nooit tevoren en het tempo van de vernieuwing toeneemt.”

Het is goed dat de onheilsprofeten van deze wereld wat wetenschappelijk onderbouwd tegengas krijgen. Maar er bestaat ook zoiets als te veel optimisme. Dat wist Ridley overigens al uit eigen ervaring: zijn optimistische leiderschap van Northern Rock zorgde ervoor dat dat de eerste Britse bank was die viel tijdens de recente kredietcrisis. Hopelijk heeft hij het met de gevolgen van de klimaatverandering wel bij het juiste eind.

mailIcon print |