*

 

Meisjes goed in fijne techniek

Somajeh Ghaeminia − 15/12/10, 00:00

Meisjes zijn niet minder technisch dan jongens. Toch laten ze op school de technische vakken vaak links liggen. Een technische vmbo-route voor meisjes moet soelaas bieden.

  • Op vmbo-scholen zijn technische vakken niet in trek bij meisjes. Meisjes zijn wel anders dan jongens, maar niet minder technisch. (FOTO WERRY CRONE, TROUW )

Nienke Kleinsman (14) heeft een bloempot gemaakt. Nu helpt de vmbo’ster een klasgenote met het maken van een dienblad. Eigenlijk droomt ze ervan auto’s ’te pimpen’, net als in televisieprogramma’s als het populaire ’Pimp my Ride’. „Dat lijkt me heel leuk”, zegt ze verlegen.

Nienke zit in de derde klas van een nieuwe opleiding aan de Scholingsboulevard in Enschede. Mae (spreekt uit: mee) is een vmbo-route techniek, speciaal voor meisjes. De leerlingen krijgen in een aparte meidengroep technieklessen, alleen de algemene vakken volgen ze in gemengde klassen. Was dit traject er niet geweest, dan had Nienke net als veel meisjes een veilige keuze gemaakt: de opleiding ’uiterlijke verzorging’.

Al jaren klagen bedrijven en scholen over het geringe aantal meisjes dat kiest voor een technische opleiding. Op havo en vwo gebeurt al veel om meisjes te interesseren voor de exacte vakken. Met succes, want het aantal meisjes dat examen doet in die vakken en daarna kiest voor een technische studie neemt toe. In vmbo en mbo groeit het aantal meiden dat kiest voor techniek eveneens licht, maar daar staat het ’meidenbeleid’ nog in de kinderschoenen (zie kader).

Wordt een opleiding in de techniek aantrekkelijker voor meisjes als ze die apart van de jongens kunnen volgen? Die gedachte kwam op bij drie scholen in Twente. Eén daarvan, de Scholingsboulevard, is in augustus als eerste met zo’n aparte meidenopleiding begonnen. Het is de bedoeling dat komend schooljaar ook het Pius X College in Almelo ermee van start gaat. De derde school is het ROC van Twente; daar kunnen de meiden straks terecht voor een mbo-techniekopleiding.

De meidenopleiding begint na de tweede klas; dan moeten vmbo’ers namelijk kiezen tussen de verschillende sectoren. Onder meisjes is de sector zorg & welzijn vanouds verreweg het populairst, gevolgd door economie en landbouw. Maar Mae in Enschede wist afgelopen zomer vijf leerlingen voor de techniek te trekken. „Vijf meiden, dat vonden wij al fantastisch”, zegt Ingrid Broens, docente elektrotechniek en coördinator van de Mae-klas in Enschede.

Meisjes hebben een andere benadering nodig dan jongens, ook in de didactiek, legt Broens de gedachte achter deze opleiding uit. „Waar een traditionele bouwopleiding eerst begint met lessen als zaagtechniek, beginnen wij bij het begin: wat wil je maken? Ga dat eerst ontwerpen. Gedurende het proces komen de meisjes er achter dat ze ook moeten leren zagen. Het proces draaien we dus om. Want eerst droog leren zagen, daar interesseren meisjes zich niet voor.”

Meiden willen, anders dan jongens, techniek in een maatschappelijke context, zegt Henri Huisman die in opdracht van de gemeente Enschede betrokken is bij Mae. Vandaar ook de naam Mae: dat staat voor ’maatschappij en ...’ „Het moet er toe doen, het moet nuttig zijn. Daarom maken de leerlingen tijdens excursies en stages kennis met bedrijven in onze regio waar veel behoefte is aan technisch personeel. Niet alleen puur technische bedrijven, trouwens, maar bijvoorbeeld ook een verzorgingstehuis waar behoefte is aan een mooi decorstuk voor de Kerst.”

Vanmorgen zijn de Mae-meiden in de weer met ontwerpen voor hun eigen klaslokaal, dat ze opnieuw gaan inrichten. Op ’moodboards’ hebben ze sfeervolle plaatjes geplakt uit tijdschriften, ze bezochten de bouwmarkt om kleurstalen te verzamelen en verdeelden vervolgens in overleg wie wat zal gaan maken voor de metamorfose van hun lokaal. Het resultaat ziet er professioneel uit: de bloempot van Nienke, een fotolijst in de maak door Melody, een ontwerp van wat straks een open kast moet worden, gemaakt door Dewy.

Op stoere werkschoenen stappen de meiden sierlijk door de grote hal die wordt bevolkt door jongens in overalls van een bouwopleiding. Want ook al is hun opleiding alleen voor meisjes, de praktijk leren ze zoveel mogelijk tussen de jongens, zegt Broens. „We willen ze niet isoleren; op de werkvloer komen ze straks ook tussen de mannen.”

Een half jaar na de start van het project worden Broens en haar collega’s bevestigd in wat ze al vermoedden: meisjes zijn toch echt anders dan jongens, maar niet minder technisch. „Jongens uiten hun onzekerheid in stoer gedrag. Meisjes laten hun onzekerheid juist zien, durven vragen te stellen voor ze aan iets beginnen en hebben een rolmodel nodig voor ze een drempel overgaan. Zo vinden veel meiden het eng om gereedschap te hanteren. Doe ik het eerst voor, dan durven zij het ook.”

Haar meiden zullen niet snel ’de harde technische kant’ op gaan, denkt Broens. „Metselaar of elektricien zie ik ze niet snel worden. Maar techniek is veel meer dan die traditionele beroepen. Er is veel mogelijk en dat proberen we ze te laten zien. Van edelsmid, softwareontwerper tot het werken in de domotica, informatica voor in en om het huis: het zijn beroepen waarvoor een fijne techniek is vereist, daar zijn meisjes juist goed in.”

In tegenstelling tot veel meiden van haar leeftijd weet Nadia Pallas (14) al wat ze wil worden: medisch laborante in een ziekenhuis. „Mijn nicht doet dit ook. Zij heeft eerst de vmbo-opleiding verzorging gedaan. Tegen mij werd verteld dat ik daarmee geen laborante kan worden.” Nadia koos voor de Mae-opleiding. „Een brede techniekopleiding is een goede voorbereiding op wat ik wil. Je leert veel, krijgt ruimtelijk inzicht.”

Was Mae er niet geweest, dan had Nadia haar droom waarschijnlijk laten varen. „Of ik had een technische opleiding moeten kiezen, metaal bijvoorbeeld, en dan was ik waarschijnlijk het enige meisje geweest. Dat had ik niet gedaan.”

Dan zou haar keuze toch op verzorging zijn gevallen. „Maar gelukkig is er Mae en dat is veel leuker. Want mensen verzorgen vind ik eigenlijk drie keer niks.”

mailIcon print |