Morgen, de elfde september, zal opnieuw de aanslag op de Twin Towers, het WTC in New York, herdacht worden en in de Nederlandse media zal dan vaak de naam van een omstreden Nederlands politicus opduiken. Maar hier hoeft dat nog niet, hier kunnen we terugkijken op de gebeurtenis zelf, en dan vooral stilstaan bij de slachtoffers – dat is toch de zin van een herdenking.
Misschien een van de allermooiste artikelen die aan de aanslag werden gewijd was dat van Tom Junod, dat in september 2003 , twee jaar na de aanslag, onder de titel The Falling Man in Esquire verscheen. Uitgangspunt voor het stuk is een verguisde foto, die daags na de aanslag in tal van kranten verscheen en verontwaardigde en woedende reacties aan de lezers ontlokte: de vallende man van AP-fotograaf Richard Drew.
De vallende man behoort tot de springers uit het WTC gebouw – de mensen die een dood door een sprong verkozen boven een dood door verstikking of verbranding. Bij alle horror die toekijkende Amerikanen die dag te verduren kregen was de aanblik van mensen die vanuit die brandende torens hun dood tegemoet sprongen misschien wel de meest traumatische. De publicatie van de foto van de vallende man kwam aan als een stomp in de maag – men verweet de kranten sensatiezucht, exploitatie van verdriet, voyeurisme. De foto verdween na die publicatie op 12 september 2001 uit beeld: hij werd taboe verklaard. Niemand zou meer beelden zien van springende mensen, ook de televisie legde zichzelf die censuur op en eigenlijk mocht van springende mensen niet eens gesproken worden: het waren geen zelfmoordenaars, ze waren door de hitte of de explosie naar buiten geblazen.
Tom Junod besloot dat taboe te onderzoeken en verrichtte al schrijvend iets wonderbaarlijks: hij boog de taboe verklaarde foto om in een eerbetoon, een eerbetoon aan de slachtoffers. De foto was als een cenotaaf voor de Onbekende Soldaat – in een oorlog waarvan het einde nog niet in zicht was.
De vallende man werd nimmer met zekerheid geïdentificeerd. Van de drieduizend slachtoffers werden van iets meer dan de helft de resten teruggevonden.
Wie is de vallende man – daarop probeerde Junod een antwoord te vinden. Hij valt op de foto gracieus als een pijl naar beneden, de armen langs het lichaam, kalm en stil is het, links van hem – in volmaakte symmetrie – de ene toren, rechts de andere. Drew schoot met zijn 200 mm lens twaalf opnamen van hem, gedurende de tien seconden die zijn val duurde, op andere beelden is zijn lichaam fladderend, tollend, buitelend, tot het witte jasje van zijn lijf gerukt wordt.
Onder een vergrootglas kwam een latino te voorschijn, met een ringbaardje. Een kelner uit Windows on the World, het restaurant op de bovenste verdieping? Zijn kleding leek dat te suggereren. Junod bezocht – met de foto – mogelijke nabestaanden, pijnlijke confrontaties waren dat. Ze brachten geen uitsluitsel. The Falling Man bleef een onbekende, die, tot icoon gemaakt, voorgoed onze geschiedenis in viel.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.