Deze krant werd ervan verdacht campagne te voeren tegen de – inmiddels mislukte – samenwerking van VVD, CDA en PVV. Trouw zou ruim baan hebben gemaakt voor iedere CDA’er die wilde waarschuwen voor Wilders. En christen-democraten die er anders over denken, zouden we buiten de kolommen hebben gehouden.
We hebben er nooit een geheim van gemaakt dat samenwerking met de PVV niet onze voorkeur had. En ja, we hebben het manifest van verontruste CDA’ers op de voorpagina gezet, en als eerste de dissidenten in de fractie gevonden. Maar dat was goede journalistieke arbeid. Om van een campagne te spreken, is onzin. Daarvoor zijn we te weinig rechtlijnig geweest.
We hebben sinds de verkiezingen ook bochtjes gemaakt, zeker in de redactionele commentaren. Dat is ook niet verwonderlijk, want we werden getrakteerd op een onmogelijke verkiezingsuitslag en een meanderende formatie. Maar sommige lezers begon het af en toe wel te duizelen, en op de redactie was er flink debat over de koers.
Bijvoorbeeld naar aanleiding van het commentaar in de krant van 5 augustus. Daarin stelden we dat het CDA niets te zoeken had in een coalitie met de VVD, gedoogd door de PVV. Sommige lezers reageerden verbaasd: had Trouw niet op 24 juli geschreven dat het CDA nu toch echt met VVD en PVV moest gaan praten over regeringsvorming? En nu deed Verhagen dat, en was het weer niet goed!
Dat klopt. Maar tussen die twee data is er wel het nodige gebeurd. Wij vonden dat er, na het wegvallen van de opties links en midden, serieus gekeken moest worden naar een meerderheidskabinet op rechts. Ook dat bleek echter onmogelijk. En vervolgens waren VVD en CDA bereid nog een stap verder te gaan en genoegen te nemen met gedoogsteun van Wilders. Toen hebben we de hakken in het zand gezet.
Dat leidde tot discussie onder de commentatoren van deze krant. De een vond het te vroeg, en wilde de inhoud van het regeerakkoord zien alvorens een oordeel te vellen. Een tweede stelde hoopvol vast dat Verhagen bezig was Wilders naar kalmer water te loodsen. En een derde vreesde juist dat Wilders aan invloed en volume ging winnen zonder zijn toon te hoeven matigen.
Ook onder commentatoren wordt er gewikt en gewogen. Zeker in deze formatie, waarin het balanceren tussen beginselen en macht tot fascinerende hoogte steeg.
Het CDA, de grote verliezer van de verkiezingen, leek zich lang te ontwikkelen tot spelmaker in de formatie. Dat was een knap staaltje machtspolitiek. En daarvoor kon je bewondering hebben. Tegelijk moest je de vraag stellen, en blíjven stellen, hoeveel water daarvoor bij de wijn van de beginselen gedaan moest worden.
Het is een klassiek debat, zeker in het CDA. En het kan niemand verbazen dat het hart van Trouw meer ligt bij de beginselen en idealen dan bij de machtspolitiek. Tegelijk realiseren we ons dat je voor idealen weinig koopt als je geen wegen baant om ze te realiseren. Daarvoor moet je samenwerken, ook met politieke tegenstanders.
Dat vinden we prima, want het hart van Trouw klopt ook voor de parlementaire democratie. Daarin passen de beginselen dat vooraf geen partij van samenwerking wordt uitgesloten en dat er naar de stem van de kiezer wordt geluisterd. Daarin past ook een commentaar dat pleit voor het zoeken naar een kabinet dat kan rekenen op een stabiele meerderheid in de Kamer, ook als dat kabinet niet de signatuur heeft die deze krant graag zou zien. Maar daarin past niet de stelling dat anderhalf miljoen stemmen op de PVV samenwerking met Wilders tot een plicht maken. Dat is een machtspolitiek argument waarvoor Trouw weinig gevoelig is.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.