*

 

Spreekrecht voor slachtoffers is goed, maar heeft ook grenzen

Door: redactie − 09/09/10, 00:00

Een verdachte van een misdrijf is in dit land –gelukkig– pas schuldig als de rechter heeft vastgesteld dat er wettig en overtuigend bewijs is. Een strafzaak kan daarom voor slachtoffers een frustrerende ervaring zijn: niet hun leed staat centraal, maar het delict en de dader. Het gaat om het ’kille’ onderzoek naar de feiten.

Tegen die achtergrond valt te begrijpen waarom een vrouw bij de rechtbank Rotterdam zich niet kon inhouden en hardop de man verwenste die haar vader, broer, neef en huisvriend dood reed. ’Dat je mag branden in de hel’, zei ze, zo woedend was ze. Hoe goed in te voelen ook, het was een harde verwensing, een uithaal die liever niet standaard moet worden in de rechtszaal. De rechtbank Rotterdam bevestigde deze week dat het een uitzondering was. Strikt genomen had de rechter in kunnen grijpen.

Het voorval tekent hoe rechters nog volop bezig zijn om de grenzen te verkennen. Het spreekrecht voor slachtoffers bestaat nog maar vijf jaar, en juist de beperkingen ervan staan de laatste tijd ter discussie. Het Burgercomité tegen Onrecht, van oud-LPF politicus Joost Eerdman, wil afschaffing van de beperkingen. Zonder dat het in scheldpartijen ontaardt, moeten slachtoffers vrijuit kunnen spreken, vindt het comité. Ook als ze zich persoonlijk tot de verdachte willen richten, ook als ze willen zeggen wat ze van hem vinden, of welke straf hij verdient. Al deze uitingen zijn volgens de huidige regels niet toegestaan.

Het pleidooi van het Comité klinkt sympathiek, maar heeft toch grote risico’s. Het spreekrecht heeft nu als doel om de slachtoffers op de zitting een stem te geven, en een eigen rol in het strafproces. Het bracht een betere balans tussen rechten van verdachten en rechten van slachtoffers. De spelregels zijn ingevoerd om op de zitting confrontaties en emoties waar mogelijk te voorkomen. Een rechtszitting is geen gewone discussiebijeenkomst.

Een onbeperkt spreekrecht zal de praktijk en sfeer van het strafrecht veranderen. Het Comité ziet spreekrecht als ’vorm van genoegdoening’. Dat geeft precies de valkuil aan. Als genoegdoening het doel is, gaat het er blijkbaar om dat slachtoffers al tijdens de zitting, dus voor het vonnis is gesproken, schadeloos worden gesteld. Het gevaar is dan dat het spreekrecht verandert, in een recht om zelf vast recht te spreken. Voorlopig is het zover nog niet. Maar misschien moet het in de rechtszaal toch liever maar zoveel mogelijk om de feiten blijven gaan.

mailIcon print |