Mensen die haar kenden vroegen zich acht jaar geleden af wat Kathleen Ferrier (53) in het CDA te zoeken had. Ze vreesden dat haar partijgenoten weleens heel anders konden denken dan zij. Het deerde haar niet, zei ze toen: „Mensen zijn bang voor verschillen. Ten onrechte. Als er verschillen zijn, dan kun je daar toch over praten?”
In de acht jaar dat de dochter van de oud-president van Suriname in de Kamer zat, heeft Ferrier keurig binnen de partijlijnen geopereerd. Gisteren was de woordvoerster ontwikkelingssamenwerking dan toch een van de dwarsliggers met wie de partijtop apart sprak.
Ferrier, in Suriname geboren en hier opgegroeid, was actief in de migrantenkerken. Daar zag ze hoe belangrijk de kerk is bij de inburgering van allochtonen. Ze voorzag dat pleidooi van een, voor haar doen, scherpe sneer in de richting van twee andere partijen: „Waarschijnlijk zullen partijen als D66 en de PVV de ’scheiding van kerk en staat’ en de ’seculariseringskaart’ blijven spelen.” Met die kritiek had zij dus niets op.
In een bundel over ’Vrouwen en geloven’ ageerde ze vijf jaar impliciet al tegen het gedachtengoed van Wilders: „Ik geloof niet dat de scheidslijnen in de samenleving lopen tussen moslims en christenen, maar veeleer tussen mensen van goede wil en mensen van kwade wil.” Dat de PVV zo groot zou worden, bracht haar vlak na de verkiezingen in juni tot de verzuchting: „Wat is er met dit land aan de hand dat de PVV groter is dan het CDA?”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.