*

 

Wilders’ woorden ontregelen politiek

Jouke de Vries,hoogleraar bestuurskunde Universiteit Leiden − 03/09/10, 00:00

Een ding is duidelijk: er is op de derde dinsdag van september, bij de opening van het parlementaire jaar, geen nieuw kabinet. Dit betekent dat demissionair minister-president Balkenende (CDA), de Algemene politieke beschouwingen nog een keer voor zijn rekening moet nemen.

Het lijkt mij voor Balkenende een prachtige gelegenheid om op humoristisch wijze ’wraak’ te nemen op het parlement en de Nederlandse bevolking. „Dames en heren, u heeft mij op 9 juni 2010 met een verlies van twintig zetels weggestuurd, maar daar ben ik weer! En al zeg ik het zelf, gezien het gepruts van de laatste maanden: Ik was toch een baken van stabiliteit!”

Ziet u het voor u? De elites van Nederland, die op Prinsjesdag opgedoft in de Ridderzaal zitten om naar de majesteit te luisteren? Zij luisteren naar de Troonrede die geschreven is door Balkenende, van wie wij meenden afscheid te hebben genomen. Zouden de parlementsleden zich in al hun pracht en praal zich realiseren dat zij niet meer in staat zijn met elkaar samen te werken? Dat zij incompetent zijn en geen verhaal meer hebben? Dat zij de bevolking, die door faillissementen en werkloosheid wordt getroffen, niets meer te bieden hebben?

Wees gerust. De bevolking realiseert zich zo langzamerhand dat de politiek er niet meer toe doet. Nederland wordt al bijna vier jaar niet meer geregeerd en de bevolking ontdekt dat het leven ook zonder een kabinet gewoon doorgaat, en misschien wel beter.

Koningin Beatrix zal ook wel iebel van deze informatie worden: ze is door bijna al haar informateurs heen. Wie moet zij nu nog vragen? Misschien herleest zij tussen alle consultaties door de boeken van professor Fasseur over haar grootmoeder. Wilhelmina had ook een hekel aan al die kleine politieke partijen die het maar niet met elkaar eens konden worden, terwijl de noden van de bevolking almaar groter werden. Wilhelmina had een sterke weerzin tegen het kleinzielige partijpolitieke gedoe en wilde hervormingen doorvoeren om het meerpartijenstelsel te doorbreken.

Ook nu worden wij geconfronteerd met problemen in de parlementaire democratie. Over vele strijdpunten splitst de bevolking zich in een fifty-fifty-verhouding. Dergelijke strijdpunten zijn nauwelijks oplosbaar voor een democratie. Zo is het in Nederland, maar ook in België en in Australië. Met alle verschillen die er tussen deze landen zijn, lijkt het erop dat er internationale ontwikkelingen zijn die de problemen in diverse democratieën aanjagen.

De belangrijkste verklaring voor de problemen in de nationale democratieën ligt in de processen van globalisering. De globalisering van de economie gaat gepaard met grote immigratiestromen waardoor nationaal georganiseerde volken uit hun vertrouwde omgeving worden getrokken, met onzekerheid als gevolg. Dit gevoel van vervreemding is door anti-immigratiepartijen gepolitiseerd, waardoor de traditionele middenpartijen onder druk zijn komen te staan.

De stelling van ex-VVD-leider Bolkestein bij de presentatie van het boek van politicoloog Meindert Fennema over Wilders is onjuist. Bolkestein stelde dat Wilders geen gevaar is voor de democratische rechtsstaat: „Hij heeft wel veel gezegd, maar niet veel gedaan.” De woorden van Wilders hebben echter een desastreuze uitwerking op de middenpartijen. Wilders bracht de VVD in de problemen, daarna het CDA.

Zoals studenten in de jaren zestig het bestuurlijke leven ontregelden door op de bestuursstoelen van rectoren te gaan zitten, zo ontregelt Wilders de Nederlandse politiek. De zittende politici zijn dit niet gewend, raken vermoeid en happen naar adem.

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />