Een vader van twee jonge sporters bij het Utrechtse Kampong wil dat de vereniging reclameborden van Heineken van de velden verwijdert. Hij heeft een klacht ingediend bij de Reclame Code Commissie.
Volgens hem is de reclame in strijd met de regels die de branche zichzelf heeft opgelegd. In de Reclamecode voor Alcoholhoudende dranken, opgesteld door de dranksector, staat dat alcoholreclame verboden is als het publiek voor meer dan een kwart uit minderjarigen bestaat.
Het is voor het eerst dat er tegen een alcoholproducent een zaak wordt aangespannen voor overtreding van deze regel bij een sportvereniging. De reclamecode bepaalt dat het aan de fabrikant is om aan te tonen dat de regel niet wordt overtreden.
Kampong heeft ruim 1500 jeugdleden, een derde van het totale ledental. Bij voetbal en hockey is 50 procent van de leden minderjarig. Om die reden is alcoholreclame niet toegestaan langs de sportvelden van Kampong, vindt Jan Egbert Harsveld van der Veen, vader van een meisje van 15 dat bij Kampong voetbalt en een jongen van 14 die op de hockey-afdeling zit.
De Heineken-reclame verscheen onlangs op de velden en op een website van Kampong. Heineken is sponsor van de Utrechtse sportclub en ook ’partner’ van de Koninklijke Nederlandse Hockey Bond. De vader heeft ook bestuursvoorzitter Jean-François van Boxmeer van Heineken gevraagd de reclame-activiteiten te staken bij sportverenigingen waarvan kinderen lid zijn.
Harsveld van der Veen: „Het gebruik van alcohol is schadelijk zolang de hersenen in ontwikkeling zijn. Dit proces duurt tot na het twintigste levensjaar. Kampong maakt dus reclame voor een product dat schadelijk is voor een fors deel van zijn leden. Alcoholreclame in een omgeving waar sporters en met name jonge sporters verkeren, doet afbreuk aan de simpele en eenduidige boodschap dat sport en alcohol niet samengaan.”
In een brief aan Heineken roept Harsveld van der Veen een paginagrote dagbladadvertentie uit december 2008 in herinnering waarin de brouwer sportorganisaties opriep aan sporters onder de 16 geen alcohol te schenken. Die advertentie was volgens hem eerder ingegeven door ’bezorgdheid van Heineken over een verdere wettelijke inperking van reclamemogelijkheden, dan door bezorgdheid voor de gezondheid van kinderen’. Heineken wilde volgens hem alleen maar ’een maatschappelijk verantwoord gezicht laten zien’.
De brief: „Een eenmalige oproep in de kranten aan de kantinemedewerkers staat niet in verhouding tot het bombardement aan reclame-uitingen waaraan kinderen op de sportvereniging worden blootgesteld. Heineken probeert de verantwoordelijkheid voor de gezondheid van kinderen te verschuiven naar degenen die in sportkantines werken.”
Volgens Heineken is de reclame bij Kampong niet in strijd met de regels. „In zijn algemeenheid gaan we er vanuit dat we ons houden aan de reclamecode. Maar we wachten de uitspraak van de Reclame Code Commissie af.”
De Nederlandse hockeybond wil niet reageren. „We gaan eerst met Kampong praten en met Heineken. We willen precies weten wat er aan de hand is.” Ook voorzitter Bernard Pekelharing van Kampong wil niet op de zaak ingaan. Hij wil eerst met de briefschrijver praten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.