*

 

Dit is de uitgang van Fort Europa

Cees van der Laan − 05/11/05, 15:34

Het detentiecentrum op Schiphol-Oost werd onder druk van de politiek in sneltreinvaart uit de grond gestampt. Schiphol-Oost is een eindstation. Daar verlaat de vreemdeling Fort Europa.

Het klinkt paradoxaal maar met de brand op Schiphol-Oost, waarbij elf doden vielen, heeft de ietwat anonieme uitzetindustrie een gezicht gekregen. Het woord industrie zal niet iedereen aangenaam in de oren klinken, maar onder andere via de uitzetcentra, waarvan Schiphol-Oost er één is, worden dit jaar volgens de verwachting van Justitie ruim 65000 vreemdelingen verwijderd. Het uitzetten van mensen die hier niet mogen blijven kost de staat een half miljard euro per jaar.

Op meestal anonieme plekken zijn in de afgelopen jaren uitzet- of detentiecentra voor illegalen verrezen die door de prefabbouw tijdelijkheid suggereren. Niemand weet echter hoe lang dat zal zijn. In ieder geval vermoedelijk net zo lang als er vreemdelingen zich in groten getale blijven aandienen.

Wie naar de buitengrenzen van Europa kijkt realiseert zich dat die stroom illegalen niet zal ophouden. In Europa is, ook in de smalle marges van de samenleving, meer kans op een redelijk bestaan dan in grote delen van Afrika, Midden-Oosten, Azië en landen in de voormalige Sovjet-Unie.

Europa heeft in de afgelopen jaren in rap tempo een hek opgetrokken rond de landsgrenzen, waardoor het veel moeilijker wordt binnen te komen om hier te wonen en te werken. Maar daar laten de mensen die vechten voor een beter leven zich niet door weerhouden. In Marokko hangen de Afrikanen aan de hekken van de twee Spaanse enclaves. Met speedboten varen Albanezen en andere nationaliteiten naar Italië. Wie het overleeft en zijn voet kan zetten op Europees grondgebied trekt vervolgens verder. Wie het kan betalen reist in gezelschap van een mensensmokkelaar, per trein, vrachtwagen of het vliegtuig.

De zuidelijke en oostelijke Europese landen vormen de aanvoerroute naar landen als Nederland, Frankrijk, Groot-Brittannië, België, Duitsland en Scandinavië. In Nederland verblijven naar schattingen van Justitie circa 200000 tot 250000 illegalen van wie een klein deel (10 procent) uitgeprocedeerd asielzoeker. De helft vindt werk, in de tuinbouw, de horeca en waar maar een baantje is te vinden, bijvoorbeeld bij particulieren thuis. Naar schatting een derde tot bijna de helft houdt zich in leven met criminele activiteiten, aldus eerder onderzoek van Justitie.

In de afgelopen decennia is onze houding ten aanzien van deze vreemdelingen ietwat dubbelhartig geweest. Als arbeidskracht zijn ze goedkoop en voorzien ze in een behoefte, zo is inmiddels onomstotelijk bewezen. Werkgevers in de tuinbouw of de bouw werden in het verleden niet te hard aangepakt of het vormde geen prioriteit voor overbelaste politiekorpsen. Veel illegalen werden met een enkeltje op de trein naar België gezet of na hun aanhouding gewoon weer vrijgelaten. Een minderheid werd gedwongen uitgezet.

Vanaf eind jaren negentig is het beleid geleidelijk aan aangescherpt, hoewel rond 2000 nog maar 37 procent van het totaal aantal aangehouden illegalen 'effectief' werd uitgezet, zoals dat in de taal van de Justitie-ambtenaren werd omschreven.

De twee kabinetten-Balkenende verklaarden een eind te willen maken aan deze houding waar de schaduw van gedogen overheen lag. Illegalen bezetten plekken waar werklozen aan de slag zouden kunnen en ze veroorzaken overlast. Bij overbewoning van panden in achterstandswijken, drugsgebruik, prostitutie en criminaliteit zijn illegalen betrokken, luidde de analyse. Het huidige kabinet besloot echter illegaliteit niet strafbaar te maken, wat het eerste kabinet-Balkenende wel wilde. Hechtenis leidt er alleen maar toe dat deze mensen nog langer in Nederland blijven.

In de illegalennota van minister Verdonk (vreemdelingenbeleid) kondigde zij op een breed front een harde aanpak van het illegalenprobleem aan. Werkgevers kunnen rekenen op boetes die kunnen oplopen tot duizenden euro's, uitzendbureaus moeten beter opletten anders wordt hun vergunning ingetrokken, de Koppelingswet wordt scherp nageleefd en in het huurrecht is de bepaling opgenomen dat illegalen officieel geen huis kunnen huren. Daarnaast moeten vreemdelingen zonder verblijfsvergunning na aanhouding consequent Nederland worden uitgezet.

Ook daarin ziet iets dubbels. Het kabinet zegt grote behoefte te hebben aan migranten om de vergrijzing te kunnen financieren. Alleen zijn de illegalen daarvoor minder geschikt, omdat ze vaak niet over voldoende opleiding beschikken. Het bedrijfsleven heeft vooral behoefte aan hoogopgeleide kennismigranten. Volgend jaar moet dit nieuwe migratiebeleid in de steigers staan.

In de afgelopen jaren is de capaciteit voor het uitzetten van vreemdelingen en uitgeprocedeerde asielzoekers fors uitgebreid. Er zijn vertrekcentra opgezet, uitzetcentra en huizen van bewaring voor illegale criminelen.

De capaciteit was 1100 plaatsen maar in 2007 moeten dat er rond de 2000 zijn, met daarnaast nog enkele honderden extra plaatsen voor uitgeprocedeerde asielzoekers. Waar in 2003 diverse gemeenten zich nog verzetten tegen het 'harde' beleid van Verdonk zijn nu in gemeenten als Ter Apel, Zeist, Rotterdam, Heerhugowaard, Roermond en Schiphol centra gebouwd voor het tijdelijk opsluiten en uitzetten van vreemdelingen die hier niet mogen blijven. Ze leveren werkgelegenheid op.

Er speelde ook nog een ander probleem: de vele aanhoudingen van bolletjesslikkers op Schiphol. Dit zorgde voor een overbelasting van gevangenissen en rechtbanken. Het linea recta naar huis sturen van deze verdachten met een dagvaarding ging de Tweede Kamer te ver. Drugssmokkelaars moeten achter de tralies. Daarvoor werden op Schiphol en Zeist extra cellen gebouwd. Een deel van de drugskoeriers is illegaal.

De hoge hekken er om heen, het prikkeldraad, de cellen binnen, de bewakers -ze benemen het burgerlijke Nederland het zicht op een harde werkelijkheid. Daar verblijven uitgeprocedeerde asielzoekers, alsmede gewone illegalen, bolletjesslikkers en criminele vreemdelingen in afwachting van hun uitzetting. Er zitten drugsverslaafden bij, berustende mensen, agressieve types, mensen van wie hun wereld is ingestort omdat ze terug moeten en doorgewinterde illegalen die weten hoe ze hun uitzetting moeten frustreren. Sommigen zijn onder tien verschillende namen bekend. Ambassades nemen deze mensen niet makkelijk terug. Deze uitzichtloze situatie zorgt voor een potentieel explosief mengsel, dat door de bewaking in goede banen moet worden geleid.

Eindstations van Fort Europa vormen twee uit de grond gestampte prefab-noodvoorzieningen: de uitzetcentra Schiphol-Oost en Rotterdam Airport. Wie daar zit weet dat een vliegtuig wacht. Het gemiddelde verblijf duurt gemiddeld tien dagen, maar er zijn er bij waarbij dat uitzetten niet lukt. Die worden na gemiddeld zes maanden weer op straat gezet. Dat is de termijn die rechters aanvaardbaar achten voor het achter slot en grendel zetten van mensen om andere redenen dan een gevangenisstraf.

De elf doden -wat de oorzaak van de brand ook is- vormen een tragisch symbool van een uitzettingspraktijk waar in de politiek grote steun voor is. Daarin staat Nederland niet alleen. Frankrijk kende zijn vluchtelingenkamp Sangatte bij Calais, waar vluchtelingen en politie met elkaar op de vuist gingen. Het kamp is nu gesloten, maar in de straten leven groepjes Somaliërs, Soedanezen, Afghanen en Koerden die dromen van een geslaagde vlucht naar Groot-Brittannië. Het kabinet houdt er rekening mee dat de komende jaren ten minste 50000 illegalen per jaar het land uit moeten -op wat voor manier dan ook.

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />