Over schoolboeken is veel te doen; ze zijn duur en ze zijn zwaar. Wat veel mensen vergeten, is dat ze het werk voor leraren er ook niet leuker op maken.
Dure schoolboeken zijn veel ouders al jaren een doorn in het oog, en terecht. Logisch dus, dat na de ChristenUnie nu ook CDA en PvdA kiezen voor gratis schoolboeken in het hele leerplichtig onderwijs.
Onderwijs aan leerplichtige kinderen hoort gratis te zijn: een kind moet van de overheid naar school, dus moet de overheid die kosten dragen. In werkelijkheid zijn ouders vooral aan schoolboeken in het voortgezet onderwijs honderden euro’s per jaar kwijt, zelfs als een school met een boekenfonds tracht de kosten te drukken. Het was te verwachten dat een politieke meerderheid, na het schrappen van het lesgeld voor 16- en 17-jarigen, besloten heeft om schoolboeken voortaan voor rekening van scholen te brengen. Zij zullen daartoe een vergoeding moeten ontvangen. Anders dan het schrappen van het lesgeld, kan dit voorstel veel meer betekenen dan lastenverlichting voor ouders.
Schoolboeken zijn veel meer dan duur voor ouders en zwaar voor kinderen. Sinds de invoering van basisvorming, studiehuis en vmbo, toen veel geld beschikbaar kwam om nieuwe, passende onderwijsmethoden te produceren, zijn schoolboeken zeer gedetailleerd opgezet. Voorzien van vele illustraties, uitgebreide instructies en bijbehorende werkboeken, ontnemen zij menig leraar de lust of de mogelijkheid om nog zelf aan de slag te gaan met het ontwikkelen van lesmateriaal.
Er zijn leraren die dat prima vinden. Maar er zijn er ook, die zich door deze peperdure, sterk gestructureerde boeken gedegradeerd voelen tot een lesboer, of een uitvoerder van de onderwijsmethode. Op menige school is de druk om het boek op de letter te volgen groot. Ouders betalen er immers fors voor, en het boek is toch zo goed opgezet? Bovendien draaien leraren zoveel lesuren (Nederlandse leraren staan de meeste uren voor de klas van alle EU-lidstaten), dat zij tijd noch energie hebben om zelf lesmateriaal te ontwikkelen. Zo is een vicieuze cirkel ontstaan: leraren maken hun materiaal niet meer zelf, omdat ze geen tijd hebben; omdat de schoolboeken zo goed zijn, kunnen leraren wel veel uren voor de klas.
Gevolg: voor steeds meer leraren is de creatieve en intellectuele uitdaging van het vak er goed af. Leraren zijn hoog opgeleide professionals, die zich snel gefrustreerd gaan voelen als zij slechts mogen uitvoeren. Er is te weinig ruimte om toe te komen aan het hart van het leraarsvak: zelf uitwerken van de beste manier om kinderen de nodige kennis bij te brengen. Dat is slecht voor de status van het vak, en het jaagt de meest creatieve, ondernemende leraren het eerst weg. Dat kan ons land zich niet meer veroorloven, nu het tekort aan leraren explosief groeit. Vooral academici passen voor een loopbaan als leraar. Als dat niet snel verandert, stevent Nederland af op een rampzalige vrije val van de kwaliteit van ons onderwijs.
Het moet én kan anders. Dat bewijzen ervaringen in het vmbo. Bij de start van het vmbo, kondigden educatieve uitgeverijen aan dat zij niet van plan waren onderwijsmethoden te ontwerpen voor de beroepsgerichte leerwegen van het vmbo. De reden: de doelgroep was te klein om schoolboeken winstgevend te kunnen maken. Voor veel leraren in het vmbo bleek deze nood een deugd. Zij moesten zelf aan de slag om lesmateriaal te ontwerpen. Het gevolg is dat op tal van deze scholen onderwijsvernieuwingen van onderop zijn ontstaan. Veel leraren herwonnen er het pure plezier in hun vak, en de methoden zijn nu ten behoeve van de leerlingen.
Het gratis maken van schoolboeken voor ouders kan ook in de rest van het voortgezet onderwijs zo’n mooie kans betekenen. Daarvoor is het wel nodig dat de minister van onderwijs afspraken gaat maken met schoolbesturen en organisaties van onderwijspersoneel, om het geld dat scholen krijgen voor schoolboeken ook te besteden aan meer tijd en ruimte voor leraren. Minder uren voor de klas, meer mogelijkheden om lessen zelf vorm te geven. Als leraren zo weer de kans krijgen hun eigen lesmateriaal te ontwerpen, zijn die peperdure, gedetailleerde schoolboeken helemaal niet meer nodig. Educatieve uitgeverijen kunnen dan volstaan met halffabrikaten, waar leraren zelf maatwerk van maken.
Politieke partijen die kiezen voor deze aanpak, slaan twee vliegen in één klap. Geen dure boeken meer, en een aantrekkelijker, uitdagender vak voor de leraar. Dat is toch een veel mooier perspectief dan simpelweg met belastinggeld de winstmarges van educatieve uitgeverijen spekken.
Marleen Barth is voorzitter van de Onderwijsbond CNV.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.